Nadelen van kernenergie nog altijd groter dan voordelen

Het wordt tijd voor bezinning op de vraag hoe we in de toekomstige vraag naar elektriciteit voorzien en welke brandstoffen we daarvoor inzetten. Dat concluderen Karel Knip en Theo Westerwoudt in het slotartikel van hun serie over kernenergie (NRC Handelsblad, 18 juni). Even lijken ze de goede kant op te gaan, wanneer ze als 'beste oplossing' verregaande energiebesparing bepleiten. Dan wenden zij hun steven en koersen lijnrecht af op kernenergie. Onder erkenning van de noodzaak van energiebesparing stellen de auteurs dat de democratie geen dwang toestaat en haar grenzen bereikt bij wat het prijsmechanisme en overreding kunnen opleveren. Een democratie kan echter niet zonder regels die de samenleving beschermen en die bescherming mag worden afgedwongen. De auteurs hanteren het democratische beginsel bovendien selectief. Sedert de brede maatschappelijke energiediscussie van 1982-'83 is een meerderheid van de Nederlanders tegen uitbreiding van kernenergie; sinds 'Tsjernobyl' zelfs 85 procent. In plaats van dit gegeven als democratisch fundament te accepteren, pleiten Knip en Westerwoudt voor meer voorlichting over de zegeningen van kernenergie. Zij erkennen dat bij een politieke discussie over het al dan niet uitbreiden van het kernenergievermogen een behoorlijke publieke acceptatie noodzakelijk is, maar wensen de massale afwijzing van kernenergie kennelijk niet te accepteren.

De auteurs roepen met name de milieubeweging op mee te doen aan voorlichting over alle voor- en nadelen van de diverse energie-opties. Alsof de milieubeweging dat niet allang doet. Knip en Westerwoudt weten blijkbaar niet dat tijdens genoemde energiediscussie bij uitstek de milieubeschermers zich bedienden van wetenschappelijke informatie, op grond waarvan zij de voordelen van kernenergie vele malen lichter bevonden dan de nadelen (overigens speelden ook emoties in die discussie een rol en dat was volstrekt op zijn plaats, gezien de zwaarte van de nadelen). De auteurs kennen blijkbaar ook het energiebesparingsscenario niet dat Milieudefensie en Natuur en Milieu onlangs publiceerden.

Ernstig is dat de auteurs zelf eenzijdige informatie verschaffen: - over de veiligheid van kerncentrales (geen woord over de onveiligheid van de rest van de splijtstofcyclus, zoals uraanwinning en kernafval); - over het ongeluk met de reactor in Tsjernobyl dat hier niet zou kunnen gebeuren (wat onjuist is, zoals ook de ECN erkent); - over nieuwe, nog veel veiliger reactoren uit Amerika (ook met zulke reactoren kunnen zeer ernstige ongelukken gebeuren).

Er wordt kortom een onvolledig en ook nog een onjuist beeld gegeven van de ontwikkelingen op het gebied van kernenergie, terwijl over democratische besluitvorming en publieke acceptatie een wel heel merkwaardige opvatting wordt geventileerd.

Voor de kernenergie-optie geldt dat afdoende oplossingen moeten worden gevonden voor de schaarste aan verantwoord en veilig winbaar uraan, de veiligheid van kerncentrales en andere kernenergie-installaties (onder andere met betrekking tot opwerking) en voor de gevaren van radioactief afval, met name splijtingsafval. Voorts moet rekening worden gehouden met proliferatie van kernwapens door vreedzaam gebruik van kernenergie en met de mogelijke accumulatie van radionucliden in de atmosfeer (krypton-85) ten gevolge van kernenergietoepassing.

Ondanks de besteding van tientallen miljarden guldens liggen de oplossingen van deze knelpunten ver achter onze horizon, zo ze daar al liggen. De vraag is dan ook gerechtvaardigd of Nederland zijn inspanningen niet anders moet richten. Het is jammer dat Knip en Westerwoudt in hun artikelenreeks zijn blijven steken in de traditionele benadering van 'een beetje meer van hetzelfde', terwijl nationale en internationale studies glashelder aantonen dat het roer van onze economie en dus van ons gebruik van energie drastisch om moet. Onze toekomst ligt in energiebesparing en duurzame energiebronnen. Door deze artikelenreeks wordt een fundamentele discussie over de toekomst van onze samenleving gemarginaliseerd tot een discussie over enkele veiligheidsaspecten van kernreactoren. De milieubeweging gaat ook marginale discussies niet uit de weg, maar levert liever een bijdrage aan een substantieel debat.