Brussel komt eraan, maar Den Haag zit te slapen

De kwaliteit van gemeentelijk zwembadwater wordt door Brussel voorgeschreven. Overheden die computers willen aanschaffen moeten leveranciers in alle lidstaten op de hoogte brengen. Ooit zal huisvuil in Utrecht door Franse vuilniswagens worden opgehaald, onder leiding van een Duitse directeur Gemeentereiniging. Binnenlands bestuur onder Brussels bevel.

Een kwart van alle wetten en regels voor de Nederlandse burger wordt door de EG vastgesteld, zo zei de Nederlandse EG-commissaris Andriessen op een congres van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten in 1989. In de jaren negentig kan dat oplopen van 40 tot 80 procent, zo wordt geschat. Dat beperkt de nationale actieradius nogal, maar politiek Den Haag heeft die wetenschap lang verdrongen. Er zou een parlementaire enquete naar de periode 1986-1990 moeten komen, “toen Den Haag zat te slapen”, meent de Rotterdamse hoogleraar politicologie dr. M. van Schendelen. Binnenlandse Zaken had op het nieuwe alarmnummer 06-11 miljoenen kunnen besparen als het het verplichte EG-alarmnummer 112 had zien aankomen. Economische Zaken werd verrast door een EG-richtlijn voor aanbestedingen bij overheidsopdrachten. Onderwijs zag de diploma-harmonisatie niet tijdig aankomen. WVC voerde een mediabeleid dat aan de EG voorbijging. Ook lagere overheden krijgen Brussel op de stoep. De gemeente Meerssen betaalde een gepasseerde aannemer bijna drie ton schadevergoeding omdat zij bij de aanbesteding van een rioleringswerk een EG-richtlijn overschreed. De gemeenten Geleen en Sittard liepen na eenzelfde fout een EG-subsidie van 7,5 miljoen mis. Bij mr. E. van der Riet van het Rotterdamse advocatenkantoor Trenite & Van Doorne meldde zich deze maand de eerste leverancier van goederen die schadevergoeding wil omdat een overheidsinstantie EG-regels zou hebben geschonden. Aannemers weten de weg al - zij worden steeds minder terughoudend om EG-regels tegen de overheid in te roepen, meestal in arbitrageprocedures. “Maar heel weinig gemeenten weten dat ze ook bij aanschaffen van goederen van meer dan 460.000 gulden een openbare aanbesteding moeten uitschrijven”, zegt Van der Riet. De nutsbedrijven in de sectoren vervoer, water, energie en telecommunicatie vallen per 1 januari 1992 eveneens onder een EG-regeling. Ook het contracteren van diensten, zoals afvalverwerking en vuilnis ophalen, zal via de EG moeten worden aanbesteed. Wellicht wordt het huisvuil in Utrecht ooit door Franse vuilnisauto's opgehaald, onder verantwoordelijkheid van een Duitse directeur van Gemeentereiniging. Want nog maar een beperkt aantal gemeentelijke functies blijft voorbehouden aan inwoners van de eigen nationaliteit. De kwaliteit van het zwembadwater, de frequentie van mobilofoons, de grenswaarden bij lozing op het oppervlaktewater, schuldsanering bij kredietbanken, kiesrecht voor EG-inwoners - wat Den Haag de gemeenten aan regels voorschrijft komt rechtstreeks uit Brussel. Maar weinigen hebben dat in de gaten. “In Den Haag doen we vaak net of we gek zijn”, zegt het Kamerlid Van der Vaart (PvdA), lid van de vaste Kamercommissie voor EG-zaken. Kabinet en Kamer behandelen wetsvoorstellen die EG-richtlijnen uitvoeren vaak alsof er nog van alles veranderd kan worden. Aan nationale instanties wordt onbekommerd advies gevraagd. Ambtenaren en Kamerleden voegen enthousiast nieuwe ideeen toe, waardoor de EG-richtlijn vaak te laat, onherkenbaar of juridisch verzwakt bij de burger arriveert. Nederland heeft nu een achterstand van 69 richtlijnen die nog niet zijn verwerkt en is daarmee in de achterhoede van de EG-lidstaten beland. Tot ergernis van de Kamer heeft het kabinet een motie van een jaar geleden, waarin werd gevraagd de achterstand in een keer in te halen zodat het voorzitterschap met een schone lei kon beginnen, niet uitgevoerd. Ook wordt de Kamer volgens Van der Vaart nog steeds onvoldoende genformeerd over de politieke agenda van Brussel. “Wat wil Nederland in al die vakministerraden precies bereiken? Welke standpunten heeft het Europese Parlement ingenomen?” Gedetailleerde informatie weigert het kabinet te geven, uit vrees dat de Kamer wil mee-onderhandelen in Brussel, zo vermoedt Van der Vaart. 