Cyprus als commandopost in het Midden-Oosten

Alle brandhaarden in het Midden-Oosten kunnen voortaan vanuit Cyprus gedoofd worden. De Verenigde Staten van Amerika willen op dit eiland in de Middellandse Zee een snelle interventiemacht van tienduizend militairen stationeren. Vanuit Cyprus kunnen het zich ontwikkelende Koerdistan en de toekomstige Palestijnse staat begeleid worden. President Bush kan zich daarbij geen sluimerend oorlogje tussen de Grieks-Cyprioten en Turks-Cyprioten achter zijn rug permitteren.

Volgende maand beginnen de besprekingen in New York. De secretaris-generaal van de Verenigde Naties, Javier Perez de Cuellar heeft zich persoonlijk beschikbaar gesteld als voorzitter van de conferentie. De machtsverdeling op het eiland moet dan definitief worden vastgelegd. De actieve Amerikaanse bemoeienis werkt als een katalysator op de standpunten. Cyprus heeft weliswaar geen olie te bieden, maar kan zichzelf als strategische locatie verkopen. Dat de Turks-Cyprioten het onderspit zullen delven lijkt onafwendbaar. De vraag is hoeveel compensatie zij en de hen steunende Turkse regering zullen krijgen om het "verlies' waardig te kunnen dragen. Hoe liggen globaal van noord naar zuid de posities voor het "laatste' gesprek over de Cyprus-kwestie?

President Turgut Özal van Turkije vindt in president Bush een invloedrijke pleitbezorger voor de Europeanisering van Turkije. Hij wil graag met Amerika goede vrienden blijven. Turkije snakt naar toetreding tot de Europese Gemeenschap. Officieel besloot de EG in 1989 dat het nog te vroeg was om met Turkije te gaan onderhandelen over het lidmaatschap. De industrie is in Turkije nog te veel beschermd, de sociale bescherming uiterst zwak en de landbouw te dominant. Het inkomen per hoofd van de bevolking is ongeveer eenderde van dat in de EG en de werkloosheid van achttien procent is te hoog. Ook wat betreft politieke en democratische ontwikkelingen is Turkije nog niet rijp bevonden. Turkije wil zijn bezettingsmacht op Noord-Cyprus terugtrekken, omdat hij die ook nodig heeft langs de oostgrens met Irak om de Koerden van het lijf te houden. De Amerikanen moeten de Turks-Cyprioten afdoende beschermen tegen de dreigende Grieks-Cypriotische overheersing. Turgut Özal zal daartoe zijn persoonlijke vriendschap met de Turks-Cypriotische "president' van de Turkse republiek van Noord-Cyprus, Rauf Denktash, moeten opofferen.

Griekenland steunt moreel en fysiek de sterke oriëntatie van Cyprus op het "moederland'. Het streven naar volledige aansluiting (Enossis) zal zij loslaten wanneer aartsvijand Turkije de Grieks-Cypriotische suprematie erkent en volledige schadevergoeding garandeert voor de geconfisceerde bezittingen van de Grieks-Cyprioten. Het in 1989 aangevraagde volwaardige lidmaatschap van de EG voor Cyprus moet zo snel mogelijk zijn beslag krijgen. Griekenland staat daarin sterk omdat het Europees Parlement in 1985 de bezetting door Turkije als "illegaal' bestempelde. Ook de Navo-partners dringen aan op een normalisering van de gespannen verhouding tussen Griekenland en Turkije. Met een oplossing voor Cyprus zal ook een groot deel van het conflict tussen Griekenland en Turkije binnen de Nato over eilanden in de Egeïsche zee dichterbij kunnen komen.

De Grieks-Cyprioten in de republiek Cyprus weten zich over de hele wereld erkend als de legale regering. De Grieks-Cyprioten vinden het onvergeeflijk dat een buitenlandse macht, Turkije, een deel van het land bezet houdt. Zij kunnen vrede hebben met een internationale vredesmacht. Zij zijn dan bereid tot volledige ontwapening van de Nationale Garde. Verder eisen zij dat de bezittingen van de Grieks-Cyprioten in het bezette noorden moeten teruggegeven worden. Het steekt de Grieks-Cyprioten bijzonder dat er tienduizenden landloze Turken van het vasteland een permanente verblijfplaats is geboden in het noorden. Zij vormen daar een dankbaar kiezersleger voor president Denktash. Zelf wijzen de Grieks-Cyprioten hun gastarbeiders na twee jaar uit om te voorkomen dat zij de Cypriotische nationaliteit aanvragen.

