Baker zou weer naar M-Oosten willen

WASHINGTON, 6 AUG. De Amerikaanse minister van buitenlandse zaken, James Baker, is gisteren zonder een toezegging van de Palestijnen omtrent hun deelname aan een in oktober te houden vredesconferentie over het Midden-Oosten naar de Verenigde Staten teruggekeerd.

Er zijn evenwel aanwijzingen dat de Palestijnen toch een afvaardiging zullen sturen naar de conferentie. Volgens een hoge functionaris uit Bakers entourage overweegt de minister om volgende maand nogmaals naar het Midden-Oosten te reizen met het oog op de conferentie.

Baker zal in Washington president Bush inlichten omtrent de voortgang bij zijn jongste vredesmissie in het Midden-Oosten, de zesde van de Amerikaanse bewindsman sinds het einde van de Golfoorlog in februari.

Tot veler verbazing suggereerde Baker gisteren in Algiers dat ook Libie als waarnemer bij de vredesconferentie aanwezig zou kunnen zijn. Baker noemde een dergelijke stap ook “in overeenstemming met de politiek van Israel”. Libie staat nog steeds op de lijst van het Amerikaanse ministerie van buitenlandse zaken als een staat die terrorisme steunt. Sinds 1986 is er van Amerikaanse zijde tevens een economisch embargo van kracht tegen Libie.

Uit Israel werd gisteren gemeld dat Baker zich tevreden had betoond over zijn besprekingen in drie Noordafrikaanse landen van de afgelopen dagen. “Hij had het gevoel dat het goed was gegaan”, aldus Yossi Ben Aharon, een hoge adviseur van de Israelische premier Yitzhak Shamir. Hij gaf geen verdere bijzonderheden. (AP)