Vicieuze cirkel

NA DE DOOR hem in het zadel geholpen president Wijdenbosch heeft de Surinaamse legerleider Bouterse nu zelf ook het buitenland uitgenodigd mee te doen aan de aanpak van de drugssmokkel.

Dat is nogal gedurfd in het licht van recente, naar het zich laat aanzien nog niet beeindigde onthullingen over de mogelijke betrokkenheid van de militaire top - inclusief de bevelhebber zelf - bij cocaïnehandel. Het past in elk geval in een weinig hoopvol beeld. Naar buiten toe wordt een beeld van vermoorde onschuld en bluf opgehangen en in het eigen land wordt de totstandkoming van een nieuwe president gerekt in de wetenschap dat Nederland alleen zaken wil doen met een democratisch gekozen regering.

Nederland kan inderdaad moeilijk in zee gaan met de directe erfgenamen van de kerstcoup. Toch vormt dit niet een bevredigende verklaring voor de windstilte waarmee de regering reageert op de openbaarmaking van een aantal zaken waarvan zij nota bene zegt dat ze niet als een verrassing komen. De neerslag van al die kennelijk zorgvuldig gekoesterde aanwijzingen en bekommernissen is het zogeheten Gemenebestplan: een nieuwe en nauwe associatie met Suriname die de deur opent voor indringende Nederlandse steun om de Augiasstal overzee te reinigen. Als minimumvoorwaarde geldt dat Suriname daar dan wel zelf om moet vragen. In de tussentijd lijkt zelfs de blik van anders toch zo gretige justitiele beleidsmakers op oneindig te zijn gezet als het om aanpak van de drugslijnen gaat.

DIT BELEID van hollen of stilstaan ontpopt zich steeds meer als een vicieuze cirkel. Hoe langer er wordt gewacht des te moeilijker het wordt. En het Gemenebestplan heeft toch al grote bezwaren. Niet het minste is dat het naar zijn aard een open-eind-constructie is. Nederland noch Suriname is er bij gebaat dat het voormalige moederland de verantwoordelijkheid de facto weer overneemt. De opgave is juist Suriname z`elf behoorlijk op de rails te krijgen. Daarvoor is een helpende hand van buitenaf onmisbaar, zo is wel duidelijk, maar dat dient niet te worden verward met een terugkeer naar de oude verhoudingen.

Niet voor niets is de totaal-aanpak op termijn binnen het kabinet omstreden. Het moet ook maar worden afgewacht of er een voldoende sociaal draagvlak valt te vinden voor een Surinaams Avontuur. Intussen zitten we met het slechtste van twee werelden: geen Gemenebest en een groeiende impasse.

ZEKER, MINISTER Van den Broek zit tot over zijn oren in de Joegoslavische crisis. Maar dat was ook al een absorberend probleem toen hij vorige maand naar Washington vloog voor overleg over de Balkan met zijn Amerikaanse collega Baker. Toch vond de minister toen, zoals hij dezer dagen zelf nog in herinnering bracht, gelegenheid Suriname te bespreken. Ook tijdens een eerder bezoek gedurende de Golfoorlog maakte hij tijd vrij voor overleg met de Organisatie van Amerikaanse Staten - die inderdaad, zoals op deze plaats al eerder is bepleit, een sleutelrol dient te vervullen bij het schoonmaken van de Surinaamse Augiasstal.