Sober slotwoord van een ridder van het witte doek

Geen bezoek, geen bloemen en het was voorbij voordat we er goed en wel erg in hadden. Jo Ropcke zei pas aan het eind van Premiere dat dit zijn laatste uitzending was, dat hij in die dertig jaar televisie de tijd nog had meegemaakt van “kijkers die zich een ongeluk schrokken als ze een blote borst zagen” en dat hij iedereen bedankte voor de trouw. Daarop vertoonde de BRT nog een paar minuten foto's uit zijn tv-carriere en toen was het afgelopen. Zo zonder opsmuk en ophef zoals hij altijd zijn programma's presenteerde, zo verdween hij uit beeld.

Wat hij deed, had eigenlijk niets bijzonders moeten zijn: hij gaf in enkele zinnen informatie over een nieuwe film en vertoonde daaruit vervolgens een fragment. Soms te kritiekloos, soms met een ironische zinsnede waaruit zijn eigen gemengde gevoelens over een film moesten blijken, maar altijd correct en informatief. Jo Ropcke behoorde tot de tv-adel. Zijn werkzaamheden worden adequaat overgenomen door Roel van Bambost, die minstens even veel affiniteit met film uitstraalt (hij neigt er alleen in zijn interviews toe meer diepgang te zoeken dan er is). Mede dankzij Van Bambost heeft de BRT al jarenlang een hoogst actief filmbeleid; voortdurend zijn daar aardige documentaires te zien die hoogst zelden in Nederland worden uitgezonden.

Vergeleken bij de geforceerde dynamiek van Rene Mioch (Veronica) en de geforceerde gezelligheid van Tineke Verburg (TROS) is het er een hemel op aarde. Hier heeft alleen Cees van Ede bij de NOS getracht een informatief service-rubriekje over nieuwe films op te zetten, maar dat is intussen alweer verdwenen. Daar, bij de BRT, is de cinematografie meer dan alleen goedkope zendtijdvulling. En zo te zien blijft dat zo, ook nu Jo Ropcke daaraan niet langer zijn beminnelijke aanwezigheid zal verlenen.