Een gids voor de reisgidsen van Baedeker

'Baedeker's Reisehandbucher 1828-1990' is een uitgave van het Hinrichsen Verlag, Zeigeleistr. 7. D-3457 Stadtoldendor: Het kost F. 88.- In Nederland geimporteerd door Antiquariaat Hoog Antink, Breedstraat, 3633 AX Keeland

Elf centimeter breed zijn ze, zestien centimeter hoog en dieprood van kleur, zolang ze niet verschoten zijn. De oude Baedekers merknaam voor reisgidsen, zoals het aspirientje voor hoofdpijnpoeder. Beide begrippen zijn aan hetzelfde Duitse cultuurgoed ontsproten, uit de periode waarin het 'vulgus popularis' nog niet toeristisch was ontketend en de reiziger per definitie uit de betere standen afkomstig was.

Ruim anderhalve eeuw geleden verscheen het prototype, in het zog van stoomboot en stoomtrein. Louter voor hun genoegen gingen de heren spelevaren en dat diende, overwoog de Koblenzer boekhandelaar, Karl Baedeker met een scherp oog voor het marktmechanisme, adequaat te worden bijgestuurd. De nieuwe globetrotters vielen hem op de 'Deutsche Eck' waar hij zijn onschuldige kiosk had staan, toch al voortdurend lastig door te vragen hoe het verder op de Moezel en de Rijn nu eigenlijk was gesteld.

De serie begon dan ook, in 1928 met de ontsluiting van de eigen regio. Ze vond haar einde, in 1943, met de beschrijving (Ein Reisefuhrer fur den Reichsfuhrer) van het zojuist verworven Ceneralgouvernement. De plattegrond van Warschau was voorzien van een grijze vlek, waar het joodse getto (,.zur Zeit geschlossen') kon worden vermoed.

Een ontsporing, eigenliik geheel in strijd met de precisie waarin Baedekers situatieschetsen verder heetten uit te munten- en die overigens in datzelfde oorlogsjaar de eigen ondergang in de hand zou werken. Want zo gevestigd was de reputatie van de messcherp getekende spoorlijnen, bruggen, emplacementen en gasfabrieken, dat de Amerikaanse en Britse piloten, stuurknuppel in de ene, 'Baydiker' in de andere hand, er hun doelen trefzeker mee traceerden. Zo ging ook de mare dat het Pentagon de Rusland-Baedeker (laatste druk 1914) massaal opgekocht had, waardoor dit boekwerk inmiddels vrijwel onvindbaar is geworden.

Onloochenbaar feit is in elk geval dat op 4 december 1943 geallieerde luchtmachteskaders niet slechts het gehele centrum van Leipzig plat legden, ze vernietigden onder hetzelfde tapijt ook het stamhuis van de in 1872 naar die plaats verhuisde uitgeverij Karl Baedeker en daarmee de gehele voorraad reisgidsen.

Een cultureel erfgoed, dat nooit echt goed kon worden hersteld en nu in elk geval uitermate schaars is. Gelukkig zijn de gidsen niet allemaal verloren gegaan. Het Baedeker-oeuvre wordt nu in kaart gebracht door iemand die er zijn halve leven aan heeft besteed om te doen wat Kochel met Mozart deed: het systematiseren en catalogiseren van het complete Opus Baedeker. (Alex W. Hinrichsen mag dan volkshuishoudkundige van professie zijn, uit passie is hij reisgidsen-fanaat. Zonder deze bezetenheid zou hij waarschijnlijk al halverwege de 39 aan Zwitserland gewijde drukken zijn blijven steken.

Het curieuze van deze zich in formaat en omslag aan Baedekers handelsmerk spiegelende gidsover-de-gidsen schuilt niet eens zozeer in het resultaat: voortaan gaat elke Baedeker (en het zijn er honderden) onder een eigen HV (Hinrichsen Verzeichnis)-nummer de geschiedenis in. Nee, bijzonder is de nauwgezetheid waarmee de details over de uitgeverij en de uitgaven zijn beschreven: de band, de bladzijden, de jaartallen en de toestand van de nietjes; tegen het roestig worden van de nietjes voerde de familie Baedeker decennia lang een verbeten strijd met een in gebreke blijvende Duitse staalindustrie.

Alex W. Hinrichsen doet in acribie niet onder voor Karl Baedeker, die in 1857 (Oostenrijk, 7e druk), ten behoeve van zijn afnemers onderweg van Pola naar Fiume, bericht dat de boot weliswaar stipt tien uur 's avonds het anker licht, doch dat "schrijver dezer regelen de tocht in het donker had afgelegd en het mitsdien betreurt geen nadere mededelingen te kunnen doen". Sterker nog, samensteller Hinrichsen overtreft auteur Baedeker in waarheidsgehalte. In feite ontmaskert de bovenmeester de spreekwoordelijke betrouwbaarheid van de meester.

