Pakistan wil Abedi van BCCI niet aan Amerika uitleveren

KARACHI-LUXEMBURG, 1 AUG. Aga Hasan Abedi, de Pakistaanse oprichter van de in discrediet geraakte Bank of Credit and Commerce International, zal volgens een hoge functionaris in Karachi niet door Pakistan worden uitgeleverd naar de VS of enig ander land om terecht te staan wegens fraude of andere vergrijpen.

Afgelopen maandag beschuldigde officier van justitie Morgenthau in New York de BCCI, een aantal dochterondernemingen, oprichter Abedi en voormalig BCCI-directeur Swaleh Naqvi van fraude, valsheid in geschrifte en diefstal van ten minste 30 miljoen dollar. De Newyorkse officier kondigde aan te streven naar uitlevering van Abedi en Naqvi.

Pakistan en de Vs hebben een uitleveringsverdrag, maar tot nu toe heeft Washington volgens Pakistaanse regeringsfucntionarissen nog geen uitleveringsverzoek gedaan.

Jam Sadiq Ali, de hoogste autoriteit van de Sindh-provincie in zuidelijk Pakistan, zette zich scherp af tegen de beschuldigingen aan het adres van Abedi. “Ik ben diep getroffen door de kwaadwillige, racistische en ongefundeerde campagne tegen de heer Abedi”, zei hij. Sadiq beweerde dat de sluiting van alle BCCI-kantoren in de wereld en de aanklachten tegen Abedi door het Westen en Israel in elkaar zijn gestoken.

Regeringsfunctionarissen in de Pakistaanse hoofdstad Islamabad weigerden te reageren op Sadiqs uitlatingen.

De Luxemburgse toezichthouder op het bankwezen, Pierre Jaans, wil dat de schadevergoeding die de Britse depositohouders bij de BCCI in Londen krijgen (ongeveer 16.500 gulden) ook tot de kleine rekeningshouders van BCCI in Luxemburg (waar de BCCI houdstermaatschappij is gevestigd) wordt uitgestrekt.

Jaans vertelde dat BCCI in Luxemburg ongeveer 5000 depositohouders heeft. Onder een garantieregeling van het Luxemburgse bankwezen zijn deposito's verzekerd tot maximaal 500.000 franc (ongeveer 28.000 gulden). Om alle rekeninghouders tot dat plafond schadeloos te stellen zou in Luxemburg ongeveer 90 miljoen gulden nodig zijn. Jaans kon nog niet precies zeggen hoe de fondsen voor deze garantie worden vergaard.

De compensatie voor de Britse BCCI-klanten is mogelijk geworden doordat de grootaandeelhouder van BCCI, sjeik Zayed al-Nahyan en de regering van Abu Dhabi ongeveer 150 miljoen gulden ter beschikking hebben gesteld. Van dat geld kan ook het personeel van de Britse BCCI-vestiging voorlopig worden doorbetaald. Het Britse Hooggerechtshof gaf BCCI eergisteren tot begin december de tijd om een reddingsplan op te stellen. (AP)