'Brussel' is een “paradijs voor ambtenaren”, die vertrouwelijk wetgeving tussen lidstaten vaststellen. “De Tweede Kamer moet in die voorfase actief worden en opvattingen uit het Europese Parlement zoveel mogelijk kracht bijzetten”, zegt Van der Vaart. De reden is simpel. “Ik zou geen beleidsterrein kunnen noemen waar de EG zich niet mee bemoeit.” Hoogleraar politicologie Van Schendelen schat dat er zo'n 1.500 Haagse ambtenaren en 2.500 Nederlandse deskundigen van branche-organisaties meedoen aan de tientallen Brusselse onderhandelingscomites - de 'comitologie'. “Dat is ons belangrijkste bastion. Daar kan Nederland wat winnen”, zegt hij. Maar dan moet Den Haag niet, zoals tot voor kort, ook niet-Frans sprekende ambtenaren afvaardigen. Nederlandse ambtenaren plegen bovendien 's ochtends in Brussel te arriveren en 's avonds weer huiswaarts te reizen. De Denen, Britten, Duitsers en Italianen komen een dag eerder en vertrekken een dag later. Over de lengte van vrachtwagens, de definitie van spaghetti of de openstelling van het gasnet wordt aldus aan tafel of aan de bar beslist. De Nederlanders zitten dan alweer in de trein. Van Schendelen voorspelt dat de verliezen die Nederland in dat circuit heeft geleden over een paar jaar in de praktijk duidelijk worden. Als tweede bastion van Nederlandse invloed noemt hij de 25 Nederlandse Europarlementariers. De inbreng van het Haagse parlement in de EG-besluitvorming is volgens hem niet serieus te nemen. Door zich in die 'comitologie' te verdiepen zou de Kamer controle kunnen uitoefenen: “Vul het democratische gat thuis op, dat doen andere landen ook”, zegt Van Schendelen. De nadruk die de Kamer legt op versterking van het Europese Parlement leidt de aandacht maar af van de eigen verantwoordelijkheid. Dat Nederlandse ministers zich in Den Haag plegen te verschuilen achter 'het onderhandelingsresultaat' dat in vertrouwelijk overleg met 'de partners' is behaald, acht hij geen bezwaar. “Er valt makkelijk te achterhalen hoe er in de Europese Raad is geopereerd door onze ministers.” Maar helaas staat het Nederlandse parlement vrij onverschillig tegenover Europese regelgeving, meent hij. Als allerlaatste parlement in Europa stelde de Tweede Kamer in 1987 een vaste commissie voor EG-zaken in. Geen bewindsman kwam er ooit in moeilijkheden. Toch zijn er wel wat bewegingen te signaleren. Het kabinet heeft met wat kleine 'noodwetjes' een aantal richtlijnen snel uitgevoerd. Er wordt gestudeerd op de mogelijkheid richtlijnen stilzwijgend te laten goedkeuren door de Kamer, net als verdragen. Op alle departementen wordt, ondanks de grote efficiency-operatie, extra personeel vrijgemaakt voor 'Europa'. De complete top van Verkeer en Waterstaat, een van de meest nalatige departementen bij EG-wetgeving, sloot zich omstreeks Kerstmis in het Vredespaleis op voor een driedaagse cursus Europees recht. Het middenkader volgt. Amsterdam, Rotterdam en Utrecht hebben sinds kort lobbyisten in Brussel. De provincies Utrecht, Zuid- en Noord-Holland zijn een samenwerkingsverband aangegaan en hebben zich ook in Brussel gevestigd. In de noordelijke provincies wordt zelfs over fusie gesproken, met 'Europa' als argument. Van Schendelen schat dat nu zo'n 50 Nederlandse openbare lichamen in Brussel kantoor houden: departementen, provincies en steden. Naarmate de EG groeit wordt Nederland kleiner, stelt Van Schendelen. Ons land is volgens hem overbedeeld met formele invloed: in de Raad van Ministers heeft Nederland vijf van de 76 stemmen, het heeft 25 van de 518 zetels in het parlement, een van de 17 commissarissen is Nederlander. En dat voor een land dat minder dan vier procent van de EG-bevolking huisvest en economisch minder presteert dan Noordrijnland-Westfalen. “Je kunt je afvragen of we eigenlijk niet veel te klein zijn om mee te draaien als volwaardige lidstaat”, zegt Van Schendelen. Het volgen van Europese ontwikkelingen is op veel departementen nu nog overgelaten aan een handvol ambtenaren, die daar “soms helemaal gek” van worden. Terwijl in Nederland een ambtenaar tien EG-dossiers bijhoudt, wijzen Bonn of Parijs per dossier vijf ambtenaren aan. “Ons vermogen om administratief tegenspel te bieden is nog veel te klein. Van de 168.000 ambtenaren in Den Haag kunnen we er toch wel duizend trainen op de EG?”