Platteland in de ban van de wekelijkse bingo-avond

Op het platteland floreren de bingo-avonden: het gokspel waarin vooral (huis)vrouwen afleiding zoeken. Alleenstaand of getrouwd, eenmaal in de week zoeken ze hun vertier buiten de deur. Het mes snijdt aan twee kanten: de organiserende verenigingen spekken hun clubkas en de bingofanaat vindt gezelligheid. Ook in de vakantiemaanden draaien de bingo's door. De concurrentie onder de 'bingoclubs' is groot. “Je moet de gang erin houden. Anders zit er zo een ander op jouw avond.”

HARKEMA- TWIJZELERHEIDE, 6 AUG. De speciale bingostiften liggen onder handbereik, naast de pakjes sigaretten en de doosjes met fruitsnoepjes. Het is doodstil in het zaaltje. “Pennen op papier”, roept de speaker. Om de vier seconden wordt een nummer opgeroepen. Alleen het krassen van de stiften op de kaarten is hoorbaar. “En ja, bingo!”, roept een vrouw. Ze loopt naar voren en na controle krijgt ze vijftien gulden contant.

“Ik zit de hele dag thuis”, motiveert mevrouw De Jong, die voor geen goud met haar echte naam in de krant wil, haar aanwezigheid op de wekelijkse bingo-avond in de sporthal in het Friese Harkema. “Dit is voor mij een wekelijkse ontspanning. Het kost me 20 gulden op een avond. Nou, en? Ik ga verder nooit uit. We gaan ook nooit op vakantie, want mijn man is invalide.”

De meeste vrouwen, zo'n 70 in getal, zitten er 'voor de gezelligheid'. Sinds ongeveer vijftien jaar is het aantal bingo-avonden op het Friese platteland fors toegenomen. Vooral veel kleine verenigingen zien in een wekelijkse bingo-avond een mogelijkheid extra inkomsten te verwerven. Daarnaast draait het illegale circuit waar onder de dekmantel van een vereniging, die een kleine vergoeding krijgt, particulieren de winst van de avond opstrijken. Het moeten er in Achtkarspelen enkele tientallen zijn. Voor het kansspel is een vergunning nodig. Elke vereniging die ten minste drie jaar bestaat kan een aanvraag indienen en een bingo-avond starten. Voorwaarde: niet op dezelfde avond gaan 'zitten' als 'de concurrent'.

Ook de Taptoe-commissie in Harkema probeert sinds tien jaar haar inkomsten op peil te brengen door middel van een bingo-avond. Met de wekelijkse opbrengst daarvan wordt het jaarlijkse dorpsfeest gefinancierd. Na aftrek van de zaalhuur kan P. Nicolai van de Taptoecommissie 200 gulden innen. Maar door de volgens hem bikkelharde concurrentie is de klad wat in het bezoekersaantal gekomen. Kwamen er zo'n tien jaar geleden nog 140 tot 150 mensen, nu zijn dat er nog maar 70 tot 80 op een avond. “Er worden veel te veel bingo's gehouden, ook door verenigingen die geen vergunning hebben”, vermoedt hij. “Hoeveel illegale bingo's er zijn weet ik niet, maar ze worden gedoogd; er is haast niks aan te doen. Met het gevolg dat er elke avond wel ergens een bingo is.”

Ook 'bingomeester' J. Postma van postduivenvereniging 'De Gevleugelde Vrienden' in Twijzelerheide merkt dat de spoeling dunner wordt door de toename van het aantal bingo's. Tien jaar geleden beleefde hij 'topjaren'. Na de bouw van een nieuw clubhuis zaten de 'Vrienden' diep in de schulden. In het dorp draaide toen een bingo; de postduivenvereniging begon er ook een. “Ik had in het begin wel 218 mensen op een avond.” Twee, drie jaar geleden kwamen de magere jaren. Postma: “Dan waren er zo'n 90 mensen op een avond. Maar de laatste drie weken gaat het weer goed. Dan tel ik 120 of 138 en soms 146 mensen.”

Het redelijke succes van de 'postduivenbingo' (eens in de veertien dagen op een dinsdag in het eigen clubgebouw) verklaart hij door het consequent toepassen van een aantal regels: “Ik ben serieus, eerlijk en goedkoop. Als iemand te laat 'bingo' roept, al is het mijn eigen zoon, dan krijgt hij niks. De boekjes zijn niet duur en de prijzen altijd even hoog, of er nu 90 mensen of 150 in de zaal zitten. Dat weten de mensen en dat waarderen ze. Soms moeten we wel eens zes keer met verlies draaien, maar daarna kruip je weer geleidelijk naar de winst. Ik heb ook geen lange pauzes. We beginnen om acht uur en om tien uur heb ik iedereen de deur uit.”

