PvdA-leiding doet ultieme poging het tij te keren

DEN HAAG, 12 AUG. Terug uit Zwitserland, terug uit Italie, terug van de Oostzee, overgekomen uit Kerkrade, Leiden en Boxtel, troffen ze elkaar gisteren in het verlaten ministerie van financiën in Den Haag. PvdA-leider Kok, partijvoorzitter Sint, staatssecretaris Ter Veld van sociale zaken, fractievoorzitter Wöltgens, vice-fractievoorzitter Leijnse en vice-partijvoorzitter Castricum. “Om de klokken gelijk te zetten”, aldus Kok eufemistisch. In feite was het een ultieme poging nog enige greep te krijgen op de danig uit de hand gelopen ontwikkelingen in de partij naar aanleiding van de WAO-plannen van het kabinet.

Wat Kok in de nacht van 13 op 14 juli, nadat het kabinet zijn besluit had genomen, nog had bestempeld als “een evenwichtig en zakelijk pakket”, had binnen zijn eigen partij gefunctioneerd als een neutronengranaat. De gebouwen stonden er nog, maar het electoraat was weg.

De ene opiniepieling was nog dramatischer dan de andere: 22 zetels verlies, 28 zetels verlies. Op het partijbureau in Amsterdam stond secretaris Beck alleen nog maar mensen te woord die hun lidmaatschap wilden opzeggen. In de media verscheen de ene na de andere "PvdA-prominent' om de plannen te bekritiseren. In het land kwam het kader dat niet met vakantie was in opstand. Wisten de partijgenoten in Den Haag nog wel waar de PvdA voor diende te staan, sterker nog: voor was opgericht? En waar was de leiding van de partij eigenlijk?

Na ongeveer vier uur brainstormen op de kamer van Kok waren ze er gisteravond rond een uur of acht uit. Het eerste signaal richting partij en kiezers was dat de WAO-plannen nog eens zouden worden bekeken. De “scherpe kantjes”, daar gaat het dan om. Kok: “De beperking van de uitkeringsduur en dan nog meer in het bijzonder voor mensen die al in de WAO zitten of voor mensen die heel binnenkort in de WAO komen en voor mensen die geen ander alternatief hebben dan op die uitkering aangewezen zijn - ik zou graag willen kijken of we daar niet wat in kunnen verbeteren ten opzichte van wat nu voorligt.” Nieuw overleg daarover in het kabinet was volgens Kok noodzakelijk na de protesten. Vanzelfsprekend, want “een kabinet moet bereid zijn om op een open wijze met de samenleving om te gaan. Dat betekent open oor en oog voor alternatieven, ook voor bezwaren”. Kok had daarover al contact gehad met premier Lubbers en minister De Vries van sociale zaken. En hij “rekende” erop dat zijn collega's en de CDA-fractie bereid waren met de PvdA na te denken over de vraag hoe de plannen zouden kunnen worden bijgesteld.

Aldus PvdA-leider Kok. Minister van financiën Kok voegde eraan toe dat alternatieven wel dienen te passen binnen de randvoorwaarden van het kabinet: een beperking van het aantal WAO'ers en een kostenbeheersing in 1994 van 4,4 miljard gulden. Een bedrag waar Kok overigens niet over wil millimeteren. “U moet goed weten dat de bedragen allemaal met een klein korreltje zout moeten worden genomen want niemand kan dat tot op de laatste 50 of 100 miljoen berekenen. Het financiële plaatje moet ongeveer blijven kloppen.”

Dat was gisteravond het eerste deel van de zondagse boodschap. Het andere deel - bedoeld voor intern PvdA-gebruik - was echter minstens zo belangrijk. Hoe de schade te herstellen? Allereerst moest duidelijk worden gemaakt dat van nu af aan de leiding weer bij Kok berust en bij niemand anders. En terwijl de overige deelnemers van het beraad langs zijdeuren vertrokken, stond de partijleider annex vice-premier, annex minister van financiën, dan ook als enige de pers te woord. Natuurlijk was hij “teleurgesteld” door alle commotie, hij had niet verwacht dat “de stemming in het land zo snel zou omslaan van: er moet iets gebeuren in de WAO, naar: dit niet”. Maar voor “geknies” was nu geen plaats, het ging om “vastberadenheid”. Over de wijze waarop de weken na het kabinetsbesluit de communicatie binnen de partij was verlopen wilde hij dus eigenlijk niet meer zo veel zeggen. De gang van zaken “verdiende zeker niet de schoonheidsprijs, maar waar gehakt wordt vallen spaanders en hier zijn zeker spaanders gevallen”.

Hoe de onrust in de partij te bezweren? Dat was nu van het allergrootste belang. Nog steeds hing de dreiging van een extra partijraad boven de markt. De "partij-zeshoek' die gisteren op het ministerie van financiën bijeen was, had goede nota genomen van het interview dat het ANP vorige week had gehouden met ex-directeur J. van den Berg van het wetenschappelijk bureau van de partij. De huidige hoogleraar parlementaire geschiedenis geldt als kenner bij uitstek van de interne - vaak zo gevoelige verhoudingen - in de PvdA.

Van den Berg zei vorige week al dat het partijbestuur er verstandig aan zou doen een extra congres te organiseren. “Als de partij nu op een kruispunt van wegen staat, dan is er maar één orgaan dat bij uitstek geschikt is om daarover te oordelen en dat is het congres”, aldus de hoogleraar. Hij waarschuwde dat het bijeenroepen van de partijraad geen oplossing was. “De partijraad is het verkeerde platform. Het bestaat uit gewestelijke bestuurders en degenen die dat wel willen worden. Het zijn de apparatsjiks van de partij, die geen verantwoordelijkheid hebben ten aanzien van het landelijk beleid.”

Van den Berg schetste het scenario, Kok nam het gisteren over. Kortom, een buitengewoon partijcongres. “Met alle begrip en respect voor de partijraad, maar er is behoefte aan een breed debat over de plannen. Alle leden hebben het recht op deelname aan dat debat. En de partijleiding om er zich te verdedigen”, aldus Kok. Op dat congres zal wat hem betreft de WAO in een wat “breder kader, namelijk de plaats in het geheel van de sociale zekerheid moeten worden gezet”. Zelf zal hij er de nodige stukken voor aanreiken. Toekomstgericht met bescherming voor hen die het nodig hebben, maar ook meer eigen verantwoordelijkheid, daar gaat het om. “Een stelsel gericht op de sociale, culturele en economische doelstellingen van de jaren negentig”, aldus Kok.

Hij zei het er gisteren niet bij, maar dacht het waarschijnlijk wel. Er is minstens zo veel behoefte aan een stelsel waarbij de PvdA in het kabinet kan blijven. Na de jongste ellende hebben de PvdA-ministers ontegenzeggelijk behoefte aan een hernieuwd mandaat. Mooie beloften als koppeling blijken in de praktijk voor hen als molenstenen te hebben gefunctioneerd. Een nieuwe start, daar is behoefte aan. De legitimatie daarvoor moet van het congres komen.