Maassen leidt na zege in tijdrit van profronde

RAALTE, 15 AUG. De individuele tijdrit in de Profronde van Nederland heeft Frans Maassen gisteren de dagprijs en de leiderstrui opgeleverd. De Limburger draaide op de Overijsselse wegen zo'n hoog tempo, dat concurrenten als Cordes, Nijdam en Ludwig respectievelijk twintig of meer seconden moesten toegeven. Erkende specialisten als Breukink, LeMond en Fignon moesten minuten inleveren, maar alleen de eerste vond dat teleurstellend.

Maassen is de man van de maand augustus, zoals hij het zelf zegt. “Ik fiets elk jaar goed in die maand. Ik weet niet precies waarom. Waarschijnlijk rijden de anderen na de Ronde van Frankrijk minder en blijf ik op mijn niveau.” De winnaar van de Amstel Gold Race kwam hoopvol uit de Tour, die voor hem in de beginfase op een drama leek uit te lopen. De krachten van Maassen werden gesloopt door een ongrijpbare ziekte. Hij kon nauwelijks mee, maar werd door zijn ploeggenoten op sleeptouw genomen. Tot het herstel plotseling inzette.

In de Profronde maakten de tijdrijders gisteren in Raalte weer kennis met de de oude Maassen. De 43 kilometer over Overijsselse landweggetjes waren bedoeld om de top van het klassement uiteen te slaan. De wens van de organisatie werd een klein beetje ingewilligd. Zeven renners hielden op de eenzame tocht de achterstand op Maassen tot minder dan een minuut beperkt. De top-drie van de algemene rangschikking na de ochtendrit, die door Maassens ploeggenoot Veenstra werd gewonnen, verwisselde in de vroege avonduren van plaats. De verschillen bleven echter miniem.

Nijdam en Ludwig gaven respectievelijk 23 en 24 seconden op de winnaar toe en mogen nog steeds denken aan de eindoverwinning, die zaterdag te verdienen valt in de Limburgse heuvels. “De verschillen zijn inderdaad nog gering”, meende Maassen, die zijn zinnen eigenlijk op de komende wereldbekerwedstrijd in Zürich had gezet. Zijn goede klassering doorkruisen zijn plannen voor zondag niet. “Het is misschien wel goed vlak voor het wereldkampioenschap nog twee keer diep te gaan.” (ANP)