Volmac schrijft geschiedenis met afstoten dochterbedrijf

ROTTERDAM, 15 AUG. Automatiseringsbedrijf Volmac schrijft ondernemingsgeschiedenis. De op zich winstgevende holding stoot "gewoon' de verliesgevende Utrechtse dochteronderneming Instituut voor Computer Software af (ICS). De 250 personeelsleden komen daarmee in een dwangsituatie. Deze week dreigt al uitstel van betaling. Wordt het uitstel omgezet in faillissement dan zijn zij hun baan kwijt.

Directeur J. van den Berg van ICS heeft een alternatief: een door Volmac gefinancierde management buy-out. Van den Berg heeft becijferd dat ICS in 1992 weer quitte kan draaien, wanneer nu de helft van de 250 medewerkers vertrekken.

Heel vriendelijk zegt de Volmac-directeur B. Brix dat “een voorwaarde is dat het hele personeel meewerkt”. Hij bedoelt daarmee dat er 125 personeelsleden vrijwillig moeten vertrekken. Van den Berg bevestigt dat. “Het komt er op neer dat er geen geld is voor een sociaal plan”.

Daarmee lijkt Volmac een droom te vervullen voor geplaagde directieleden: miskopen in één keer afstoten. In het laatste jaarverslag van Volmac staat: “Het management beschouwt de medewerkers als mede-ondernemers.” Dit mede-ondernemer-zijn krijgt nu een dreigende klank: even vogelvrij als de zelfstandige ondernemer.

Een van de voordelen van een holding is normaliter risicospreiding: verliezen van de ene dochteronderneming kunnen soms worden opgevangen door andere winstgevende dochters en soms vice-versa. Als een holding alleen incasseert in het geval dat de dochter winst maakt en bij verlies niet uitbetaalt, lijkt de holding meer op een bank. Van banken wordt immers wel eens gezegd dat ze altijd klaar staan met de paraplu totdat het regent.

Volmac kan als belegger opereren door de zogenoemde "403-verklaring' bij de kamer van koophandel niet te tekenen. Vrijwel alle dochterondernemingen van grotere concerns hebben wel zo'n verklaring. De dochters zijn met een dergelijke verklaring vrijgesteld van het deponeren van jaarrekeningen, omdat de moederonderneming zich garant stelt voor de schulden en verplichtingen.

Volgens directeur Brix van Volmac hebben alle andere dochterondernemingen van Volmac wel zo'n verklaring gekregen. “Het is echter beleid van Volmac dat wij bij een nieuwe aankoop pas na een paar een 403-verklaring tekenen”, aldus Brix.

Wanneer een werknemer weet dat hij als zelfstandige wordt behandeld, kan hij andere zekerheden zoeken. De vraag is of de werknemers van ICS van hun onzekere toekomst op de hoogte zijn geweest. ICS-directeur J. van den Berg deelt zelf korzelig mee dat hij in oktober zijn baan bij NCR Computers heeft opgegeven voor een baan bij Volmac. “Maar laten wij mijn persoonlijke situatie er buiten houden”, bitst Van den Berg. Volmac-directeur Brix: “Ik kan mij voorstellen dat de heer Van den Berg een ander verwachtingspatroon heeft gehad”.

De directie van Volmac ontrekt zich met het bedenken van een sterfhuis voor de dochter gemakkelijk aan haar verantwoordelijkheid. De aankoop is verricht onder verantwoordelijkheid van de toen alleen de scepter zwaaiende Volmac-directeur G.G. Dohmen. Zijn nieuwe collega Brix probeert zorgvuldig de schuldvraag te ontwijken: “Wij hadden een andere indruk van het bedrijf toen wij het kochten. Wij hebben niet de indruk dat wij belazerd zijn, maar de gegevens zijn verkeerd geïnterpreteerd, dat kan zowel aan de verkoper als aan de koper liggen”. Als toezichthouder had Volmac ook een taak. Met de conclusie van de Volmac-directie dat ICS “te versnipperd, te veel overhead en een te onevenwichtige kostenstructuur” heeft, geeft de Volmac-directie ook een oordeel over zichzelf.