Redactievlieg

Als ik u vraag wat u zich het best van Moritz von Schwind herinnert, is de kans tien tegen een dat u zult zeggen: De droom van de gevangene, natuurlijk! Dan weet ik weer dat u Freuds Voordrachten tot inleiding in de psycho-analyse hebt gelezen, want Schwinds droombeeld dient daarbij tot illustratie.

Het is een wensdroom, vol dwergjes die zich met gemak tussen het dichtste traliewerk kunnen bewegen, zaagjes bij zich hebben en moreel worden gesteund door de Engel der Vrijheid. Schwind heeft ook schilderijen gemaakt van het gelukkige leven in Holzhackerbubenland en daarbij doet hij een beetje aan Norman Rockwell denken die hetzelfde voor de Amerikanen heeft gedaan op de voorkant van de Saturday Evening Post.

Wat heeft dit alles met de "redactievlieg' te maken? Wat is trouwens een "redactievlieg'. Is het een metafoor, zoals kunstluis, morgenster, duo-engel of nachtvlinder, is het iemand die korte tijd invalt als anderen vakantie hebben - "We hebben deze zomer een leuk redactievliegje' - of moeten we denken aan een mascotte, zoals een eskadron huzaren er een bok op nahoudt of een beroemde keeper een konijn, of is het iemand die om de redactie heen zoemt, in de hoop zelf journalist te zullen worden?

De redactievlieg is uit nood geboren. Om dat te begrijpen moet u weten hoe het bij dagbladen uitgerust met de modernste techniek toegaat. Toen er nog met lood werd gezet dat "in de vorm ging' was het mogelijk tot op het laatste ogenblik ter zetterij van alles te veranderen. De elektronica hebben de journalist ertoe gedwongen steeds vroeger in te leveren, en wel de kop het eerst. In het loden tijdperk was het de gewoonte dat de kop het laatst kwam.

Vakantietijd brengt personeelsgebrek en daarmee een vervroegde inlevering. Je moet de kop verzinnen terwijl je nog geen idee hebt van wat erachteraan zal komen.

Nu deel ik de kamer waarin ik hier schrijf al een paar dagen met een vlieg. Met ieder levend wezen ontstaat na een poosje samenzijn een band. Iedere ochtend: zou ze er nog zijn? Dan het weerzien. Dromerige gedachten. Misschien een betoverd mens, maar wie dan? Of: wat zou ik doen als ik zelf een vlieg was? Spelenderwijs kom je terecht op de vader van de moderne droom, Sigmund Freud. Zoals de algemene geschiedenis is verdeeld in de tijden voor en na Christus, zo is dat voor de droom met Freud. Vóór Freud droomden de mensen niet anders maar ze dachten dat het bedrog of een signaal uit hogere regionen was.

Dinsdag werd me gevraagd of ik al wist hoe dit stukje zou gaan heten. "Redactievlieg', zei ik. Dat werd doorgegeven, ik kon niet meer terug. Waarom ook wel? Het ene toeval is niet beter dan het andere in zo'n geval.

Door de gravure van Schwind als illustratie bij zijn Vorlesungen te kiezen, heeft Freud de dwergjes tot symbolen van de vrijheid verheven. Goed beschouwd was dat al een openbaring. In de tradities die daarvoor van kracht waren en trouwens nog gelden, zijn het vervaarlijke dieren: leeuwen of adelaars waarbij het in de heraldiek altijd meer om de klauwen, de muil en de snavel gaat. De ware vrijheid wordt niet gesymboliseerd door de ostentatieve krachtpatser, maar door de kleine wezens die snel en bewegelijk zijn: dwergen, vogeltjes, muizen en vliegen. Dat had Freud begrepen. Hij heeft voor zijn illustratie geen gevangene gekozen die van een leeuw droomt. Van leeuwen dromen alleen dictators.

Niet alleen Freud had het begrepen. Vanzelf moet ik denken aan de beeldhouwer René Nyssen die vorige maand is gestorven. Zijn oeuvre bevat een aantal beelden die nog beter laten zien wat vrijheid is. Vogels die een kooi verlaten, twee muizen die uit een kartonnen doos de wijde wereld intrekken. Het is van brons, en tegelijkertijd zo vrij en luchtig dat er de wensdroom mee wordt verbeeld van alle gevangenen, achter de tralies of niet.

Voor zover ik weet heeft René Nyssen geen beeld van de vrije vlieg gemaakt, maar - hem gekend hebbend - geloof ik dat het hem geen moeite zou hebben gekost, in een bronzen vlieg alle bewegelijkheid en vrijheid te leggen die de gevangene begeert. Zo groot was zijn talent.

En zo vreemd kan het gaan met een stukje in de krant. Wat achteloos is begonnen, eindigt met het eerbetoon aan iemand onder wiens handen brons en steen leerden vliegen.