Taxichauffeurs N-Holland voortaan beter gecontroleerd; Speciale ambtenaar aangesteld wegens tijdgebrek bij politie

AMSTERDAM, 3 AUG. Taxichauffeurs in Noord-Holland die te veel passagiers meenemen of hun ritten niet goed administreren lopen vanaf woensdag het risico een proces-verbaal te krijgen van een speciale opsporingsambtenaar. Op die dag beedigt de provincie Noord-Holland de eerste opsporingsambtenaar taxizaken in Nederland.

De opsporingsambtenaar, G. van der Linden (39), controleert al twee jaar taxibedrijven en chauffeurs, tot nu toe echter zonder opsporingsbevoegdheid. Hij begon zijn werk toen in 1989 de taxizaken van de gemeenten naar de provincies werden overgeheveld.

Exacte gegevens over overtredingen zijn niet beschikbaar maar, zo vermoedt Van der Linden, “voorlopig zit ik niet zonder werk”. Nu hij opsporingsbevoegdheid heeft, kan hij ook de straat op om de gangen van taxichauffeurs na te gaan. “Dat had tot nu toe geen zin. Stel ik controleer in Wieringerwerf een taxi en de vergunning is niet in orde. Zonder opsporingsbevoegdheid moest ik een politiewagen laten komen en in die landelijke gebieden kan dat wel even duren. Dat is niet effectief. Als je controleert, moet je ook meteen kunnen optreden. Anders sta je gewoon voor paal.”

Het ministerie van justitie was niet direct bereid gehoor te geven aan het verzoek van de provincie om een opsporingsambtenaar aan te stellen. Maar nadat uit een enquete onder 23 politiekorpsen in Noord-Holland bleek dat de korpsen te weinig tijd hebben om aandacht te besteden aan de controle van taxi's, stemde het ministerie in met het verzoek om aanstelling van een opsporingsambtenaar.

Van der Linden gaat zich alleen bezig houden met overtredingen op de Wet Personenvervoer en de Wet Economische Delicten. Bij bedrijven gaat hij in de boeken na of de werktijden, bemanningsregisters, rittenstaten en loonadministratie kloppen. Op de rittenstaat moet de chauffeur invullen waar hij naar toe rijdt, hoeveel kilometer per rit wordt afgelegd en welk bedrag aan de passsagier in rekening is gebracht.

Op de weg zal Van der Linden de werkboekjes, waarin de taxichauffeur de werktijden en rustpauzes moet bijhouden, de vergunningen, het aantal passagiers en de autopapieren controleren. Vooral de werktijden en het aantal passagiers zullen veel processen-verbaal opleveren, verwacht Van der Linden. “In de busjes die vanaf disco's en kroegen rijden zitten vaak te veel mensen. Als ik dan zie dat er veertien inzitten, terwijl er maar acht mee mogen kan ik zeggen: die zes eruit of ik maak proces-verbaal op.”

Van der Linden zal niet lukraak door Noord-Holland gaan rijden om een aantal van de bijna duizend taxi's in de provincie te onderzoeken. “En ik ga ook niet een hele dag bij het station posten om daar alle wagens aan te houden. Als ik toch al op weg ben naar een bedrijf, rij ik achter een taxi aan. Als de passagiers zijn uitgestapt, ga ik controleren. Of ik ga ergens kijken als ik een klacht heb binnen gekregen.” Zelf in de taxi stappen zal hij niet zo snel doen. “Dat is veel te duur.”

Angst voor agressie van taxichauffeurs heeft Van der Linden niet. “Agressie zal ongetwijfeld voorkomen, maar over het algemeen zijn mijn ervaringen met taxichauffeurs positief. Je moet de juiste opstelling hebben, niet als een boeman optreden.”