Permanente leden V-raad eens over olieverkoop Irak

NEW YORK, 8 AUG. De vijf permanente leden van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties zijn het eens geworden over een resolutie die Irak in de gelegenheid stelt om verspreid over een periode van zes maanden voor 1,6 miljard dollar olie te verkopen. Er zal krachtens deze resolutie op worden toegezien dat het geld wordt gebruikt voor de aanschaf van voedsel voor de noodlijdende bevolking en voor de vergoeding van schade die is aangericht door de Iraakse inval in Koeweit. De opbrengst dient rechtstreeks op een rekening van de VN onder beheer van de secretaris-generaal te komen.

Volgens Westerse diplomaten zijn de vijf permanente leden het alle eens over deze resolutie, die nog door de andere leden van de raad moet worden goedgekeurd. Irak heeft de resolutie al verworpen, omdat het niet te spreken is over de wijze waarop het zijn controle over zijn olie-inkomsten verliest. Bagdad heeft zelfs al aangekondigd dat het zijn olie helemaal niet zal verkopen als de resolutie niet wordt aangepast.

De toestemming voor Irak om voor een bepaald bedrag olie te verkopen betekent niet dat de economische sancties tegen Irak worden opgeheven. De bedoeling is dat die verder onverminderd van kracht blijven.

Een leider van een van de VN-teams die de Iraakse nucleaire activiteiten onderzoeken heeft gisteren gezegd dat er nog steeds onzekerheid bestaat over wat Irak op dit gebied bezit. De VN-deskundigen hebben volgens David Kay de indruk dat ze nog steeds maar gedeeltelijke antwoorden krijgen van de Iraakse autoriteiten. Nieuwe missies naar Irak zijn volgens Kay nodig om de volledige waarheid te achterhalen.

Een functionaris van het Amerikaanse ministerie van buitenlandse zaken, die anoniem wilde blijven, zei gisteren dat Irak in het geheim probeert wapens en materiaal te kopen van internationale wapenhandelaars op de zwarte markt om zijn vernietigde en beschadigde nucleaire installaties te vervangen. Ook zou Irak weer nieuwe chemische wapens proberen te verkrijgen. “We weten zeker dat ze bezig zijn op de zwarte markt om te kijken of ze weer enkele wapens kunnen terugkrijgen die tijdens de oorlog vernietigd zijn”, zei hij. (AP, Reuter)