Plaatjes

Over Winckelmann, de grote woordvoerder van het classicisme, gaat het verhaal dat hij, in de Alpen op weg naar Italië, de gordijnen van zijn reiskoets dichttrok: die misgeboorte van de natuur, en nog wel gotisch in de spitse lijnvoering, kon hij niet verdragen.

Nu raken toeristen niet uitgekeken op Mönch, Eiger, Jungfrau; het lijkt wel een plaatje, zeggen ze. Het hooggebergte, met zijn kloven en rotsen en schaduwen, is ons meer dan honderdvijftig geleden lekker gemaakt door de Romantiek die overigens ook de Neogotiek heeft voortgebracht. Ook natuurlandschappen zijn aan esthetische interpretatie onderhevig - maar het verbazende is dat plekken die algemeen woorden mooi gevonden, en waar toeristen met bussen heengevoerd worden, zoals Siena of de heuvels van Vézelay, ook echt prachtig zijn.

Bij eerdere bezoeken aan Ierland had ik al gehoord dat Glendalough, de vallei van de twee meren in de Wicklow Mountains, nog geen uur rijden van Dublin, ook zo mooi was. Niet alleen het dal zelf, maar ook de ruïnes van een klooster, in de zesde eeuw gesticht door Sint Kevin, een heilige die zo lang kon mediteren dat ooit tijdens dat stilzitten een vogel in zijn haren een nest bouwde. Uit snobisme was ik er echter nooit heengegaan, zoals ik ook pas een jaar geleden op het eiland Marken was. Nu logeerden we op een steenworp afstand dus moest het maar gebeuren.

Het was inderdaad mooi - tenminste als men niet op de vele toeristen lette die tussen de ruïnes rondscharrelden en nadat men de parkeerplaats, de picknickweide en het ”interpretative centre' achter zich gelaten had. De ruïnes waren eerder ontroerend dan mooi: kleine kerkjes van grijze steen met een minimum aan versiering, primitief en streng. De overgave en het versterven waren nog voelbaar. Adembenemend was het echter pas om aan de oever van het grootste, langwerpige meer te staan. Links en rechts hellingen met bossen. Hoger en verder weg, waar de vallei zich sluit, waren de bergen kaler en anders van kleur, niet meer groen maar bruin en donker grijsgroen. Grijze wolken en het water bijna zwart. Een plaatje dus - of liever, in die vreemde, stijve ordening en koele kleur, een schilderij van Munch. Er was niets fragmentarisch, niets impressionistisch aan dit uitzicht. Er was aarde en water en lucht, in een stille balans - en ik bedacht dat het die overzichtelijkheid was die het landschap daar zo gaaf en aantrekkelijk maakte. Op dezelfde manier is de Campo van Siena het beeld van een Toscaanse stad. Het was werkelijk de perfecte samenvatting van de beroemde Wicklow Mountains. Alles wat de toerist dacht te willen zien werd hem geboden, moeiteloos en in één oogopslag.