Nos-radio sleept publieke omroepen voor de rechter

Het geding, onderdeel van NOS-Aktueel, zondagavond, Radio 1, 18.08- 19.00u. Herhaling in Aktuele Zaken, woensdagmiddag, Radio 5, 13.10- 15.00u, na 14.00u.

Moet er nog worden gediscussieerd over de toekomst van het Nederlandse omroepbestel? Dit was een retorische vraag, want er gaat bijna geen dag voorbij zonder discussies over Hilversum - en de toon waarop er doorgaans over wordt gesproken, is die van de vermoeide toeschouwer die ziet dat er geen redden meer aan is.

Toch heeft de NOS-radio een oorspronkelijke vorm gevonden om het er nog eens over te hebben: in Het geding speelt Jan Haasbroek (VPRO) de rol van de eiser die spoedige opheffing van de afzonderlijke omroepen bepleit, terwijl Ton Herstel (NCRV) als gedaagde aan "het grote goed" van de zendgemachtigden wil vasthouden. Als rechter van dienst treedt prof.dr. Arie van der Zwan op; het spannende van de uitzending is, dat hij een oplossing moet verzinnen waar tot dusver geen oplossing is gevonden.

Van der Zwan is ondervrager en scherprechter tegelijk; uit de formulering van zijn vragen blijkt duidelijk waar bij beide partijen de zwakke punten zitten. Haasbroek hoeft slechts te wijzen op het feit, dat de omroepen nu elke week een verlies van twee miljoen maken en dat ze dus - bij ongewijzigd beleid - op den duur vanzelf zullen verdwijnen. De gesprekken, zegt hij, gaan nog steeds over wie op een bepaald net op een bepaald uur mag uitzenden en niet over wat er dan wordt uitgezonden. Haasbroek hoopt dat er snel "een kwaliteitsnet" kan komen op "journalistiek-artistieke gronoslag en niet op levensbeschouwelijke", dat op basis van een concept medewerkers kan aantrekken uit alle omroepen,

Herstel heeft het moeilijker, want hij moet een bestel verdedigen dat zich in een deplorabele staat bevindt, Hij kan alleen voorspiegelen dat Nederland 1 vanaf dit najaar een goed net zal worden waarop AVRO, KRO en NCRV als consortium beloven te opereren, "We hebben zelfs gesproken over het stichten van gezamenlijke bedrijven en de gemeenschappelijke produktie van drama en amusement," Meer samenwerking, maar nog altijd staat 1 het behoud van de eigen identiteit ' voorop: "De missie die wij hebben, moet blijven doorklinken." Op de misprijzende tegenwerpingen van Van der Zwan antwoordt Herstel, dat de omroepen decennia lang heb ben gewerkt in ''een volstrekte monopoliepositie" - niemand mag verwachten dat de aanpassingen sneller gaan, ''We zijn koortsachtig bezig oplossingen te zoeken, er zijn goede bewegingen naar meer samenwerking,"

De rechter van dienst komt uiteindelijk met een hoogst vindingrijk compromis tussen beide standpunten, dat ook in Den Haag nadere beschouwing verdient, Hij verbindt aan het voortbestaan van de omroepen een aantal strenge voorwaarden met een strakke regie per net, En het aardige is dat Haasbroek en Herstel het geen van tweeen verwerpen...