Handel in conventionele wapens daalt

STOCKHOLM, 14 AUG. De handel in conventionele wapens is vorig jaar met 35 procent verminderd tot 21,7 miljard dollar. Tot 1995 wordt een verdere vermindering met 15 tot 30 procent in de internationale wapenverkopen verwacht. Dit heeft het Stockholm International Peace Research Institute (SIPRI) bekendgemaakt in zijn jaarrapport.

Na 40 jaar forse groei van de defensiebudgetten in de meeste landen dalen de militaire uitgaven nu voor het vierde achtereenvolgende jaar door de hervormingen in Oost-Europa, de ontspanning en de wapenakkoorden tussen Oost en West. In totaal bedroegen alle militaire uitgaven in 1990 nog 950 miljard dollar. De laatste 25 jaar was in de totale uitgaven per saldo sprake van een groei van 70 procent.

Het SIPRI verwacht dat de Verenigde Staten, de Sovjet-Unie en West-Europa dit jaar hun militaire aankopen gezamenlijk met 5 procent zullen verminderen. De Sovjet-Unie en de VS - die samen 60 procent van de militaire uitgaven in de wereld voor hun rekening nemen - hebben vorig jaar respectievelijk 10 en 6 procent minder aan wapens uitgegeven.

In sommige landen wordt de wapenproduktie ingekrompen tot een marginale industriële sector. De Zweedse militaire industrie heeft plannen gelanceerd om haar personeel met ten minste 24 procent te verminderen en Argentinië heeft een rakettenproject stopgezet. Ook Nederland kreeg te maken met de verminderde vraag, waardoor de kruitfabriek in Muiden dicht moest.

Een Amerikaanse studie heeft uitgewezen dat de Golfoorlog, waarbij het modernste wapentuig grootscheeps werd ingezet, de crisis in de wapenindustrie die eind jaren tachtig inzette niet in substantiële mate zal verminderen. Volgens het SIPRI-jaarrapport “nadert de enorme Amerikaanse wapenindustrie snel een situatie die zal leiden tot grote, structurele veranderingen en een verdere inkrimping.”

Fabrikanten en overheden in een groot aantal landen staan bij de omschakeling van de wapenindustrie voor immense problemen. De nieuwe Tsjechoslowaakse regering verklaarde na de democratische revolutie in Praag van 1989 dat zij de wapenproduktie, die jaarlijks voor 25 tot 50 procent van de deviezeninkomsten zorgde, wilde beëindigen. Inmiddels heeft president Havel toestemming gegeven voor de export van tanks naar Syrië en raketlanceerinstallaties naar Iran, omdat onvoldoende vervangende werkgelegenheid voor de 80.000 werknemers betrokken bij de produktie van wapens kon worden gevonden.

Japan is volgens het SIPRI een van de weinige landen die nog een uitzonderingspositie innemen. Het relatief lage niveau van de Japanse militaire uitgaven nam gestaag toe van 20,6 miljard dollar in 1981 tot 30,5 miljard in 1990 en zal de komende jaren nog enigszins stijgen. Landen in het Midden-Oosten namen vorig jaar met 161 miljard dollar ruim 60 procent van de wapenaankopen voor hun rekening en Saoedi-Arabië, dat zich opmaakte voor de oorlog tegen Irak was de belangrijkste importeur met 2,5 miljard aan aankopen.

India was twee jaar geleden de grootste wapenimporteur en gaf in een periode van vijf jaar tot 1989 17,4 miljard dollar uit aan defensie-inkopen. Vorig jaar is de Idiase wapenimport verminderd tot een waarde van 1,5 miljard dollar. (AP)