Assen is vergeven van het leer en de tweetakts

ASSEN, 29 juni. De lucht van de braadworst vermengt zich harmonieus met de uitlaatdampen van de snerpende tweetakts. De verkreukelde bierblikjes zijn in de modder gedrukt als peuken in een asbak en langs de dijkjes waarachter het circuit ligt beweegt zich gestaag een stroom van in leer gehulde bezoekers, het onvermijdelijke blikje bier in de hand. Vandaag zijn de wedstrijden, maar de trainingen en de overige onderdelen van de Asser speedweek horen er voor de motorpelgrims net zo goed bij. Donderdag en vrijdag waren er al duizenden bezoekers. De regen hield in de loop van gisteren op, maar de weilanden en de paden blijven kletsnat. Op de weilandcampings in de buurt van het circuit is de toestand slecht. De meeste uitbaters van de modderveldjes bij Assen hanteren een eenheidstarief. Vijftien gulden per persoon, auto of motor gratis, en inclusief tractorhulp voor de auto's. Bij een voornamelijk door Duisers bevolkte modderpoel bij Assen is vanaf de ingang een voor de motoren een smalle stalen plaat uitgelegd. Het is spitsroeden lopen want de reeds gearriveerden slaan de prestaties van de nieuwkomers genteresseerd gaande. Een welgemeend hoongelach is het loon van de ongelukkige die naast de plaat stuurt en tot de assen in de modder zakt.

Een jongen en een meisje, gehuld in een splinternieuwe leren outfit met cowboyfranje en zittend op een fonkelende Honda Savage kijken het aarzelend aan. Ze overleggen even en rijden dan verder, op zoek naar een droger plekje. Op het veldje verderop warmt een tiental pilsdrinkende motorrijders zich aan een flink kampvuur. Ze komen allemaal uit het naburige Bathmen en ze slapen in een grote oplegger die het dit keer niet verder dan de rand van het veldje heeft gebracht. Er staat een bankstel in en dankzij een aggregaat hebben ze licht en muziek. “Heeft een week voorbereiding gekost”, zegt Marcel, een landbouwkundig ingenieur. “Vorig jaar was nog leuker, toen stonden we in het midden”. Roelof, technicus op een melkfabriek laat een plaatje zien van de motor die hij net gekocht heeft. Het is een Kawasaki ZXR van 750 cc, kleur Gitane-blauw. Zijn vorige motor is total loss. Hij stroopt zijn broek naar beneden en laat het enorme litteken op zijn been zien. “Een voorrangskwestie”, zegt Roelof. “Ik stond in mijn recht.” Het wordt donker en de club maakt aanstalten naar Assen af te reizen. Hun vriendinnen zitten allemaal in een huisje van Sporthuis Centrum in Coevorden. “De ervaring leert dat ze er hier na een tijdje geen zin meer in hebben”, zegt Roelof. “Ze krijgen pijn in hun hoofd van het gesnerp.” Zijn schoenen staan nu tot aan de vetergaten in de modder. Assen is vergeven van het leer. Uit de leeggehaalde cafes golft het bier en bonkt harde muziek. Tientallen tentjes verkopen patat, braadworst en hamburgers en langzaam wordt het plaveisel bedekt met een laag kippepootjes, patatbakjes en platgetrapte bierblikjes. Op het Koopmansplein speelt een bandje de voorgeschreven oude rockers en bij het refrein maken een paar licht beschonken Assengangers kokette danspasjes. Hun vriendinnen lachen vertederd. De nacht is nog lang en het tentje in het drassige veldje daar in de duisternis lokt niet erg.