Want nog in 1872 (15e druk) blijft Baedeker het betreuren dat de kust van Istria in het duister ligt, terwijl, jawel, reeds geruime tijd de nachtboot in een dagdienst was omgezet. De mededeling dat Alex W. Hinrichsen binnenkort op het onderwerp (Der deutsche Reisefiihrer im Zuge der gemeinnutzliche erschlierung der neuzeitigen Wanderlust) hoopt te promoveren zal dan ook niemand verbazen.

Vier generaties Baedeker bestierden de firma, tot de ineenstorting van het voorlaatste rijk. Van Karl via de zonen Ernst en Karl 11; tot Hans en Karl-Friedrich, die al lang anderen voor zich lieten sjouwen en schrijven, hun heil aan Hitler moesten betonen, en elkaar in de naoorlogse Duitse splitsing de verdelmg van de patenten tot hun laatste snik bleven betwisten. Inmiddels loopt er een twaalfjarige telg rond om de zaak te herenigen en opnieuw in bloei te brengen.

Maar de toon werd dus gezet door Karl, de grondlegger die de boe jes introduceerde en daarnaast ook als reisaccessoire de schoudertas, waarin ze prima pasten. Zo jong als hij stierf (58 jaar, aan algehele uitputting, reizen verkwikt niet slechts, het versh]t evenzeer), zo befaamd was zi]n roep. Schreef hij 'links sitzen, dan ging je aan de linkerkant van de treincoupe zitten teneinde het meest van het uitzicht te gemeten, schreef hij 'und jetzt rechts, dan schoof je ook werkelijk naar de andere kant. Kom tegenwoordig nog maar eens om zulke praktische raadgevingen! Achter Baedekers baar schreden enkele zijner discipelen, het rode boekje in de hand.

Baedeker beval niet alleen aan waar je naar toe moest, hij waarschuwde ook tegen wat je moest mijden als de pest. Logementen met vochtig beddegoed bijvoorbeeld, of zigeuners op de Balkan. Hij was allerminst een bohemien, zelfs geen citoyen hij was gewoon een bourgeois. Zijn aanvankelijke neiging naar de denkwereld van Heinrich Heine (even was er sprake van dat hij iets van Heine zou uitgeven) verruilde hij al snel voor een slaafs-koningsgezinde en nationaal-anti-Franse houding. Het is voor hem geheel verborgen gebleven hoe de Pruisische geheime dienst zijn correspondentie onderschepte, afschreef en vervolgens andermaal op de post deed.

Recentelijk zijn deze zinloze kopieen uit het 'Geheime Staatsarchiev opgedoken. Elders ontgingen hem de machinaties niet. Per inlegvel ried hij de reizigers van de Orientexpresse aan "deze gids in uw rokzak te verbergen alvorens de grens met Turkije te overschrijden, u vermindert hiermede het risico als spion te worden gefusilleerd".

Nog voordat de nazi-censuur de uitgeverij in de houdgreep nam ontspoorde Baedeker uit eigener beweging in Belgie. Een van de eerste gruwelijke Duitse oorlogsmisdaden, het zonder aanleiding uitmoorden van de bevolking van Dinant op 24 augustus 1914, heet in Baedekers 'Belgien' (laatste druk, 1928) "pas na heftige vuurgevechten konden de Duitse troepen de Maas oversteken. De Duitse commandant, die had moeten vaststellen dat sluipschutters op zijn troepen hadden geschoten, liet een groot aantal burgers terechtstellen".

De opwinding in Belgie was heftiger dan Kommerzienrat Baedeker lief kon zijn: het meenemen van Baedekers over Belgies grenzen werd door het gerecht verboden, een vonnis dat in feite vandaag de dag nog steeds van kracht Is.

Hinrichsen inventariseert ook allerlei hybride vormen waarin je moderne Baedekers kunt kopen. Helaas gaat hij voorbij aan rond de eeuwwisseling verschenen apocriefe uitgaven als 'Argentinie' en 'Japan'. De tijd waarin alles in de Baedeker moest staan, ook waar Baedeker geen weet van had, en waarin zelfs, zoals de Amsterdamse uitgeverij Strengholt afficheerde om aan het copyright te ontsnappen, een serie 'Wat niet in Baedeker staat' mogelijk was. De 'Baedeker voor de Huisvrouw' krijgt bij Hinrichsen evenmin een nummer. Zijn leidraad is alleraardigst gellustreerd en bevat prijsindicaties voor verzamelaars, die er alle kanten (van 50 tot 5000 gulden) mee op kunnen.

De beste tip is meteen de meest actuele: om te begrijpen hoe de bodem in Zuidslavie nu eigenlijk moet worden verdeeld, neme men Baedekers osterreich-Ungarn (29e druk, 1913) ter hand. Up to date, en nog redelijk gemakkelijk te verwerven, indien tenminste niet de Westeuropese Unie de antiquariaten afstroopt.