Islamitische architectuur in Nederland; Waar de kameel knielde

De Islam is de tweede godsdienst van Nederland geworden, maar daar was tot nu toe maar weinig van te zien in de architectuur. Dat is nu aan het veranderen. Nederland telt inmiddels vijftien nieuw gebouwde moskeeën en veel steden hebben bouwplannen voor Islamitische gebedshuizen. Hoe zien de Nederlandse moskeeën eruit? Bianca Stigter bezocht ze en sprak met de ontwerpers. “Hij die voor Allah een huis bouwt op aarde, voor hem bouwt Allah een huis in het Paradijs.”

Aan de Rozengracht in Amsterdam, tegenover het Roothaanhuis, zitten twee Turkse winkeltjes. De linker verkoopt deegwaren en koffie, de rechter is grillroom Öztadim, voor warme Turkse maaltijden. Wie boven de reclames kijkt, ziet dat de winkels in hetzelfde gebouw gevestigd zijn, in twee plompe bakstenen torens. Het gebouw is een kerk uit 1927, De Zaaier. De drie grote deuren tussen de winkels zijn gesloten, evenals het oranje hek ervoor. Op de gevel hangt een groot bord: Hollanda Diyanet Vakfi, Islamitische Stichting Nederland Fatih Amsterdam. Wie zijn hoofd in de nek legt, ziet dat de torens elk bekroond worden door een serie metalen bollen met daarop een halve maan. De kerk is een moskee.

Alleen op vrijdagmiddag valt het echt op dat deze kerk uit 1927 nu een ander geloof dient. Dan proberen zo'n 1500 Turkse gelovigen in de buurt van de Rozengracht een parkeerplaats te vinden. Door de week bidden slechts tien tot twintig moslims in de Fatih moskee.

Er wonen nu meer dan 400.000 moslims in Nederland, van Turkse, Marokkaanse, Surinaamse, Molukse en Indonesische origine. De Islam is de tweede godsdienst van Nederland geworden. De mannen zijn verplicht op vrijdag in een moskee te bidden. Er zijn daarom bijna 300 moskeeën in Nederland. De meeste vallen niet op. Ze zijn gevestigd in oude scholen, kerken of kantoren. Islamitische slagerijen doen meer van de aanwezigheid van zoveel moslims blijken dan de gebedshuizen zelf. Veel moskeeën hebben niet eens een hilal, zo'n serie bollen die de aarde, de maan en de zon voorstellen met daarbovenop de halve maan, het symbool van de Islam.

Maar er is iets aan het veranderen. Er komen nog steeds meer moslims in Nederland - geschat wordt dat zij over vijf jaar 10 procent van de Nederlandse bevolking zullen uitmaken - en de oude moskeeën worden te klein. Ze worden meestal vervangen door nieuwbouw. Er zijn nu al vijftien als zodanig gebouwde moskeeën en in veel steden staat de bouw van moskeeën op stapel. In Rotterdam wil de gemeente bij voorbeeld in de oude stadswijken waar veel moslims wonen, vijf grote moskeeën laten bouwen, die de veertig kleine, veelal brandgevaarlijke gebedshuizen in slooppanden, kantoren en winkels moeten vervangen.

Er is een aantal praktische redenen om voor nieuwbouw te kiezen, zegt Erdinç Türkcan van de Islamitische Stichting Nederland, een organisatie die de bouw en verbouw van moskeeën voor Turkse moslims beheert. Een daarvan is parkeerruimte. Het ontbreken daarvan bij moskeeën in de oude stadswijken zorgt op vrijdag voor veel overlast. Bovendien zijn niet alle gebouwen even geschikt om als moskee dienst te doen. Daarom is verbouwing vaak duurder dan nieuwbouw. In een kerk is bij voorbeeld vaak niet voldoende wasgelegenheid aanwezig voor de rituele reiniging die aan elk gebed vooraf gaat. En het moet mogelijk zijn in de richting van Mekka te bidden. In sommige gebouwen zorgt dat voor problemen. In de Fatih moskee moet de gelovige zijn gezicht in de richting van de Rozengracht keren. Er is in de kerk dus een nieuwe muur gebouwd, want vroeger zat aan die kant de ingang.