In de vakanties draait Postma door. “De bingo is onze belangrijkste inkomstenbron. Subsidie krijgen we niet. We houden er soms 400, soms 500 gulden op een avond aan over. Stop je in de vakanties, dan kan er bij wijze van spreken zo een konijnenvereniging op de dinsdag gaan zitten. Nee, je moet de gang erin houden en die datum vasthouden.” In het begin waren er nog echte prijzen te winnen, zoals boodschappen en schemerlampen, dekbedden en cosmetica. Door de toenemende concurrentie is vrijwel iedereen overgestapt op geldprijzen. “De mensen zijn overvoerd”, meent Nicolai, “je moet meedoen, anders kun je het vergeten, dan komen ze niet meer.”

“De echte gokkers zijn vrouwen”, meent Nicolai. “De meesten komen voor de gezelligheid. Maar er zijn er bij die gewoon zitten te trillen en te beven als het spannend wordt. Dat zijn de echte gokverslaafden.”

De vaste partner van mevrouw De Jong voor de wekelijkse bingo (de twee vriendinnen delen alle gewonnen geldprijzen, “anders is het zo sneu voor de ander als de een wint en de ander niet”) laat al op voorhand weten dat er geen gokverslaafden in de zaal zitten, noch vrouwen die door hun goklust in financiele problemen zijn geraakt. Dit laatste werd twee maanden geleden gesuggereerd door een gemeenteraadslid, maar er kon niets bewezen worden. “Het zijn hier allemaal fatsoenlijke vrouwen.”

“Als ik wat win, ga ik eens een keer vaker”, vertelt mevrouw G. Borger. “Er zijn inderdaad mensen die hun huisraad verkopen om naar de bingo te kunnen gaan”, weet ze. “Er gaan zelfs huwelijken door kapot. Maar ik vind dat je uit moet gaan van je eigen portemonnee. Ik kom hier voor de gezelligheid. Verder is er ook niets in het dorp, naar bars wil ik niet.”

In cafe-restaurant De La Paix in Drachten verhuurt eigenaar M. van Leer zijn zaal drie keer in de week aan de rugby-vereniging en de muziekkorpsen Concordia en Crescendo voor een bingo-avond. Op dinsdag, donderdag en zaterdag zitten er 80 tot 100 mensen in de zaal. “De hoofdmoot komt voor de gezelligheid”, weet Van Leer. “Dat zijn de alleenstaanden die onder de mensen willen komen en de echtparen die niet voor de tv willen hangen. Hier treffen ze hun buren en kennissen. Daarnaast heb je de mensen die echt willen gokken en mensen die verslaafd zijn.” Volgens Van Leer zijn het niet de meest kapitaalkrachtigen die naar de bingo komen. “Veel van hen gaan niet op vakantie. Daarom draaien we in de zomermaanden ook gewoon door. Zo trek je ook vakantiegangers.”

Het beeld dat bingo vooral wordt gespeeld door vrouwen die sociale contacten en gezelligheid zoeken wordt bevestigd door regiohoofd K. Stabin van het Consultatiebureau voor Alcohol en Drugs (CAD) Friesland. Ze verdeelt hen in recreatiegokkers en dwangmatige gokkers, waarbij de schaal kan afglijden naar extreme verslaving. Zijn mannen vaak eenzame gokkers die aan fruitautomaten hangen, vrouwen zoeken juist de omgeving van medegoksters en vinden die in de wekelijkse bingo-avonden. “De wekelijkse bingo-avond biedt gezelligheid en afleiding, spanning en leut”, zegt Stabin.

De verslaving aan bingo valt naar haar oordeel mee, al kan er sprake zijn van een vertekend beeld. “Vrouwen melden zich in het algemeen minder snel dan mannen met welke verslaving dan ook bij de hulpverlening. Er komen dan ook weinig meldingen binnen van bingoverslaafden. Bingo is bovendien sociaal geaccepteerd. Er zijn vrouwen bij die al het huishoudgeld opmaken, maar het desondanks niet als probleem ervaren.”