Polen en Duitsland

In de rubriek "TV vooraf' (NRC Handelsblad, 14 augustus) noemt Sjoerd Hesselbach een aantal gevallen van "sjoemelen' in de Aktua special "Het Grote Heimwee'.

Met de stukken over het verdrag van Potsdam onder handbereik meldt hij dat Churchill niet voor de verdrijving van de Duitsers uit de Oder- Neisse-provincies was. Inderdaad, tijdens deze conferentie had de Britse premier zijn aanvankelijke standpunt al gematigd. Maar getuige zijn rede in het Lagerhuis op 15 december 1944 wordt hij als de geestelijke vader van de verdrijvingen beschouwd. Hij stelde toen de totale verdrijving van de Duitse bevolking uit de oostprovincies voor, hetgeen later voor Stalin en het Poolse bewind bij de feitelijke verdrijvingen voortdurend een legitimatie is geweest.

Over de in het programma getoonde verzoening tussen Polen en Duitsers over het katholieke geloof brengt Hesselbach te berde dat het grootste gedeelte van de Duitsers uit het Oosten Luthers was. In principe is dit correct, maar de door ons geregistreerde verzoeningsbijeenkomst werd gehouden in Opper-Silezië dat zowel onder Duits als Pools beheer de laatste eeuwen grotendeels katholiek is geweest en juist daarom zo'n goede mogelijkheid voor verzoening biedt.

Tenslotte vraagt Hesselbach zich af waarom gesuggereerd wordt dat na 1945 Duitse kerkhoven "verpoolst' zijn. Hij had in de uitzending alleen een “verpoolst monument gezien, geen graf dus”. In de documentaire wordt echter een aantal weggewerkte Duitse graven getoond op het kerkhof van het voormalige Ulbersdorf in Silezië, en het genoemde monument. Als argument dat ook deze informatie niet kan kloppen, meldt Hesselbach dat hij zelf onlangs nog in een kathedraal in Polen was met daarin oude Duitse zerken. De uitzondering bevestigt de regel. Wie in de voormalige Duitse oostgebieden op zoek gaat naar sporen van vóór 1945, moet de kerkhoven overslaan, met uitzondering van de enige goed geconserveerde begraafplaats, het Jüdische Friedhof in Wroclaw (Breslau).