In 1989 werd in het centrum van Eindhoven de tot nu toe grootste moskee van Nederland geopend. De moskee is veel beter geoutilleerd dan die aan de Amsterdamse Rozengracht. Er zijn voldoende parkeerplaatsen en een grote wasruimte. Het winkeltje, de kantine en het leslokaal hoefden niet achter de gebedsruimte te worden weggepropt, er is een kamertje waar de imam (de voorganger) zich in de koran kan verdiepen en er is een grote binnenplaats, waar men kan wachten op de oproep tot het gebed. Bij de opening van de moskee werd gesproken over het zelfbewustzijn en het zelfvertrouwen, de emancipatie en de trots van de moslims in Nederland. Deze nieuwe Turkse moskee was daar een uitmuntend teken van. Volgens burgemeester Van Kemenade was de moskee bovendien een uitdrukking van de verworvenheden van onze rechtsstaat, en een bijdrage tot de Nederlandse multi-culturele samenleving.

Deze grote woorden maken duidelijk dat de architect van een moskee niet alleen met een aantal praktische zaken rekening moet houden. De nieuwe moskee is meer dan een plek waar de gelovigen hun gebeden kunnen verrichten. De moskee moet, net als een kerk, voor gelovigen en niet-gelovigen te herkennen zijn. De architect moet het geloof zichtbaar maken.

Doelloos

Wie met de Amsterdamse metro richting Gaasperplas gaat, raast bijna over de Taibah moskee heen, zo dicht is het gebouw tegen de bovengrondse metrobaan aangezet. De verhoudingen lijken hier omgedraaid: zelfs de minaretten van de moskee zijn lager dan de omringende flatgebouwen. Vanaf metrostation Kraaiennest kijk ik op het dak van de moskee. Er ligt grind op, in het midden staat een felgroene polyester ui. De Amsterdamse architect Paul Haffmans, die deze Surinaamse moskee in 1983 ontwierp, heeft zich aan de clichés van de moskee-architectuur gehouden. Het gebouw is vierkant, op elke hoek staat een minaret en de ramen zijn boogvormig. Mede door het gebruik van glimmende kunststof voor het gebouw en de koepel en staal voor de minaretten, lijkt de moskee thuis te horen in een pretpark. Niet in de Efteling, daar is zij niet weelderig genoeg voor.

Haffmans moet expres voor deze aanpak gekozen hebben. Zijn ontwerp sluit in niets aan bij de omgeving. Ook het gebouw zelf vormt geen eenheid, het is een samenraapsel van elementen uit een andere bouwtraditie, die allemaal om het hardst lijken te roepen: metroreiziger, autobestuurder, winkelcentrumbezoeker, dit is een moskee. Een moskee zoals een kind hem zou tekenen, een pictogram. Alleen in de constructie en in het gebruik van moderne materialen als staalplaat en polyester heeft Haffmans van dit idee willen afwijken.

De moskee is gebaseerd op het huis van de profeet in Medina, zegt men in de islamitische wereld. Mohammed bouwde daar een huis op de plek waar zijn kameel Kusva bij binnenkomst van de stad voor het eerst neerknielde. De eerste moskee was een vierkante, ommuurde ruimte met zijden van ongeveer vijftig meter lang. Het grootste gedeelte werd in beslag genomen door een binnenplaats. Aan de zuidzijde bevond zich een dubbele rij zuilen, waaroverheen een dak was gemaakt van palmtakken en modder. Een aan Mohammed toegeschreven gezegde luidt: “Bouwen is de meest doelloze onderneming die de rijkdommen der gelovigen kan verslinden.”

De koepels, de minaretten, de boogvormige ramen, de zuilenwouden en de uitbundige keramiek die de moskeeën van Cordoba, Isfahan, Jeruzalem, Damascus en Samarkand tot kunstwerken hebben gemaakt, kunnen puristen dan ook makkelijk missen. Zij bidden net zo lief in een oude sportschool.

