Baker krijgt van Israel nog geen definitief 'ja' voor vredesconferentie

TEL AVIV, 1 AUG. De Amerikaanse minister van buitenlandse zaken, James Baker, krijgt van de Israelische premier, Yitzhak Shamir, vanmiddag in Jeruzalem nog geen definitief 'ja' betreffende Israels deelneming aan de vredesconferentie in oktober. Indien Baker met voor Israel aanvaardbare oplossingen voor bij voorbeeld het probleem van de samenstelling van de Palestijnse delegatie naar Jeruzalem komt, zal de regering zondag een besluit nemen.

Shamir wil absolute zekerheid hebben dat geen Palestijnse vertegenwoordiger uit Oost-Jeruzalem aan het vredesproces deelneemt, dat de PLO er volledig buiten blijft en dat Washington Israel niet zal voorschrijven zich tot de grenzen van juni 1967 terug te trekken. Jeruzalem wil al deze en andere voorwaarden vastleggen in een Israelisch-Amerikaans memorandum, zodat de Israelische onderhandelaars tijdens het vredesoverleg in ieder geval niet voor verrassingen van Amerikaanse kant komen te staan. Omdat dit voor Israel een halszaak is, zei Shamirs woordvoerder Avi Pazner vanmorgen dat Baker nog heel wat reizen naar het Midden-Oosten zal moeten maken voordat de zaak rond is.

Radio Israel maakte vanmorgen melding van de volgende mogelijke oplossing voor het probleem van de Palestijnse vertegenwoordiger uit Oost-Jeruzalem: een gezaghebbende Jordaanse persoonlijkheid die in Jeruzalem is geboren zou in de Jordaans-Palestijnse delegatie kunnen worden opgenomen.

Op papier hebben de partijen tot tien dagen voor de ceremoniTREMA NA AFBREKING ONDERDRUKT ele openingszitting van de vredesconferentie de tijd de laatste plooien glad te strijken. Desalniettemin zijn er vandaag ook aanwijzingen dat Israelisch-Amerikaanse overeenstemming over het voornaamste struikelblok - de samenstelling van de Palestijnse delegatie - in het verschiet ligt. Volgens het blad Yediot Ahronot heeft Shamir gisteren in een geheim telegram aan Baker in Moskou in principe een positief antwoord gegeven betreffende Israels deelneming aan de vredesconferentie. Op basis daarvan had Bush zijn verklaring inzake het begin van het vredesoverleg in oktober kunnen aankondigen.

Van de in Moskou getoonde nauwe politieke coordinatie tussen de VS en de Sovjet-Unie ten aanzien van het Midden-Oosten gaat enorme psychologische druk op Israel uit om zich aan de nieuwe realiteit te conformeren. “De vredestrein is gisteren van het station in Moskou vertrokken met Shamir als passagier”, zei de socialistische oud-premier Yitzhak Rabin gisteren in een televisievraaggesprek. Hij zei dat de Arbeiderspartij Shamir zal steunen indien diens regering door het uittreden van ultra-rechtse partijen haar parlementaire meerderheid zou verliezen.

De Amerikaans-Russische verklaring heeft grote verwarring in de uiterst rechtse vleugel van de Israelische politiek veroorzaakt. De Tehiya-partij zal hoogstwaarschijnlijk beslissen uit de regering te stappen indien Shamir besluit naar de vredesconferentie te gaan.

Niet minder nationalistische ministers van twee andere kleine rechtse regeringspartijen houden het erop dat Shamir zelfs aan de vredestafel geen territoriale concessies zal doen en zien dan ook geen reden om nu al uit de regering te treden. “Vrede tegen vrede. OK”, zei vanmorgen minister van landbouw Eitan, de leider van Tsomet. “Ik vertrouw op Shamir.”

Minister van defensie Moshe Arens heeft vanmorgen nog eens heel nadrukkelijk gezegd dat er van territoriale concessies geen sprake kan zijn. Ondanks deze uitlatingen beginnen joodse kolonisten in de bezette gebieden zich ernstig zorgen te maken over de door Shamir ingeslagen weg.