Kroatie zonder wapens en zonder hoop

ZAGREB, 3 AUG. “Als de regering ons wapens had gegeven, dan stond ik hier nu niet.” De vluchteling uit het Kroatische stadje Sunja bij Zagreb, dat al meer dan een week door bewapende Serviers wordt belegerd, lijkt het water tot de lippen gestegen. “Al maanden geleden hebben we gezegd: geef ons wapens, maar niemand wilde luisteren. Je ziet het resultaat: via de enig overgebleven weg, het pontje over de Sava, hebben we ons stadje moeten verlaten.”

Kritiek op tekort aan bewapening en militaire strategie is algemeen in Kroatie, waar militante Serviers, volgens de Kroatische autoriteiten met steun van het leger, steeds meer gebieden in bezit nemen, daarbij bijna dagelijks tientallen Kroatische politieagenten en Nationale gardisten, de eigen 'soldaten' van Kroatie, dodend.

Ook de Kroatische hoofdstad Zagreb, ofschoon niet direkt bedreigd door de Serviers, lijkt steeds meer in de greep van de angst te komen. “Nu hangt de hele stad vol met waarschuwingen tegen gifgas-aanvallen en blijft de televisie ter geruststelling de hele nacht in de lucht. Maar heb jij al iets gezien dat lijkt op een maatregel ter verdediging van de stad? Ik niet”, aldus een inwoner. Bijna niemand denkt, dat Kroatie kans maakt op de overwinning, wanneer het tot de door Zagreb voorspelde 'totale oorlog' tussen Kroatie enerzijds en Serviers en het federale leger anderszijds zou komen.

De Kroatische president Franjo Tudjman heeft deze week in een rede voor het parlement de militaire onmacht van de republiek in de eerste plaats toegeschreven aan het gebrek aan wapens. “Anders dan in Slovenie heeft het leger ons de Territoriale verdediging (de oude strijdkrachten van de republieken zoals die in de communistische tijd bestonden, red.) ontnomen, voordat de confrontatie begon”, meende Tudjman. Naar zijn zeggen heeft de Europese Gemeenschap door een ontmoedigingsbeleid ook andere wapenleveranciers van de bewapening van Kroatie afgehouden.

Het gebrek aan wapens is ook de officiele reden voor het uitblijven van een algehele mobilisatie in Kroatie. Er zijn eenvoudig geen wapens genoeg om reservisten zinvol in te zetten, uniformen evenmin. Het beste wordt de nood misschien wel duidelijk uit het gebrek aan helmen: zelfs de Nationale gardisten met de gevaarlijkste opdrachten in Slavonie moeten het meestal doen met eenvoudige vechtpetjes. Helmen van Amerikaanse makelij zijn pas sinds twee weken mondjesmaat voorhanden.

Bij de Nationale Garde in Komarevo, een laatste Kroatische stelling nabij Sisak, zijn deze week voor het eerst mortieren opgedoken - een bewijs voor Tudjmans stelling dat het met de wapenimport langzaam beter gaat. Het probleem is echter, aldus de plaatselijke commandant in Komarevo, dat er nauwelijks enig inzicht bestaat in de locatie van de Serviers in het gebied. De Serviers, met hun commando-eenheden, vechten een mobiele-, de Kroatiers een statische oorlog.

In een land waar de partisanenstrijd onderdeel is van de nationale mythologie, heeft dat al tot veel kritiek geleid. Ivan Rukavina, een van Tito's strategen in de Tweede wereldoorlog, laakt in een interview met het weekblad Nedjeljna Dalmacija, de in de afgelopen weken ontstane gewoonte de bevolking van de door de Serviers bedreigde dorpen te evacueren. “Er moeten mensen blijven, hoe kun je anders een organisatie en de toevoer van wapens regelen”, merkt hij op. In de Servische dorpen bestaat dit logistieke verband wel, meent hij. Hij neemt het de Kroatische politieke leiding tevens kwalijk, werkeloos te hebben toegegeken bij de confrontaties tussen het Joegoslavische leger en Sloveense eenheden, eind juni-begin juli. “Het leger was toen verrast en gedemoraliseerd”, vindt hij, “misschien hebben we onze beste kans voorbij laten gaan.”