Ook het interieur van een moskee hoeft eigenlijk aan weinig eisen te voldoen. In gidsjes over de Islam die verschillende moslimorganisaties uitgeven, staat in het hoofdstukje over de moskee steevast een passage als: “Elk gebouw kan een moskee zijn als er moslims samenkomen voor het gebed. In moskeeën zijn geen afbeeldingen, of beelden van levende wezens, geen heilige relikwieën of beschilderingen, alleen kalligrafieën met Koranteksten. Eenvoud is het kenmerk van het gebed, men kan daarbij niet afgeleid worden door overdaad en praal, artistieke versieringen of emoties oproepende afbeeldingen. Er is geen muziek, geen zang, er zijn geen tempelgewaden, brandende kaarsen, wierook of van de herdenking van Allah afleidende drukte.” De niet uitgesproken vergelijking met christelijke kerken in deze passage uit de Gids voor Moslims in Nederland, gaat natuurlijk niet op. Er zijn dorpskerken die minder rijk versierd zijn dan, om een hele mooie te noemen, de moskee van sultan Ahmed in Istanbul, gebouwd om de Aya Sophia naar de kroon te steken, en bijgenaamd de Blauwe Moskee, wegens het overdadige aardewerk uit Iznik waarmee het interieur gedecoreerd is. De mihrab, de gebedsnis in de muur die de qibla, de richting van Mekka, aangeeft, wordt ook in Nederland vaak versierd met tegels uit Turkije. De minbar, de islamitische variant op de preekstoel, wordt eveneens zo mooi mogelijk gemaakt.

Omdat de moskee in de Bijlmer als moskee is gebouwd, is de ingang daar waar hij hoort: recht tegenover de qibla. Aan de achterkant is een aparte ingang voor vrouwen. In de betonnen zaal op de begane grond hangen gekleurde vlaggetjes. Dit is het sociaal-culturele centrum. De gebedsruimte is op de eerste verdieping. Het is een klein zuilenwoud met rood tapijt. Door de patrijspoorten in de koepel zie ik wolken. Aan de muren hangen foto's van de ka'aba en van moskeeën in het Midden-Oosten. Die had men beter achterwege kunnen laten. De vergelijking is pijnlijk. Ik denk aan de mozaïeken op de wanden van de grote moskee in Damascus, aan het portaal met een plafond van honingraten in de Koningsmoskee in Isfahan. Verder wil ik niet denken, want het is een beetje flauw. De Notre Dame is ook mooier dan De Zaaier. Het is eerlijker de Taibah moskee te vergelijken met moskeeën die nu in de Islamitische wereld gebouwd worden. Robert Hillenbrand verdeelt in het boek Architecture in continuity. Building in the Islamic World Today de moskeeën van de laatste veertig jaar in vijf types: lokaal-traditioneel, conventioneel, nieuw klassiek, modern en duizend en een nacht. De meeste nieuwe moskeeën horen tot het tweede type. De duizend en een nacht moskeeën, bizarre opeenstapelingen van Islamitische vormen en symbolen, verrijzen vooral in Pakistan en in het Verre Oosten, waar de islam niet de enige godsdienst is, en in bepaalde gebieden op het Arabisch schiereiland, die nauwelijks een bouwkundige traditie kennen. Hoewel zij niet zo uitbundig is, moet de moskee in de Bijlmer ook in deze categorie vallen.

Symboliek

In het landschap langs de A 59, de nieuwe snelweg tussen Den Bosch en Raamsdonkveer, zijn de hoogste punten nog steeds bomen en kerktorens. Ik tuur de horizon af op zoek naar de minaret van de An-Nur moskee, die pal naast de snelweg moet liggen. Zij wordt de parel van Waalwijk genoemd. Als ik haar, nadat de weg over een kleine heuvel is gegaan, eindelijk zie, is het effect minder bizar dan in de Bijlmer. Het kan best, een moskee in een weiland. Ook deze moskee, gebouwd in 1990, heeft een minaret en een koepel van kunststof en boogvormige ramen, maar verder zijn er weinig overeenkomsten met de moskee in de Bijlmer. Dat komt voor een deel door het gebruikte materiaal, een lichtgrijze steensoort.

