Stedelijk zet vaart achter uitbreiding met drie exposities

AMSTERDAM, 29 JUNI. De tentoonstelling als politiek pressiemiddel. Het Stedelijk Museum in Amsterdam heeft deze week drie tentoonstellingen geopend die duidelijk moeten maken - vooral aan het gemeentebestuur - dat het museum dringend uitbreiding behoeft. Een 'programmatische' tentoonstelling, zegt directeur Wim Beeren zelf. Hiermee probeert hij de politieke patstelling die binnen de gemeente Amsterdam is ontstaan over herinrichting van het Museumplein, en dus over de museale uitbreiding, te doorbreken.

De depots van het Stedelijk zijn uitgeplozen om in Fodor toegepaste kunst te tonen, in de Beurs van Berlage werken van Cobra en in het eigen gebouw werk uit eigen collectie onder de naam 'Naar een nieuw museum'. Volgend jaar zomer wil het museum hetzelfde doen maar dan in de Nieuwe Kerk, de Oude Kerk en de Beurs. De voorgenomen uitbreiding van het Stedelijk (twaalfduizend vierkante meter) zal naar schatting 25 miljoen kosten. Het Rijksmuseum is al begonnen met een verbouwing; zoals bekend dringt ook het Van Goghmuseum aan op een uitbreiding met vijfduizend vierkante meter. Hoewel de gemeente de musea toestemming heeft gegeven om uit te breiden en positief staat tegenover herinrichting van het plein ligt de besluitvorming al maanden stil. Tussen de deelraad-Zuid en de centrale stad is namelijk een geschil ontstaan over een rekening van 55.000 gulden. Dat zijn de kosten van het stedebouwkundig plan dat de Dienst Ruimtelijke Ordening in opdracht van de deelraad heeft laten maken. Herinrichting van het plein zal naar schatting tien miljoen kosten; volgens de deelraad is met de voorbereidingen, bijvoorbeeld een verkeersonderzoek, een half miljoen gemoeid. De Vereniging Vrienden van het Stedelijk Museum heeft anderhalf jaar geleden vier architecten benaderd voor het ontwerpen van de uitbreiding: Carel Weeber (die ook een stedebouwkundige studie vor het Museumplein heeft gemaakt), Wim Quist, Rem Koolhaas en Abel Cahen. Die laatste heeft zich inmiddels teruggetrokken omdat hij bezig was met de uitbreiding van het Van Abbemuseum. In zijn plaats wordt nu naar een architect uit het buitenland gezocht. Beeren wil van de gemeente 320.000 gulden om deze vier architecten schetsontwerpen te laten maken; het college van B en W heeft dit aan de gemeenteraad voorgesteld. Ook over de architectenkeuze verloopt het overleg met de gemeente moeizaam: Ruimtelijke Ordening vindt dat de museumdirectie zich moet beperken tot het opstellen van een programma van eisen.