Ook in Amsterdam broeit het

AMSTERDAM, 10 AUG. Ook in de hoofdstad voert de NS op dit moment met taxibedrijven besprekingen om de treintaxi te introduceren. Zowel de gemeente als de chauffeurs menen dat dat tot grote spanningen kan leiden. In het verleden heeft de Amsterdamse taxiwereld altijd fel gereageerd op mogelijke inbreuken op verworven "rechten'.

Of het nu ging over het rijden op vrije trambanen, plannen voor een experiment met theatertaxi's of problemen rond de Schiphol- en regio-taxi's, de Amsterdamse taxichauffeur is nooit wars geweest van enig blokkadewerk en tot nu toe heeft hij ook bijna altijd zijn zin gekregen. Tegelijk is de hoofdstedelijke taxiwereld een van de meest gereguleerde van Nederland. Er is bijvoorbeeld slechts één taxicentrale en taxi's mogen slechts volgens een bepaald rooster rijden, waardoor gegarandeerd wordt dat er ook op de stille uren nog voldoende taxi's in de stad zijn. De taxiwereld is echter weer zo verdeeld - de taxicentrale kent bijna iedere maand wel een bestuurswisseling - dat insiders spreken van een "klein Joegoslavië'. Dat het Amsterdamse taxibedrijf verbeterd moet worden ontkent ondertussen niemand. “Ik denk dat het taxibedrijf een heel strak beleid nodig heeft. Daaraan heeft het hier wel eens ontbroken,” meent mr. H.J. Grijpink, secretaris van het Openbaar Lichaam Taxivervoer Amsterdam en Zaanstreek. Het regionaliseringsproces dat nu gaande is verloopt dan ook moeizaam. Wethouder van verkeer R. ten Have (D66): “Het is een buitengewoon wankel evenwicht. En om in die toestand één partij eruit te nemen en daarmee zo'n enorm contract af te sluiten, zoals de NS doet, dat is de lont in een kruitvat steken.”

De angst voor nieuwkomers binnen de Amsterdamse taxiwereld heeft, naast psychologische oorzaken, ook een duidelijke economische achtergrond. Een volledige vergunning - legeskosten 1.000 gulden - kost op dit moment onder de toonbank 250.000 gulden en vooral beginnende "eigen rijders' staan sterk onder druk van de schulden die ze hebben gemaakt. De treintaxi, die "zomaar' een vergunning krijgt en die bovendien nog eens gesubsidieerd wordt, wordt dan ook met name door die groep als een oneerlijke concurrent beschouwd. Ook Ten Have is weinig gelukig met de manier waarop de NS in deze kwestie opereert. Ten Have: “Officieel weten wij van niets, we hoorden via-via dat ze ook hier bezig waren. Als je zoiets in die gecompliceerde Amsterdamse situatie wilt beginnen, dan neem je toch eerst met ons contact op?”