Servië hanteert dinarkoers als politiek wapen

BELGRADO, 16 AUG. De Joegoslavische deelrepubliek Servië heeft in navolging van de republieken Slovenië en Kroatië de dinar gedevalueerd met omstreeks 40 procent.

De devaluatie wordt beschouwd als een directe aanval op de economische politiek van de federale regering onder leiding van premier Ante Markovic.

Als nieuwe koers voor de dinar gaven Servische banken gisteren 22 dinar per D-mark op, omstreeks vier cent per dinar. De federale banken bleven echter vasthouden aan de officiële koers van omstreeks zeven cent per dinar. Sloveense en Koratische banken hebben al eerder dergelijke stappen genomen. De introductie van "zwarte markt-koersen' voor de dinar wordt beschouwd als een zware slag voor het economische beleid van premier Markovic, dat gebaat was bij een lage dinarkoers. De deelrepublieken zeggen echter eensgezind dat de officiële dinarkoers “kunstmatig” was. Zij hopen met de nieuwe koers zelf op korte termijn buitenlandse deviezen te verwerven, waaraan door de oorlogshandelingen groot gebrek is. Door de opstelling van de deelrepublieken kan de federale staat steeds minder controle uitoefenen op de economie van de deelrepublieken.

De onderdirecteur van de Joegoslavische centrale bank, Branko Dragas, heeft de koerswijziging “illegaal” genoemd. Hij zei te verwachten dat deze de inflatie - die nu 120 procent per jaar bedraagt - kan opstuwen tot 2.500 procent, een getal dat ook in 1989 werd bereikt.

In een open brief aan de in Belgrado gepubliceerde krant Borba schrijven de verenigde Joegoslavische Kamers van Koophandel, dat de “kreupele economie de gijzelaar van de politiek” geworden is. Volgens de vereniging zijn de minimale voorwaarden - zoals goederenverkeer en het onderhouden van zakelijke contacten - voor een gezond economisch systeem nu weggenomen. Zij schrijven dat het water de Joegoslavische economie tot de lippen reikt, nu grote delen van de werkende bevolking onder de wapenen zijn en inkomsten door buitenlandse investeringen en de vitale toeristenindustrie zo goed als weggevallen zijn. Het bestand dat sinds vorige week woensdag van kracht is tussen Servische opstandelingen en de Kroatische militie is vannacht opnieuw geschonden. Drie burgers zouden bij een mortierbeschieting zijn omgekomen.

Gisteren werd een groep van 85 Kroatische en Servische krijgsgevangenen vrijgelaten, een grote groep van omstreeks 70 nabij Osijek en een kleine groep in de Krajina, in het zuidoostelijke deel van Kroatië. De vrijlating geschiedde onder supervisie van het federale leger. Het totaal aantal vrijlatingen ligt daarmee boven de 200.

Hoewel het bestand grotendeels wordt nageleefd heeft de federatie van Joegoslavische verkeersvliegers gisteren alle vluchten naar Kroatië “onveilig” verklaard en de aanbeveling gedaan ze te staken. (AP, Reuters, AFP)