Auto-stop

De roker heeft het pleit compleet verloren. Uit openbare gebouwen is hij al verbannen, en ik ken ten minste één school in Zuid-Holland waar de lerarenkamer door een scherm in tweeën gedeeld is: voor het scherm heerst de gezonde, frisse, levenslustige wereld van het Nederlandse onderwijs, er achter kunnen de laatste onverbeterlijken nog besmuikt hun enge gewoonte botvieren, om zo hun eigen uitsterven te bevorderen.

Rokers zijn op typisch calvinistisch-Hollandse manier gestigmatiseerd. Zoals men veertig jaar geleden tegen hokkers en ongehuwde moeders aankeek, met diezelfde blik beschouwt weldenkend Nederland nu de roker.

Dat calvinisme, daar hou ik niet van; maar afgezien daarvan zit er ontegenzeggelijk iets in, in al die antirookpropaganda. Niet omdat roken slecht voor de gezondheid is, dat geldt immers voor zo ongeveer alles dat het leven aangenaam maakt, en ook voor het meeste dat het leven kan verzieken trouwens. Het echte probleem is het ongewild meegenieten door de omgeving. Die heeft daar niet om gevraagd, en mag dan ook redelijkerwijs verlangen van rook verschoond te blijven. Dat is allemaal waar, maar toch pik ik het niet meer.

Want hoe gaat het? Al die gezondheidsbewuste types die zo in hun persoonlijke levenssfeer worden aangetast door mij shaggie, stappen vervolgens wel vlak voor mijn neus in hun geleasde Kadett, BMW of Golfje, om voordat ze de hoek om zijn al meer giftigs en kankerverwekkends uit te braken dan ik in een week tijd bij elkaar kan roken. Met een beetje geluk sneuvelt er onderweg ook nog een egel, scholier, of tegenligger. Kortom: wij rokers niet meer roken? Prima, op het moment dat degenen die dat van ons eisen hun auto de deur uit doen. Zo is er voor de overgebleven rokers nog een mooie taak weggelegd: het weer leefbaar maken van ons land en milieu door het autoverkeer flink te beperken.

De overheid zou ons daarbij een eind op weg kunnen helpen. Het valt niet te ontkennen dat de antirookcampagnes uiteindelijk zeer succesvol zijn geweest, en een soortgelijke aanpak van de auto ligt dus voor de hand. Allereerst geen reclame meer op radio en tv, en een verbod op randdebiele programma's als "de Heilige Koe' en "de Hoogste Versnelling' - een leuk neveneffect daarvan is dat alleen al door hun verdwijnen het gemiddeld niveau van de Nederlandse televisie met sprongen zou stijgen.

Verder moet op de achterkant van elke nieuwe auto een witte band van 100 bij 23 centimeter komen, met daarop een toepasselijke tekst, vast te stellen door de ministers van verkeer en van volksgezondheid. Over die tekst moet wel goed worden nagedacht, iets als "rijden bedreigt de gezondheid van u en uw buren' doet waarschijnlijk nog heel wat mensen naar de bank rennen om een onverantwoord hoge persoonlijke lening aan te vragen, ter bekostiging van een nieuw scheurijzer met zo veel mogelijk ongetemde paardekrachten. “Deze auto schaadt uw gezondheid en kan ernstig letsel en de dood veroorzaken,” lijkt me wel mooi. Dan moeten er spotjes komen van postbus 51 die de automobilist stevig wijzen op het asociale, laakbare, ouderwetse, vieze en gevaarlijke van zijn verslaving.

Naar schatting per 1 januari 2000 kunnen dan aan de randen van alle dorpen en steden bordjes "verboden voor auto's' verschijnen, en haalt de ANWB binnen de bebouwde kom alle wegwijzers weg. Vlak buiten de kom worden wat weilanden aangewezen waar de laatste onverbeterlijken nog wat rond kunnen scheuren. Op dat moment, beloof ik hier plechtig, stop ik eens en voor altijd met roken, en zal ik mij even fanatiek als elke ex-roker inzetten voor de bekering van andere rokers.