De verreweg populairste militaire commandant van Kroatie is Branimir Glavas, die de Nationale garde leidt in Slavonie, aan de grens met Servie. Deze gewezen advocaat laat zich graag fotograferen in uniform met antitankwapen op de schouder, en geeft in de Slavonische hoofdstad Osijek dagelijks een live op de televisie uitgezonden briefing. Ook hij is vol kritiek op het militair beleid van de Kroatische regering. “We zouden op elke aanval moeten antwoorden, ook op die van het Joegoslavische leger”, meent Glavas.

Ondanks zijn populariteit moet ook Glavas aanzien hoe bijna dagelijks Kroatische steden en dorpen, eventueel met de hulp van het Joegoslavische leger, door de Serviers worden ingenomen. Volgens Servische bronnen zouden daarbij in Dalj in de nacht van donderdag op vrijdag tientallen doden zijn gevallen. “Vrijwilligers hebben we genoeg”, meent de commandant, even over in Zagreb, “voor mij hoeft er geen mobilisatie te komen”. Zijn personeelsbeleid mag deels onorthodox heten. Zo is er nabij Vinkovci een eenheid van de Nationale Garde gelegerd, die grotendeels bestaat uit 'Bad Blue Boys', befaamde voetbalvandalen uit Zagreb.

Er gaan geruchten dat de Kroatische Nationale garde langzamerhand een belangrijke politieke factor binnen Kroatie begint te worden, maar Glavas ontkent dat. “Voor het moment hebben we nog vertrouwen in president Tudjman”. Wel verwijt hij, net als het merendeel van de bevolking, de politieke leiders in Zagreb een gebrek aan daadkracht.

Die politieke leiders hebben inmiddels nog een ander probleem aan hun hoofd: een heuse kabinetscrisis. Het klinkt veel Kroaten onwaarschijnljk in de oren, maar op het moment dat hun republiek militair ten onder lijkt te gaan, zit Kroatie zonder regering. In de praktijk is het belang daarvan wellicht relatief. Tudjman heeft immers een presidentieel regime ingesteld, met een “oorlogskabinet” en een “hoge raad van staat”, waarvan de bevoegdheden uiterst vaag zijn omschreven.

Het conflict draait om de voorwaarden waarop vertegenwoordigers van de oppositie zullen worden opgenomen in de regering, die tot nu toe door de meerderheidspartij HDZ werd gemonopoliseerd. Duizenden Kroatische televisiekijkers hebben donderdag verontwaardigd opgebeld naar aanleiding van het live uitgezonden parlementsdebat, waarin proceduredebatten en partijpolitieke trucjes hoogtij vierden.

In dat debat werd door menige spreker ferme taal ten beste gegeven: volledige mobilisatie moest er komen, alle personenauto's moesten worden gevorderd voor militaire doeleinden, alle disco's van Zagreb gesloten. De rechtse minderheid binnen de HDZ wilde bovendien het Joegoslavische leger tot 'bezettingsmacht' verklaren, wat in feite op een oorlogsverklaring aan de oppermachtige vijand zou neerkomen.

In afwachting van de uitkomsten van de strijd achter de schermen heeft het parlement zijn zittingen echter nu voor onbepaalde tijd opgeschort. De oppositiepartijen willen een echt regeringsprogramma, inplaats van een vijgeblad voor voortzetting van de huidige politiek te zijn. Tot die tijd kent Kroatie echter geen minister van defensie, en evenmin een minister van informatie. De inmiddels uit heel de wereld in Zagreb toegestroomde journalisten, gekomen om van de dreigende ondergang verslag te doen, moeten het dus zonder regeringswoordvoerders stellen.