Slachtoffers Iraakse inval kunnen elk zeker 5.000 gulden eisen

GENEVE, 6 AUG. Slachtoffers van de Iraakse invasie in Koeweit, iets meer dan een jaar geleden, hebben recht op ten minste 5.000 gulden en maximaal 20.000 gulden per persoon. Dit bedrag heeft de schadeloosstellingscommissie van de VN gisteren vastgesteld op haar eerste vergadering in Geneve.

De commissie heeft “richtlijnen voor de versnelde afwikkeling van dringende eisen tot schadevergoeding” opgesteld voor schade die in de Golfoorlog ontstaan is. Op het smartegeld kan iedereen aanspraak maken die als gevolg van de inval Koeweit of Irak moest verlaten, gewond is geraakt of een familielid heeft verloren. De periode waarover men recht heeft op schadevergoeding ligt tussen 2 augustus, de dag van de inval, en 2 maart dit jaar, de dag waarop Irak instemde met voorwaarden voor een staakt-het-vuren.

Individuele personen hebben recht op maximaal 20.000 gulden voor een omgekomen familielid en op 10.000 gulden als men moest vluchten. Over schade die aantoonbaar boven dit bedrag uitgaat wordt later een beslissing genomen. De commissie beheert het door de Verenigde Naties ingestelde 'herstelfonds' waarin Irak een nog niet vastgesteld percentage van zijn inkomsten uit de export van olie moet storten.

De commissie heeft verder bepaald dat bij het fonds herstelbetalingen kunnen worden aangevraagd voor particuliere en zakelijke stroppen, alsmede voor schade aan het milieu en natuurlijke hulpbronnen. Eisen tot schadevergoeding tot een bedrag van 200.000 gulden worden met voorrang behandeld. Iraakse staatsburgers hebben geen recht op schadevergoeding, aldus de richtlijnen.

Overigens zijn pas betalingen uit het fonds mogelijk als Irak weer inkomsten uit de oliehandel verkrijgt. De Veiligheidsraad van de Verenigde Naties moet beslissen over de opheffing van het verbod op de olieverkoop dat hij eerder aan Irak heeft opgelegd.

Verder komt er een groep van internationale deskundigen op het gebied van oliehandel en financien. Dezen moeten beoordelen in hoeverre Irak technisch en financieel in staat is tot het betalen van schadevergoedingen. In oktober wil de commissie, op haar tweede bijeenkomst, richtlijnen vaststellen voor de manier waarop Irak moet betalen. (Reuter)