Buitenlanders laten het afweten in ex-DDR

BERLIJN, 16 AUG. Niet-Duitse investeerders spelen vrijwel geen rol in de privatisering van de staatsbedrijven in de voormalige DDR. Van de tot nog toe verkochte bedrijven heeft slechts 4 procent een buitenlandse eigenaar gekregen.

Dit blijkt uit cijfers die gisteren zijn gepubliceerd door de Treuhandanstalt, de instelling die is belast met de privatiseringsoperatie, de grootste in de wereldgeschiedenis. Van de 2.986 ondernemingen die eind juli waren verkocht, kwamen er maar 115 in buitenlandse handen.

De Treuhandanstalt is in mei een campagne begonnen om buitenlandse investeerders te interesseren. Dat gebeurde mede naar aanleiding van kritiek dat de instelling Duitse bedrijven zou bevoordelen. Lucratieve sectoren in de vroegere DDR - bankwezen, detailhandel en verzekeringen - zijn inmiddels volledig in handen van Westduitse ondernemingen.

De presidente van de Treuhand, Birgit Breuel, is in juli naar Tokio gegaan om te praten met Japanse investeerders. Ze wil in september een bezoek brengen aan de Verenigde Staten. De Duitse minister van economische zaken, Jürgen Möllemann, die eveneens plannen heeft om de vroegere DDR in de VS aan te prijzen, heeft deze week verklaard dat buitenlandse investeerders “meer dan welkom” zijn. Maar hij moest toegeven dat hun betrokkenheid nog steeds “onbevredigend” is.

De Amerikaanse Kamer van Koophandel noemde onlangs als belangrijkste belemmeringen de infrastructuur in de vroegere DDR, de bureaucratie en het ingewikkelde karakter van de procedures van de Treuhand. “De Duitse regering en de Treuhandanstalt moeten meer belang toekennen aan de communicatie met buitenlandse investeerders”, aldus de Amerikaanse instelling in een verklaring.

Zwitserland heeft tot nu toe 21 bedrijven in de DDR opgekocht en is daarmee de grootste buitenlandse investeerder. Daarna komen Frankrijk (14), Oostenrijk (10), Zweden (9) en Groot-Brittannië (8). De 115 bedrijven die in buitenlandse handen kwamen, werden gekocht door 84 investeerders. Het totale aantal privatiseringen tot eind juli heeft 11,6 miljard mark (13 miljard gulden) opgebracht. Met de nieuwe eigenaars zijn investeringsgaranties overeengekomen tot een bedrag van 67,8 miljard mark (76,4 miljard gulden). Daarvan komt 4,4 miljard mark (6,5 procent) voor rekening van buitenlandse investeerders. (Reuter)