De WAO-schande

“Er komt een nieuwe regeling voor WAO'ers jonger dan vijftig jaar”. Maar eerst ging de minister met vakantie. Dat is wel het schandelijke aspect van de halfbakken plannen waar het kabinet mee kwam op 14 juli. Voor tienduizenden Nederlanders wordt opeens hun toekomstige uitkering heel onzeker - deze krant noemde het voorbeeld van een WAO'er die nu recht heeft op 2800 gulden per maand, maar bang is dat zijn uitkering terugvalt tot ongeveer 1100 gulden. Niemand kan vertellen of dat inderdaad de bedoeling is van het kabinetsplan, om de eenvoudige reden dat de ministers met vakantie zijn en hun plan nog lang niet compleet is. Afgaande op de berichten in de pers lijkt hier sprake van een grof staaltje van onbehoorlijk bestuur, waartegen een echte oppositie zeker zou protesteren door met een motie van afkeuring tegen minister De Vries van sociale zaken en werkgelegenheid.

Op dit moment is niet duidelijk of de WAO'ers onder de vijftig zullen moeten wachten tot prinsjesdag voordat duidelijk is wat het kabinet nu precies voorstelt voor hun uitkering of dat al eerder enige duidelijkheid komt. Hoe dan ook, zelfs een dag onzekerheid was al onacceptabel. Als het kabinet werkelijk meent te kunnen tornen aan de rechten van de verzekerden in een al meer dan twintig jaar lopende verzekering, dan is toch wel het minste dat de minister van sociale zaken heel precies uitlegt hoe hij zich de nieuwe regels voorstelt. Maar ja, de ambtenaren die de minister van sociale zaken hierover assisteren, zijn waarschijnlijk dezelfden die ook al machteloos stonden toen bleek dat van de beloofde individuele gesprekken met langdurig werklozen bijna niets terecht kwam. Het zijn ook waarschijnlijk dezelfde ambtenaren die nog nooit iets hebben kunnen doen aan de verspillende stammenoorlog tussen de gewestelijke arbeidsbureaus en de sociale diensten. Zoals de vorige secretaris-generaal van sociale zaken ooit zei in een interview: “Op dit departement was er een cultuur van vriendelijkheid, men spaarde elkaar, sprak elkaar niet aan op resultaten”. Maar dat is natuurlijk geen excuus voor een minister om voor tienduizenden Nederlanders zoveel onzekerheid te scheppen. Schandelijk is ook dat de regering nu opeens radicaal afwijkt van het 'tripartite akkoord inzake arbeidsongeschiktheid' van oktober 1990. Toen verklaarden werkgevers, werknemers en overheid nog plechtig: “De rentegratiedoelstelling van WAO-AAW krijgt een meer gelijkwaardige plaats naast de doelstelling van inkomensbescherming”. Nu wordt opeens de inkomensbescherming weggegooid, althans voor de bestaande WAO'ers onder de vijftig en voor alle nieuwe gevallen.

Er is een wereld van verschil tussen de verklaring van het Najaarsoverleg tussen werkgevers, bonden en overheid uit 1990 en de huidige voornemens. Toen stelden partijen nog een zinvolle diagnose. De verklaring van oktober 1990 ging inderdaad over preventie van ziekteverzuim en over een veel betere begeleiding van zieke werknemers Ook op deze plaats heb ik er eerder voor gepleit om veel sneller de Gemeenschappelijke Medische Dienst in te schakelen. Keer op keer hebben deskundigen ertegen geprotesteerd dat veel meldingen aan de GMD pas tegen het einde van het Ziektewetjaar worden gedaan. Werkgevers, bonden en overheid spraken vorig jaar ook met nadruk over de mogelijkheid om artikel 30 van de Ziektewet actief toe te passen, wat het mogelijk maakt om niet voor honderd procent gezonde werknemers alvast het werk gedeeltelijk te laten hervatten, waarbij de werknemer dan ziekengeld ontvangt als aanvulling op een gedeeltelijk loon.

Nauwelijks meer dan een half jaar geleden pleitten sociale partners en overheid nog voor betere preventie en voor een veel zorgvuldiger begeleiding van zieke werknemers. Nergens spraken partijen toen over het halveren of stopzetten van uitkeringen; integendeel, de doelstelling van inkomensbescherming werd heel nadrukkelijk genoemd in de inleiding van de gemeenschappelijke verklaring. Ook minister De Vries van sociale zaken zette daar zijn handtekening onder. Is in de tussentijd dan gebleken dat de weg van preventie en betere behandeling onbegaanbaar is? Welnee, verschillende rapporten, ook op deze plaats geciteerd, hebben erop gewezen hoe slordig de begeleiding van zieke werknemers thans is en hoeveel alerter de verschillende instanties, met name de bedrijfsverenigingen, zouden kunnen helpen om mogelijkheden te scheppen voor gedeeltelijk arbeidsongeschikte werknemers. De GMD's hebben concrete voorstellen gedaan om te helpen bij herplaatsing van werknemers die niet meer in hun oude baan kunnen terugkeren.

Kennelijk heeft het kabinet nu besloten om organisatie en uitvoering van ziektewet en WAO niet grondig aan te pakken en te verbeteren, maar in plaats daarvan botweg de uitkeringen te verlagen, dan wel op termijn stop te zetten. Ik heb nergens kunnen lezen waarom de gezamenlijke verklaring 'Volumebeleid Arbeidsongeschiktheid' uit het najaar van 1990 in de prullemand moest verdwijnen om vervangen te worden door een radicaal tegengestelde aanpak. Niet alleen de vakbonden hebben het recht zich bedrogen te voelen, ook het Verbond van Nederlandse Ondernemingen (VNO), dat in oktober 1990 nog stelde 'groot belang te hechten' aan het toen afgesloten tripartite-akkoord, zal zich willen afvragen hoe zinvol het nog is om met deze regering serieus te overleggen.

Als regeringspartij PvdA zou vasthouden aan het tripartite-akkoord uit 1990 over de aanpak van zieke en arbeidsongeschikte werknemers, en aan de toen voor het laatst beleden doelstelling van inkomensbescherming, dan valt het kabinet. Geen gemakkelijke stap, maar het gaat hier wel om twee tegengestelde visies op het grootste probleem van de Nederlandse economie. Kan een combinatie van betere preventie, veel snellere inschakeling van de GMD, toepassing van art. 30 Ziektewet en een harde aanpak van de bureaucratie bij de bedrijfsverenigingen de klus klaren of moeten - zoals de regering nu voorstelt - uitkeringen worden gehalveerd en afgeschaft? De eerste weg is uiteraard de humane en fatsoenlijke, maar krijgt nu niet eens de kans te worden geprobeerd. Deze maand zal wel blijken hoeveel leden van de Tweede Kamer er een politieke crisis voor over hebben om toch eerst de weg te bewandelen die werkgevers, bonden en kabinet nog geen jaar geleden zo duidelijk schetsten.