De architect, Latief Perotti, heeft zich gespecialiseerd in "gewijde architectuur'. Hij bouwde in 1984 al een moskee in Ridderkerk, schreef een artikel over het antroposofische Goetheanum en gaat volgend jaar kerken bouwen in Roemenië. Het grondplan van de moskee in Waalwijk is een driehoek. Hiermee wijkt Perotti af van de vormgeving van de meeste moskeeën. Een moskee is meestal vierkant of rechthoekig, eerder breed dan diep, opdat de gelovigen zo dicht mogelijk bij Mekka kunnen bidden.

Perotti wil de architectuur uit de Islamitische wereld niet klakkeloos overnemen, hij wil er zijn eigen type moskee aan toevoegen. De koepel en de minaret waren wensen van de opdrachtgevers, de Molukse islamitische gemeenschap van Waalwijk. Toch koos Perotti de driehoek niet voor niets: het is volgens hem het symbool van het geestelijke.

Als Perotti me door het gebouw rondleidt, blijkt dat elke vorm een symbolische betekenis heeft. Driehoeken, vierkanten, achthoeken, cirkels, groen, rood, blauw, het rustige, lichte gebouw wordt er topzwaar van. Maar niet al deze symboliek is islamitisch, Perotti heeft er zelf heel wat bijbedacht.

De gebedsruimte voor vrouwen is in deze Molukse moskee even groot als die voor mannen. Hier mag ik het vrijdagse gebed bijwonen. De ruimte is van de mannenruimte afgescheiden door een schuifdeur. Door een kier in de deur kan ik net een voetzool zien, door een luidspreker hoor ik de imam.

Perotti heeft meegebeden. Hij noemt zichzelf geen moslim, maar een universalist. Hij kan ook in een katholieke kerk bidden. Een architect van moskeeën hoeft geen moslim te zijn, al kan hij zich niet voorstellen dat een atheïst een moskee bouwt. Perotti citeert de Koran: “Hij die voor Allah een huis bouwt op aarde, voor hem bouwt Allah een huis in het Paradijs.”

Subsidie

De moskeeën in Ridderkerk en Waalwijk zijn gebouwd voor Molukse moslims. Ze zijn betaald door de rijksoverheid. In 1957 werd bepaald dat voor de Molukkers die naar Nederland waren gekomen ook religieuze voorzieningen moesten worden getroffen. Kerken kwamen er vrij snel. Pas in 1984 werd de moskee in Ridderkerk in gebruik genomen, in 1990 die in Waalwijk.

Dat de moskeeën voor de Molukkers door de Rijksoverheid zijn betaald, is een uitzondering. In Nederland zijn kerk en staat gescheiden. De eerste nieuwe moskee in Nederland voor gastarbeiders, die in 1975 in Almelo werd gebouwd, kon nog profiteren van de Wet Premie kerkenbouw, maar die werd in datzelfde jaar opgeheven. Daarna werd via twee tijdelijke regelingen de verbouwing van 68 moskeeën gesubsidieerd. In 1981 liep de laatste regeling af. Een in 1986 ingestelde Commissie van Advies wees het subsidiëren van het bouwen of verbouwen van moskeeën niet af, maar de Tweede Kamer heeft over dit advies nog geen beslissing genomen. Er bestaat wel verkapte subsidie via de sociaal-culturele centra die in veel moskeeën zijn gevestigd. Ook verkoopt de gemeente de grond vaak tegen een vriendenprijs.

De meeste moskeeën worden door de gelovigen zelf betaald. In de voorhal van de Fatih moskee in het centrum van Eindhoven, tegenover de Steentjeskerk, hangen lijsten met namen van donateurs, Turkse families uit Eindhoven en omgeving. Het gebouw kostte drie miljoen gulden. De Fatih moskee in Eindhoven is de grootse moskee van Nederland. Het is een Turkse moskee. Bijna alle Turkse moskeeën - het zijn er nu 102 - zijn eigendom van de Islamitische Stichting Nederland (ISN), die in 1981 werd opgericht. Het is een dochter van de Islamitische Stichting Turkije, die in dat land zorgt voor de bouw van moskeeën.

