Bestand in Kroatië houdt vooralsnog stand

ZAGREB-LJUBLJANA, 9 AUG. Ondanks het sneuvelen van een Kroatische gardist, gisteren bij Zagreb, lijkt het officiële staakt-het-vuren dat sinds woensdag in Kroatië van kracht is, stand te houden.

De dode viel, volgens radio Zagreb, bij een mortierbombardement op het dorpje Gredjani. Drie andere Kroatische soldaten werden bij de aanval gewond. Het bericht is niet uit onafhankelijke bron bevestigd. Kroatische bronnen meldden gisteren ook geïsoleerde schietpartijen en andere schendingen van het bestand. Volgens de Servische televisie hebben Kroatische gardisten gisteren een kazerne van het Kroatische leger bij Vinkovci aangevallen.

De deelrepublieken Servië en Kroatië lieten beide weten niet van hun standpunten in het conflict te willen wijken. Een Kroatische onderminister van binnenlandse zaken blijkt inmiddels contact te hebben gehad met vertegenwoordigers van de Servische minderheid in Kroatië, een eerste teken van mogelijke politieke onderhandelingen die op het staakt-het-vuren zouden moeten volgen. Geen der partijen maakt echter aanstalten zich terug te trekken buiten schootsafstand, zoals in het bestandsakkoord is bepaald. Wel is een akkoord bereikt over de uitwisseling van krijgsgevangenen. Die zou vanmiddag om zes uur beginnen, zo is in Belgrado bekendgemaakt.

De Servische president Slobodan Milosevic heeft zijn ambtgenoten van Bosnië en Montenegro uitgenodigd gesprekken te beginnen over “het behoud van Joegoslavië”. Hij zei beide republieken uit te nodigen “omdat in Bosnië en Montenegro geen enkel besluit is genomen om zich van Joegoslavië af te scheiden of zich onafhankelijk te verklaren”.

De Servische vertegenwoordiger in het staatspresidium, Borisav Jovic, heeft gisteren Slovenië en Kroatië gewaarschuwd dat het staatspresidium een internationale erkenning van deze twee republieken niet zal accepteren.

Slovenië en Kroatië verklaarden zich 25 juni eenzijdig onafhankelijk; op 7 juli stemden zij ermee in de uitvoering van de onafhankelijkheidsverklaring voor drie maanden te bevriezen.

Pag. 4:

"Akkoord over controle bestand'

De Duitse minister van buitenlandse zaken, Hans-Dietrich Genscher, zei woensdag dat Europa een erkenning van Slovenië en Kroatië serieus moet overwegen. Jovic zei dat hij er rekening mee houdt dat deze twee republieken vervolgens “vreemde troepen” te hulp zullen roepen. “Een militaire interventie in Joegoslavië betekent echter een schending van de internationale verdragen”, aldus Jovic. Het lid van de federale bestandscommissie Irfan Ajanovic heeft op een persconferentie in Belgrado gezegd dat 200 tot 300 controleurs en verbindingsofficieren uit Macedonië, Bosnië en Slovenië worden ingezet om toe te zien op het naleven van de wapenstilstand. Hij liet zich optimistisch uit over de kansen op een langdurig staakt-het-vuren. “En incidenten zijn nu eenmaal onvermijdelijk”, aldus Ajanovic.

De Sloveense regering maakte gisteren echter bekend niet bereid te zijn waarnemers naar Kroatië te sturen. “Zonder de aanwezigheid van buitenlandse waarnemers is er geen enkele garantie dat het staakt-het-vuren door alle partijen gerespecteerd zal worden.”

Het Amerikaanse ministerie van buitenlandse zaken heeft de Amerikanen die op dit moment in Slovenië en Kroatië zijn opnieuw opgeroepen deze republieken zo snel mogelijk te verlaten. Evenals in een verklaring die op 4 juli werd afgegeven wordt ook Amerikanen die elders in Joegoslavië verblijven aangeraden serieus te overwegen om te vertrekken. Het State Department maakte ook bekend dat een deel van het consulaatspersoneel uit Zagreb wordt teruggehaald.

De oproep heeft onder Amerikanen in Slovenië en Kroatië verbazing gewekt. “De oproep komt een beetje laat”, zei een Amerikaan die al enige tijd in Slovenië woont vanochtend. “In Slovenië is de situatie na de wapenstilstand van 7 juli en met de komst van de Europese waarnemers volledig genormaliseerd. Evacuatie lijkt mij daarom op dit moment overdreven.”

De Servische president, Slobodan Milosevic, heeft in een vraaggesprek met het Britse televisiestation Sky News gezegd dat Kroatië zich best van Joegoslavië mag losmaken, maar dat het dan niet de “Serviërs in Kroatië kan meenemen”. De Joegoslavische president, Stipe Mesic, een Kroaat, zei op een persconferentie in Zagreb dat Kroatië op zijn hele territorium, dus ook de nu door Serviërs gecontroleerde gebieden, de politieposten wil controleren. Hij verklaarde "sceptisch' te zijn over het thans geldende staakt-het-vuren, “omdat degenen erachter zitten die een Groot-Servië willen”.

Mesic verklaarde zich opnieuw voorstander van het zenden van buitenlandse troepen naar Kroatië, maar niet als een buffer tussen beide partijen, omdat daarmee de Servische terreinwinst de facto zou worden bezegeld.