Tennisser Siemerink maakt status niet waar

WARMOND, 1 AUG. De naam Jan Siemerink komt in het pas verschenen Grand Slam-boek tussen die van Michael Chang en Jim Courier voor als een van de kanshebbers in de toekomst. In eigen land moet de tennisser zijn status (zevenendertigste van de wereld) nog maar zien waar te maken. Gisteren zorgde Vincent van Gelderen ervoor dat Siemerinks optreden bij de nationale titelstrijd in Warmond eenmalig was. De self-made-man uit Midden-Beemster versloeg de nummer twee van het schema in vier sets: 3-6, 7-5, 6-3 en 7-6.

Van Gelderen is een leeftijdgenoot van Paul Haarhuis. Hij studeerde ook in Amerika en koos evenals de Eindhovenaar pas na het afronden van zijn studie voor fulltime-tennis. Alleen bleef zijn carriere dusverre steken in de satelliet-toernooien: de onderkant van circuit, door de gelukkigen, die zich er bovenuit worstelden, ook wel 'hel' of 'onderwereld' genoemd.

Voorafgaande aan de NK trok Van Gelderen kris-kras door Turkije. Hij logeerde in kamers, waar zelfs geen olie-lamp laat staan elektrisch licht aanwezig was en hij tenniste. Zeventien partijen sloot hij winnend af, drie keer verloor hij. Van Gelderen pakte er 25 ATP-punten mee, waardoor hij op de wereldranglijst klom naar de 370ste positie. “Na Amerika was het aanpassen van mijn slagen het grootste probleem. Ik moest ze meer vanuit het achterveld opbouwen. Dat past meer bij mijn karakter en mogelijkheden. Eer je dat fysiek, mentaal en technisch onder de knie hebt, ben je een jaartje verder.”

Siemerink had vergelijkbare moeilijkheden. De successen van het voorjaar stagneerden na de overgang naar gravel. Van de laatste dertien partijen won hij er slechts twee. Sommige insiders menen, dat Siemerink niet goed op trage banen kan spelen. Dat hij te ongedurig is voor het schaak-tennis en te vaak van taktiek wisselt. Siemerink zelf ziet dat enigszins anders: “Ik maak gewoon een wat mindere periode door. Het ontbreekt me aan zelfvertrouwen. Bovendien stapte ik met de verkeerde instelling de baan op. Als je weet dat je niet in vorm bent, moet je er niet vanuit gaan dat je in drie sets zult winnen.”

Toen Van Gelderen eenmaal kans zag zich in te vechten, was er geen houden meer aan. Siemerink koos steeds vaker de verkeerde oplossing en reageerde zijn frustraties af met enkele flinke meppen op het net, die hem een waarschuwing opleverden. Van Gelderen had bij 6-5 de partij kunnen uitserveren, maar liet het aankomen op de tiebreak. Daarin zag Siemerink na enkele grove missers de bal op het eerste matchpoint langs zich heen vliegen. Hij gooide er zijn racket achteraan.

“Ik denk dat zo'n overwinning goed is voor het totale Nederlandse tennis”, mijmerde Van Gelderen. “Voor de toppers, die beseffen dat zij er nog niet zijn. En voor ons, jongens van de tweede garnituur, die weten dat we de aansluiting nog niet hebben verloren.” Een doorbraak wilde Van Gelderen het niet noemen. “Weet je wat ik klasse noem? Als je favoriet bent en dan ook wint. Voor mij is de tweede wedstrijd belangrijker dan de eerste. Dan weet je of het toeval was, of dat je echt iets kunt.”

Voor Van Gelderen is er gelegenheid te over zichzelf in het verdere verloop van de titelstrijd te bewijzen. Paul Haarhuis, Richard Krajicek en Jacco Eltingh handhaafden zich. Haarhuis gaf een setje af aan de hardslaande Marcel Reuter, Eltingh had geen kind aan Paul Dogger, de oude bekende uit zijn juniorentijd, en Krajicek had weinig consideratie met Johan Vekemans. Michiel Schapers bleef in vier hard bevochten sets (waarvan er drie in de tiebreak werden beslist) de meerdere over clubgenoot Fernon Wibier.