CIA bevestigt contact met verdachte BCCI-bank

ROTTERDAM, 3 AUG. De tweede man van de Amerikaanse geheime dienst CIA, Richard Kerr, heeft gisteren gezegd dat de dienst de in opspraak geraakte Bank of Credit and Commerce International (BCCI) heeft gebruikt om “substantiele” financiele transacties door te voeren. Hij wilde niet zeggen wanneer de transacties plaatshadden en welke partijen daarbij betrokken waren.

Zijn superieur, CIA-directeur William Webster, heeft in een eerder stadium een intern onderzoek gelast naar de connecties die de dienst met BCCI “gehad zou hebben”. Volgens Kerr zijn alle contacten van de CIA met de bank “volstrekt legaal” geweest. Eerder werd bericht dat de CIA samen met BCCI-medewerkers betrokken was bij onder meer kidnapping, smokkel en mogelijk moord. Ook zou de geheime dienst al vijf jaar hebben geweten dat BCCI feitelijk een criminele organisatie was.

Op last van bankautoriteiten zijn begin juli over de gehele wereld de meeste filialen van de statutair in Luxemburg gevestigde bank gesloten, nadat ernstige vermoeden van fraude waren gerezen.

De regering van het Golfstaat Abu Dhabi, met 77 procent de grootste aandeelhouder van BCCI, zijn volgens de Financial Times van vandaag sinds april vorig jaar op de hoogte van grootscheepse fraude bij de bank.

Uit de eerste resulaten van een BCCI-onderzoek in India is gebleken dat veel industrielen en overheidsfunctionarissen de bank gebruikten om kapitaal naar het buitenland, meestal de VS, te brengen om zo de belasting te ontduiken of zwart geld wit te wassen. Het zou gaan om tientallen miljoenen dollars. De onderzoeksleider in India, Mike Hershman, zei dat al in 1986 de Amerikaanse belastingautoriteiten werden genformeerd over deze praktijken. Noch de Amerikanen noch het Indiase minsterie van financien zagen daarin een reden tot actie, aldus Hershman. (Reuter,AP)