BVV Den Bosch onderzoekt de volgende stap

AMSTERDAM-DEN BOSCH, 1 AUG. Het bestuur van BVV Den Bosch zal vandaag in overleg met jurist mr. L. Schuttelaar onderzoeken wat een volgende stap kan zijn nu het gerechtshof van Amsterdam het vonnis van de Utrechtse president mr. H.J.M. Hofhuis in hoger beroep heeft vernietigd.

Het arrest heeft tot gevolg dat de tweede helft van de bekerfinale tegen Feyenoord volgende week woensdag in Groningen niet hoeft worden overgespeeld. De Bossche voorzitter Theo Heijmans vanochtend: “Er zijn nog wel wat mogelijkheden. Maar wij willen het arrest eerst intern eens rustig bekijken.” Heijmans erkent “enigszins teleurgesteld” te zijn over het oordeel van het hof. “Hoewel we van tevoren wisten dat de kansen niet meer dan vijftig procent waren.”

Zonder diep in te gaan op de inhoud van het arrest stelt de voorzitter van Den Bosch dat het nooit de bedoeling is geweest van de eerste divisieclub om de beslissing van de scheidsrechter aan te vechten. Het arrest beroept zich op artikel 5 van de Handleiding voor scheidsrechters dat bepaalt dat aan de beslissing van de arbitrage niet mag worden getornd. Heijmans: “Wij hebben slechts de ongeregeldheden met de supporters aan de kaak willen stellen. De scheidsrechter heeft juist goed gehandeld, ondanks de moeilijke omstandigheden.”

Hoewel alle inspanningen van Den Bosch tevergeefs lijken te zijn geweest, heeft Heijmans geen spijt van de stappen die zijn club tegen de KNVB heeft genomen. Dat de kosten zijn opgelopen tot meer dan vijftigduizend gulden geeft echter wel een wrange nasmaak. Heijmans: “Toch was het de moeite waard. We hebben steeds het idee gehad voor een goede zaak te vechten. Ik heb de rekening van de advocaat nog niet gezien. Maar die zal zeker gepeperd zijn. Het is nog geen optie geweest om de voetbalbond aansprakelijk te stellen voor de gemaakte kosten.”

In de toelichting van het arrest wijst het hof erop dat de bekerfinale door het betreden van het speelveld door supporters van Feyenoord wel enige malen is gestaakt, maar niet voortijdig hoefde te worden beeindigd. Aangezien er geen sprake was van zeer bijzondere omstandigheden moest deze scheidsrechterlijke beslissing evenals de uitslag van de wedstrijd in dit geval worden gerespecteerd. Verder is volgens het hof uit de video-opnames van de laatste acht minuten niet gebleken dat de spelers van Den Bosch zich bedreigd voelden dan wel niet in staat waren om vrijuit te spelen. “De beelden laten tot het einde van de wedstrijd een met veel inzet vrijuit spelend en dikwijls aanvallend BVV Den Bosch zien”, aldus het arrest.

Den Bosch moet aan de KNVB de kosten van het kort geding en het hoger beroep betalen. In totaal 5700 gulden.