Winst Shell in tweede kwartaal naar beneden

ROTTERDAM, 8 AUG. De Koninklijke Shell-Groep heeft in het tweede kwartaal van 1991 vergeleken met het tweede kwartaal van 1990 een daling van haar nettowinst exclusief voorraadverliezen geleden van 12 procent, tot 653 miljoen pond Sterling (ongeveer 2,15 miljard gulden).

Over het eerste halfjaar gerekend is echter sprake van een winststijging van 20 procent dankzij de goede resultaten in het eerste kwartaal.

De Amsterdamse beurs reageerde vanochtend op de kwartaalcijfers met een lagere waardering voor de aandelen Koninklijke Olie. Tegen het middaguur stond de koers op 160 gulden, een verlies van 80 cent vergeleken met de openingskoers van vanochtend.

De nettowinst van Shell daalde in het tweede kwartaal minder, namelijk met vijf procent, wanneer de voorraadverliezen worden ingecalculeerd. In de sector opsporing en winning van olie en aardgas boekte de maatschappij meer winst, hoofdzakelijk door de gestegen prijzen voor ruwe olie. Maar op de verwerking, zeetransport en verkopen was het resultaat lager en in de chemie werd een aanzienlijke daling geboekt omdat de prijzen van petrochemische produkten verder verslechterden.

De Amerikaanse dochtermaatschappij Shell Oil heeft de winst van de Shell-groep fors gedrukt. In de opsporing en winning boekte Shell Oil in het tweede kwartaal een verlies van 27 miljoen pond, 16 miljoen minder dan het verlies in hetzelfde kwartaal vorig jaar. Maar in de andere sectoren liep het resultaat sterk terug, waardoor de stijgingen in andere regio's meer dan teniet werden gedaan. Shell Oil is nu druk bezig aan een reorganisatie en inkrimping van het personeel met duizenden banen.

In de tweede helft van dit jaar verwacht de Shell-groep een hogere eigen olieproduktie, wat belangrijk is voor de resultaten, omdat de olieproduktie van het Brent-veld op de Noordzee weer is hervat na een onderhoudsbeurt. In het tweede kwartaal daalden de marges voor raffinage en verkoop ten opzichte van het uitzonderlijk hoge niveau, veroorzaakt door de Golfoorlog, van het eerste kwartaal. Daarentegen bleven de verkoopmarges in het Verre Oosten hoog, door het lage niveau van exporten uit de Golfregio.

Shell blijft voorzichtig in haar verwachtingen voor de chemie omdat deze sector sterk afhankelijk is van de economische groei in de Verenigde Staten en Europa, waar een overschot aan produktiecapaciteit heerst. Op de chemie verdiende het concern in het eerste halfjaar van 1990 nog 312 miljoen pond; het afgelopen halfjaar was de winst gedaald tot 101 miljoen pond.

Buiten de Verenigde Staten leed Shell in het tweede kwartaal een verlies van 24 miljoen pond Sterling op de chemie, tegen een winst van 105 miljoen pond in 1990. Oorzaken zijn dat de prijs van de grondstof nafta met 25 procent steeg, terwijl de gemiddelde produktprijzen circa 5 procent lager waren. Polyetheen en PVC, de twee belangrijkste basis-kunststoffen daalden nog sterker in prijs.