Zuidlanders

Het zij mij vergund enkele kritische aantekeningen te plaatsen bij het door Marion Peters geschreven artikel "Zuidlanders op bestelling' verschenen in NRC Handelsblad van 6 augustus.

De tekst berust voor een belangrijk gedeelte op gegevens ontleend aan Cornelis de Bruin, Reizen over Moscovië, door Perzië en Indië. Amsterdam 1714. De bijgevoegde afbeelding van een met boog en pijlen gewapende man is een van de vele door De Bruin zelf getekende illustraties waaraan dit prachtige boek rijk is. In het onderschrift onder de paginagrote plaat wordt de man als Zuidlander aangeduid en deze term wordt door De Bruin ook gebruikt in het toelichtende tekstgedeelte (p. 364).

Deze aanduiding was voor Peters aanleiding te stellen dat het hier gaat om een Aboriginal, een inwoner van het grote Zuidland zoals Australië aan het eind van de zeventiende eeuw wel genoemd werd. Hier is echter sprake van een misvatting. Het is namelijk uitgesloten dat we in deze voorstelling te maken zouden hebben met een Aboriginal omdat pijl-en-boog in Australië onbekend waren. De traditionele wapens van de oorspronkelijke bewoners waren speer met speerwerper of werphout, dat als een verlengstuk van de arm fungeerde, knots, schild en boemerang. De afgebeelde man is onmiskenbaar een Papoea, in feite de eerste afbeelding naar het leven van een Papoea die ons is overgeleverd (zie hiervoor P.H. Pott, Naar wijder horizon. Kaleidoscoop op ons beeld van de buitenwereld. 's-Gravenhage 1962, p. 40-41). De boog met de reservepees langs het booglichaam en de diverse pijltypen zijn zo zorgvuldig en gedetailleerd weergegeven dat een deskundig beheerder van Nieuw-Guineacollecties ze kan herkennen als afkomstig uit het noordwestelijk kustgebied.