Ravensbruck

Ravensbruck was geen 'joods' kamp, maar een strafkamp voor vrouwelijke politieke gevangenen. Het kamp fungeerde tevens als trainingscentrum voor vrouwelijke kampbewakers. Het bood plaats aan meer dan 100.000 vrouwelijke gevangenen uit diverse landen. Later werd aangrenzend aan het kamp een kleinere mannenafdeling gevormd. In totaal meer dan 90.000 slachtoffers.

In het licht van twee recente artikelen in NRC Handelsblad, namelijk de boekbespreking 'Manipuleren met Auschwitz' (door A.W.N. Gerrits op 11 mei 1991) en het gesprek met de Amerikaanse holocaust-deskundige Raul Hilberg (Connie Kristel op 30 mei 1991) lijkt mij een rectificatie van de vermelding van 90.000 joodse slachtoffers op zijn plaats.

Dat een politiek systeem moreel failliet gaat door een rassenleer als basis te kiezen voor het oordelen over de levenden is een ieder volstrekt duidelijk. Dat het joodse volk hierdoor onmeetbaar geleden heeft, is een onaantastbare waarheid. Maar een mythologisering van de moord op de joden, die leidt tot een 'claimen' van de 92.000 van Ravensbruck is onacceptabel en gevaarlijk. Manipuleren met deze gegevens (misschien in onschuld) betekent manipuleren met de holocaust, betekent monopoliseren van alle oorlogsleed door een slachtoffergroep.

Men eert slachtoffers niet door het opblazen en vertekenen van het verhaal van hun lijden, maar door het zo zuiver mogelijk afbeelden daarvan.