Documentaire over Demjanjuk vergeet te twijfelen

Aktua special, De zaak Demjanjuk. Ned.2 21.32-22.27u.

Dagboekaantekening 11 april 1961: “Bijna niemand heeft gezien, hoe hij uit de muur in zijn glazen kooi is verschenen. (..). Vergeleken met de laatste foto van vorig jaar is hij ouder geworden. Hij draagt een donker pak en een bril. Twee- of driemaal kijkt hij met een onbewogen gezicht de zaal in en dan gedurende de hele zitting niet meer. Hij zit links op het podium van de moderne schouwburgzaal, verlicht door zachte neonlampen. (..). Als zij (de rechters) binnenkomen gaat Eichmann snel en gehoorzaam in de houding staan. De president vraagt hem of hij Adolf Eichmann is, en hij zegt kort "jawohl'. (Harry Mulisch, De zaak 40-61).

De eerste beelden uit de Tros-documentaire over zaak 373-86 (de staat Israel versus John (Iwan) Demjanjuk, 16 februari 1987) vertonen een opvallende gelijkenis met de openingssc`ene uit het proces-Eichmann. Beide verdachten zitten links op het podium van een verbouwd uitgaanscentrum. Beiden hebben hun uniform ingeruild voor een donker pak en dragen inmiddels een bril. Net als Eichmann kan de botte Demjanjuk heel beleefd zijn - hij steekt zelfs brutaalweg zijn hand uit naar een getuige. En beiden staan terecht wegens moord op honderdduizenden joden, al zou Demjanjuk geen Schreibtischmörder zijn geweest maar een kampbeul van de daad.

Maar er is ook een opvallend verschil tussen beide processen: was Eichmann een oorlogsmisdadiger die zonder aarzelen zijn identiteit toegaf (en de galg dus niet kon ontlopen), van Demjanjuk staat nog steeds niet vast dat hij de man is die hij verondersteld wordt te zijn. Is Demjanjuk inderdaad "Iwan de verschrikkelijke', de beul van Treblinka, of is hij het slachtoffer van persoonsverwisseling?

Het is vreemd dat de aangrijpende documentaire De zaak Demjanjuk zo weinig aandacht schenkt aan deze frustrerende kant van proces 373-86. Natuurlijk, de getuigenissen van de vijf voormalige gevangenen van Treblinka zijn er niet minder schokkend om: niemand blijft onbewogen onder de wanhoopskreten van getuige Czarny. Maar waarom zwijgt de documentaire over de 22 ex-gevangenen die Demjanjuks foto niet aanwezen, toen hun gevraagd werd "Iwan de verschrikkelijke' te identificeren? Waarom "vergeet' men de vondst, halverwege het proces, van een foto uit 1946? En waarom voert het (Amerikaanse) programma een reeks geleerden ten tonele maar negeert het de Leidse geheugendeskundige Wagenaar, die een week lang de tijd kreeg om zijn twijfels te uiten over de gebruikte herkenningsprocedures en de betrouwbaarheid van het menselijk geheugen?

Nog raadselachtiger wordt het als De zaak Demjanjuk eenmaal is afgelopen. De laatste beelden, uit april 1988, tonen een tot de galg veroordeelde Demjanjuk en een juichende zaal. Einde proces, zo lijkt het: die Demjanjuk zal wel kort daarna zijn opgehangen. In werkelijkheid sleept het hoger beroep in zaak 373-86 zich al drie jaar voort.

In tweede instantie zijn de eerder gerezen twijfels omtrent Demjanjuks identiteit niet weggenomen, integendeel. Zo is er nieuw bewijsmateriaal dat een zekere Iwan Martsjenko aanwijst als "Iwan de verschrikkelijke'. Verdediger Sheftel `en aanklager Shaked menen dat het proces geen voortgang kan vinden zonder inzage in deze stukken.

Anders dan De zaak Demjanjuk suggereert, is zaak 373-86 nog lang niet afgelopen. De Tros geniet de twijfelachtige eer de verdachte te hebben opgeknoopt alvorens het recht zijn loop heeft gehad.