Alva's erfenis

In het hoofdartikel van 27 juli wordt de omzetbelasting onder Alva de aanleiding van de Tachtigjarige Oorlog genoemd.

Er staat verder in dat ook nu nog, in een rechtsstaat van mondige burgers, directe belasting de voorkeur verdient boven de - minder gemakkelijk opgemerkte - indirecte. Gemakshalve wordt voorbij gegaan aan de mogelijkheid dat een belasting op omzet de consument meer stimuleert tot sparen dan een gelijke belasting op loon en inkomen. Dat is toch geen verwaarloosbaar gegeven, in verband met rentestand en investeringen.

Werkelijk interessant wordt de kwestie als men zich verplaatst in de positie van een ondernemer. In onze economie worden allerlei sociale regelingen betaald uit een last op de arbeid. Daardoor is de arbeid zeer duur en kennen we grote werkloosheid, veel uitstoot van arbeidskracht via de WAO en ernstige financiele problemen voor de overheid. Een tegemoetkoming in de arbeid tegen een even grote lastenverzwaring op toegevoegde waarde zou de ondernemer stimuleren tot arbeidsintensievere produktie. Daardoor zou de enorme kapitaalvernietiging, die werkloosheid heet, kunnen worden beeindigd. Het is onnodig op te merken dat daarbij elke bedrijfssector apart moet worden behandeld, opdat geen sectoren worden benadeeld ten gunste van andere.

Na de zomer zal de commotie over financieringstekort, WAO en sociale zekerheid opnieuw actueel worden. Er zal daarbij alle reden zijn de consequenties van een onevenwichtig fiscaal stelsel in gedachten te houden. Al was het alleen maar omdat door een beter uitbalanceren der belastingen de overheid tientallen miljarden per kabinetsperiode zou kunnen besparen op sociale zekerheid - zonder die aan te tasten. Belasting is mensenwerk; onevenwichtige belastingheffing, met alle sociale en financiele problemen vandien, eveneens. Oplossing van deze problematiek - ongetwijfeld een heel karwei - is mogelijk.