Nederlandse beleggers weg uit vastgoed VS

ROTTERDAM, 10 AUGUSTUS. De professionele Nederlandse beleggers in vastgoed hebben de Verenigde Staten de rug toegekeerd. Voor het eerst sinds jaren is het aantal voorgenomen investeringen teruggelopen.

Begin augustus hadden de beleggers 9,5 miljard dollar aan plannen in de la liggen, tegen 9,8 miljard dollar in het jaar ervoor.

In de periode van juli 1990 tot augstus 1991 werd er voor 300 miljoen dollar geinvesteerd, terwijl in de twaalf maanden daarvoor nog 1,8 miljard dollar in Amerikaans vastgoed werd gestopt. Dit blijkt uit een onderzoek dat het blad Vastgoedmarkt heeft uitgevoerd.

De teruggang blijkt hoofdzakelijk te komen doordat pensioenfonds PGGM zijn investeringsniveau in de Verenigde Staten drastisch heeft teruggebracht. Bovendien blijkt de grootste institutionele belegger van ons land, het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds, er niet in geslaagd te zijn om zijn beleggingsdoelstellingen voor Amerika te halen.

Het ABP wilde juist zijn Amerikaanse investeringen opvoeren. Het ABP heeft speciaal daarvoor een kantoor geopend in Boston, maar meldt dat er “relatief weinig in direct vastgoed in de VS is belegd”. Het ABP meent echter in de periode tot medio 1992 de prijzen zullen aantrekken, zodat het fonds de beleggingsdoelstelling kan realiseren.

Tot en met augustus heeft het ABP echter nog geen directe investeringen gedaan in kantoorpanden of winkelcentra. Er is alleen een participatie genomen in een vastgoedfonds en een converteerbare hypotheek genomen op een winkelcentrum.

Het ABP voert nu intensieve besprekingen met bouw- en projectontwikkelingsconcern Wilma voor activiteiten in de Verenigde Staten. Onlangs besloot het ABP de bouwopdracht voor het Haagse stadhuis aan Wilma te gunnen. In de markt werd toen gespeculeerd over compensatie-opdrachten. Wilma-woordvoerder Custers wijst er echter op dat er geen exclusief contract voor Amerikaanse investeringen is tussen Wilma en ABP.

Wilma ontwikkelt in de Verenigde Staten zeer kapitaalsintensieve bedrijvenparken bij vliegvelden in Atlanta, Californië en en Houston. Bovendien bezit het nog omvangrijke kantoren- en woningprojecten. Wilma zegt weinig te merken van het wegblijven van de Nederlandse beleggers. Het concern kon in de afgelopen periode nog een kantoor overdoen aan vastgoedfonds VIB.

Custers wijst er echter op dat Wilma veel samenwerkt met Amerikaanse beleggers, onder meer pensioenfonds Carpenters, waardoor een (tijdelijke) stagnatie van Nederlandse investeringen in de Verenigde Staten weinig gevolgen voor de Wilma-ontwikkelingen zullen hebben.

De grootste Nederlandse investeerder in de Verenigde Staten is het pensioenfonds PGGM. Sinds het vertrek van directeur beleggingen Kooistra naar vastgoedfonds VIB trapt de voorzitter van de directie van PGGM, drs D.J. de Beus, op de rem waar het gaat om vastgoedinvesteringen. De Beus wil meer via vastgoedfondsen gaan beleggen en niet meer rechtstreeks panden op kopen of ontwikkelen.

PGGM heeft meegedeeld dat het fonds in de VS is geconfronteerd “met beduidend hogere leegstand'. PGGM legde in het afgelopen jaar de nadruk op desinvesteringen, onder andere met de verkoop van het hotel- en golfproject Grand Cypress in Florida.

Alleen het Bedrijfsfonds voor de Metaalnijverheid heeft het in de afgelopen twaalf maanden aangedurfd om anti-cyclisch te investeren in Amerikaans vastgoed. Het fonds investeerde voor 90 miljoen dollar in Washington DC en het fonds overweegt nog meer investeringen in die stad.