Genoeg te doen voor voorzittend EG-land

LUXEMBURG, 29 JUNI. Wat was er voor Lubbers en Van den Broek als EG-voorzitters overgebleven wanneer de Luxemburgers in de laatste dagen van hun voorzitterschap nog allerlei belangrijke knopen hadden kunnen doorhakken? Genoeg, want het 'rolling program' van de Europese Gemeenschap heeft iets van een voortdenderende tank. De dagen van elk voorzittend land zijn volledig gevuld. Nog voordat ze echt zijn begonnen, staat bij de meeste van Van den Broeks medewerkers het permanente slaapgebrek al op het gezicht te lezen. En er komen nog zes lange maanden.

Maar tariefregelingen in het kader van het GATT, de opstelling van een lijst van goederen voor het verlaagde BTW-tarief, accijnsvaststelling voor wijn zijn stukken minder glamourvol dan afspraken maken over een muntstelsel, over het buitenlands beleid, over de rol van de Gemeenschap op defensiegebied. De Luxemburgers hebben over deze Europese Monetaire en Europese Politieke Unie ontwerp-verdragen op tafel gelegd, maar de beslissing valt op de topconferentie in december in Maastricht. En dat betekent dat Nederland de definitieve tekst moet opstellen voor deze twee thema's die de Gemeenschap nu al enkele jaren bezighouden. Dat gisteren en vanmorgen daarover op de topconferentie in Luxemburg geen definitieve besluiten werden genomen, lag slechts voor een klein deel aan het de gebeurtenissen in Joegoslavie. Daarmee ging het grootste deel van de eerste dag heen. Belangrijker was, zei premier Lubbers gisteravond, dat er nogal wat accentverschillen zijn tussen de lidstaten, in het bijzonder over de vraag in welke mate “de gemeenschap een gemeenschap moet zijn”. Het Nederlandse voorzitterschap, dat 1 juli ingaat, begint in elk geval met een echte zaak: Joegoslavie. En minister Van den Broek zit er van het begin af aan midden in. Midden in de vergadering in Luxemburg werd hij gistermiddag in opdracht van de regeringsleiders naar Belgrado en Zagreb gestuurd om te onderzoeken wat er nog aan de vrede te redden was. Dat gebeurde in de EG-trojka, waarvan de vorige (Italie), de huidige (Luxemburg) en de komende (Nederland) voorzitter deel uitmaken.

Pag. 3:

Conflict Joegoslavie beheerst EG-top; Nederland is als EG-voorzitter een soort supermacht

Het per half jaar roulerend voorzitterschap van de EG heeft in de loop der jaren een steeds belangrijker betekenis gekregen. Van den Broek en ook Lubbers worden vaker benaderd door de internationale pers. De BBC-tv had er gisteravond tot tegen twaalven tijd voor over om premier Lubbers op te wachten in zijn hotel tussen Luxemburg en Echternach om hem drie vragen te kunnen stellen, die vanochtend in de ontbijtshow zouden worden uitgezonden. Of het woord 'federaal' in december in Maastricht in het verdrag over de Europese Politieke Unie terecht zou komen, wilde de BBC-redactrice weten. Het begrip staat in Engeland gelijk met bureaucratische regelzucht en het verlies van nationale souvereiniteit. Lubbers keek vermoeid. Met een voor hem ongebruikelijke duidelijkheid, antwoordde hij dat het er de laatste tijd wel eens op leek alsof Groot-Brittannie in de Gemeenschap een speciaal geval was, met bijzondere problemen. “Er zijn twaalf landen en die hebben allemaal hun eigen problemen en daar moeten ze zelf mee klaar zien te komen.” Het klonk dapper, maar ten tijde van de komende topconferentie in Maastricht zijn de Britse verkiezingen zo dicht bij, dat premier John Major niet naar Londen kan terugkeren met een toekomstperspectief van een federaal Europa. En dat wil Nederland nu juist wel. Accentverschillen heet dat. De minister-president had al iets van de verzoenende toon van de boven de partijen staande voorzitter in zijn oordelen opgenomen. Er is “veel waardering” voor de Luxemburgers die nu het voorzitterschap overdragen, de monetaire unie “ontwikkelt zich zeer goed”, zo kon men van hem vernemen. En zelfs voor het woord federaal, als de Britten daar nu echt zo veel problemen mee hebben, had Lubbers plotseling een equivalent: 'gemeenschap'. 'Unie' is ook goed, zei hij. Zelfs minister Van den Broek kreeg een veer op zijn hoed gestoken van de premier: “Onze man van buitenlandse zaken is een belangrijke factor in de Joegoslavie-zaak.” Mochten Lubbers en Van den Broek nog meningsverschillen hebben, zolang Nederland voorzitter is van de Gemeenschap zullen ze hun uiterste best doen daar geen nadruk op te leggen. Nederland is als EG-voorzitter eigenlijk een soort supermacht tussen Luxemburg en Portugal, de volgende voorzitter, zei 's morgens in Luxemburg een hoge Nederlandse ambtenaar. Met kwesties als Joegoslavie, associatieakoorden met Oosteuropese landen, economische steun aan de Sovjet-Unie, Midden-Oosten krijgt de minister van buitenlandse zaken in elk geval ruimschoots de gelegenheid zich te profileren. De Europese Gemeenschap heeft, zo formuleerde iemand uit de 'inner circle' van de regering het gisteren, in elk geval een kick gekregen van Joegoslavie. “Als u mij vraagt of de daadkracht die wij vandaag tonen mede is veroorzaakt door de wetenschap dat de Europese reactie met de Golfcrisis zo opvallend verdeeld was, dan moet ik ja zeggen”, zei minister-president Lubbers. Ook voor Nederland? “Ja.” Europa wil met een stem spreken, zo had hij in de vergadering met zijn collega's en met de Franse president geconcludeerd. De Nederlandse ambassadeur, Fietelaars, in Belgrado moest gisteren alle afspraken en regelingen maken voor de plotseling aanreizende trojka. Het voorzittende Luxemburg heeft geen eigen ambassade in Joegoslavie. Dat men voor de missie het vliegtuig van de Italiaanse minister De Michelis moest gebruiken, kwam doordat dit het grootste was en bovendien klaar stond. Staatssecretaris Dankert van Europese zaken, die 's middags de taak in de vergadering naast premier Lubbers van Van den Broek had overgenomen, kwam aan het einde van de avond, ruimschoots na het traditionele diner met een pakket officiele verklaringen terug. Over Zuid-Afrika, non-proliferatie, wapenexporten, Irak, Midden-Oosten, Sahara, mensenrechten, Angola-Mozambique en Japan. Allemaal thema's die onder normale omstandigheden aanleiding voor veel vragen van de media waren geweest. Op de briefing met de Nederlandse journalisten zat premier Lubbers midden in de nacht nog geheel serieus de problemen van integratie en asielpolitiek op te sommen, evenals het thema van de controle van de buitengrenzen van de Gemeenschap. Slechts weinig pennen bewogen nog. Het conflict in Joegoslavie overschaduwde alles. De daadkracht daarover bracht de top een beetje in een roesje. Nederland moet in het komende halfjaar de Twaalf in diezelfde toestand van euforie zien te houden.