De hotelwijk Varosha bij de havenstad Famagusta moet weer onder Grieks-Cypriotische invloed komen. Er moet opheldering komen over zo'n zestienhonderd als "vermist' opgegeven Grieks-Cyprioten. Zij weten dat de Amerikanen vinden dat de vermiste Grieks-Cyprioten wellicht tijdens de oorlogshandelingen in 1974 gesneuveld zijn. Bovendien waren zij zelf niet zachtzinnig in de behandeling van de Turks-Cyprioten. Op beide delen van het eiland kan men "massagraven' bezoeken uit de tijd van de actieve burgeroorlog. De Grieken willen weer een federatieve regering met een Grieks-Cypriotische president en een Turks-Cypriotische vice-president.

Noord-Cyprus staat onder zijn president Rauf R. Denktash in een volledig isolement. Alleen Ankara erkent de Turkse Republiek van Noord-Cyprus. Afgelopen jaar wankelde de economie van Noord-Cyprus toen de groot-investeerder Asil Nadir betrapt werd op speculatie met eigen aandelen. Zijn wijdvertakte Polly Peck concern, goed voor zo'n achtduizend banen in Noord-Cyprus, zorgde voor vijfendertig procent van het bruto nationaal produkt. Dankzij ingrijpen van Turkse banken kon voorlopig een volledig bankroet voorkomen worden en staat het concern onder curatele. De Noordcyprioten zijn er overigens vast van overtuigd dat de hele crisis veroorzaakt is door een complot van Grieks-Cyprioten. Om het arbeidstekort te dekken heeft Denktash tienduizenden Turken van het vasteland toegelaten. Zij vormen een dankbaar kiezerslegioen.

De Turks-Cyprioten willen erkend worden als volk dat gelijkwaardig in een confederatief verband met de Grieks-Cyprioten de regering vormt. Denktash wordt door zijn vriend Özal onder druk gezet om niet te veel op zijn status van "president' te leunen. De Turks-Cyprioten hebben hun buik vol van het superieure Grieks-Cypriotische gedrag. Haast met opzet hebben de Turks-Cyprioten de bezittingen van de Grieks-Cypriotische kerk op Noord-Cyprus verwaarloosd. Kerken worden veelal als geitestallen gebruikt. De Turks-Cyprioten zeggen dat zij het Griekse erfgoed willen koesteren, maar dat zij geen geld hebben voor adequate conservering. Het kwam zelfs tot een internationaal schandaal toen gestolen mozaïeken uit de in het noorden gelegen Kanakariakerk aangeboden werden aan het Paul Getty-museum.

De Turks-Cyprioten zijn bereid om de Grieks-Cypriotische hotelwijk Varosha nabij Famagusta terug te geven. Onlangs gaf ex-president van Turkije, Kenan Evren, toe dat de Turkse troepen per ongeluk Varosha innamen tijdens hun bezetting in 1974. Met opzet is toen Varosha als onderhandelingsobject behouden. De wijk is ontruimd en staat sindsdien als spookstad aan de kust, uitdagend in het zicht van de Grieks-Cyprioten.

Als de Amerikanen de Turken veiligheid garanderen zal de confederatie geen probleem zijn. Het noorden moet een aparte Turks-Cypriotische provincie blijven met een sterke Turkse inslag. Op Denktash wordt veel druk uitgeoefend om niet op zijn strepen te gaan staan. Met name staatssecretaris Baker heeft hier al schriftelijk op aangedrongen. President Bush "vergat' Denktash toen hij in Griekenland vooroverleg pleegde. Toch wordt Denktash voluit als vertegenwoordiger van zijn volk erkend.

Deze ronde langs de posities op Cyprus verschaft voldoende hoop op een spoedige oplossing van het hardnekkige Cyprus-probleem. De oplossing kan alleen bereikt worden wanneer alle partijen bereid zijn af te dalen in de gevoelens van de Grieks- en Turks-Cyprioten. Kern van de oplossing is dat een waardige "afgang' van president Denktash en zijn Turkse republiek van Noord-Cyprus gegarandeerd wordt.