De ISN werkt het liefst altijd met dezelfde, Turkse, architect: B. Sevinçsoy van het Utrechtse bureau Mabeg Van Hasselt. Hij spreekt Turks en weet aan welke eisen een moskee moet voldoen. De moskee in Eindhoven, schuin tegenover de Steentjeskerk beantwoordt van alle moskeeën die ik gezien heb uiterlijk het meest aan de verwachtingen. Het is een fors laag gebouw met veel boogramen, bekleed met banden grijze en rode steen en het heeft een grote en zes kleine koepels. Er is een fontein, een binnenplaats met arcaden en een minaret. Latief Perotti vindt het geen goed ontwerp. “Ze zou zo uit Turkije overgevlogen kunnen zijn.” Rames Avici, die me in de moskee rondleidt, is daar juist trots op. Voor hem maakt dat de moskee tot een echte moskee.

Veroveraar

Er zijn de afgelopen tien jaar ongeveer vijftien moskeeën in Nederland gebouwd. De moskeeën in de Bijlmer, in Waalwijk en in Eindhoven zijn de markantste. De architecten hebben om het geloof zichtbaar te maken alledrie de vormentaal van een andere bouwkundige traditie moeten gebruiken. Haffmanns koos in de Bijlmer voor een overstatement, Perotti zocht het in een persoonlijke, op de Islam genspireerde symboliek, Sevincsoy leunde sterk op de moskeeën zoals die in Turkije nog steeds gebouwd worden. Volgens de Nederlandse moslim Abdulwahid van Bommel, directeur van het Moslim Informatie Centrum in Den Haag, heeft bijna elke gemeente nu plannen voor de bouw van nieuwe moskeeën. Ze zullen in ieder geval verrijzen in Rotterdam en Den Haag, in Enschede en Etten-Leur, in Zaandam en in Deventer, in Zaltbommel en in Utrecht. Over een paar jaar zal de moskee de slagerij in het straatbeeld misschien verdrongen hebben als opvallendste teken van de aanwezigheid van zoveel moslims. De secularisering, die ook de Turkse, Marokkaanse, Surinaamse en Molukse moslimgemeenschappen treft, zal waarschijnlijk niet zover doorzetten dat moskeeën overbodig worden. In de moskee speelt zich ook een belangrijk deel van het maatschappelijke leven van deze groepen af.

De moskeebouw heeft in Nederland tot nu toe geen monumenten opgeleverd. Ik vraag mij af hoe een moskee van een Nederlandse architect van naam eruit zou zien. Wat zou Hertzberger met een koepel zou doen, Quist met een minaret, Koolhaas met de boogvorm? De architect die zich aan het bouwen van een moskee waagt, moet niet alleen rekening houden met een andere bouwkundige traditie, maar ook met een andere cultuur. Vrouwen mogen niet in de centrale gebedsruimte bidden en ze mogen het gebouw eigenlijk niet door de hoofdingang betreden. De meeste moskeeën mogen door niet-moslims helemaal niet betreden worden. De Turkse moskeeën, een derde van alle moskeeën in Nederland, vormen op deze regel een uitzondering. Zowel in Turkije als in Nederland mogen er ook ongelovigen naar binnen. Maar de Turkse moskeeën zijn wel weer genoemd naar Mohammed Fatih, die wij kennen als Mohammed de Veroveraar, stichter van het Ottomaanse rijk en veroveraar van Constantinopel.

Toch blijken de culturele verschillen niet onoverbrugbaar. Veel moskeeën in de islamitische wereld, vooral in Saoedie-Arabië, worden tegenwoordig door westerse architecten gebouwd. Ook beroemde architecten als Walter Gropius en Ricardo Bofill hebben zich door de culturele verschillen niet laten weerhouden. Zij ontwierpen, respectievelijk in 1956 en in 1983, een moskee voor Bagdad.