ANTE MARKOVIC; Alleen nog vertrouwd in Westen

LJUBLJANA, 29 JUNI. “Mr. Yugoslavia” wordt hij honend door zijn politieke tegenstanders genoemd. Ante Markovic, de federale premier, lijkt de laatste politicus op de Balkan te zijn die zijn lot aan de Joegoslavische federatie heeft verbonden.

Twee maanden geleden nog maakte de twee machtigste mannen van het Joegoslavische politieke toneel, de Kroatische president Franje Tudjman en zijn Servische ambtsgenoot Slobodan Milosevic, na gezamenlijk overleg bekend dat Markovic moest aftreden. Hij zou verantwoordelijk zijn voor de economische crisis in het land. De Kroatische presidentskandidaat Stipe Mesic verklaarde optimistisch dat Markovic zou aftreden voordat hijzelf op 15 mei tot president zou worden gekozen. Niemand in Joegoslavie twijfelde er eigenlijk aan dat de dagen van Markovic als premier waren geteld. Maar Mesic werd niet gekozen als president, en Markovic maakte daarvan gretig gebruik om zijn politieke positie te versterken. In het presidentloze Joegoslavie heeft Markovic zich, met de steun van de legertop, ongevraagd de bevoegdheden van de president van Joegoslavie en daarmee van opperbevelhebber van het leger toegeeigend. De 68-jarige Kroaat kwam pas negen jaar geleden in de politiek. Na zijn afstuderen als elektro-ingenieur in Zagreb, trad hij in dienst van het bedrijf Rade Koncar, de 'Kroatische Philips'. In dit bedrijf maakte hij al snel carriere. Hij klom er op tot generaal-directeur. Hij verliet het bedrijf toen hij in 1982 werd benoemd tot premier van de Kroatische regering. Kroatie verkeerde wegens een aantal uit de hand gelopen investeringen in grootschalige projecten in een ernstige economische crisis. Hij slaagde er echter als premier in om tijdens zijn vierjarige mandaat de economie van Kroatie weer op de been te krijgen. In 1985 werd hij lid van de Kroatische presidentiele raad die hij twee jaar als voorzitter leidde. In 1989 werd hij gevraagd voor de functie van federaal premier en verhuisde hij naar Belgrado. December 1989 verraste hij vriend en vijand met een ambitieus programma van economische hervormingen dat hij samenstelde met behulp van buitenlandse adviseurs, iets dat hem door Joegoslavische economen nooit vergeven is. De grote verrassing van het hervormingspakket was dat Markovic de convertibiliteit van de dinar afkondigde. De inflatie bedroeg op dat moment maar liefst meer dan tweeduizend procent. Markovic schrapte vier nullen van de bankbiljetten en de Joegoslaven konden voor het eerst na de oorlog Westerse valuta bij hun bank kopen. Het eerste half jaar van 1990 leek het gedurfde hervormingsproject van Markovic een succesverhaal te worden. De inflatie bedroeg slechts een paar procent per maand en in juni was er zelfs sprake van een deflatie. Maar Markovic werd overmoedig. Hij verhoogde de lonen van de ambtenaren en de beroepsmilitairen fors, en dat voorbeeld werd prompt gevolgd door het bedrijfsleven. Omdat de loonsverhogingen niet gepaard gingen met een stijging van de produktiviteit, liep de inflatie weer snel op tot een bedrag van drie cijfers. In december moest hij een devaluatie van de dinar doorvoeren en hief hij de convertibiliteit van de dinar op. Toen duidelijk werd dat het hervormingsprogramma van Markovic was mislukt, brak er een algemene monetaire en financiele anarchie uit in Joegoslavie. De Servische regering bracht zonder toestemming van de federale nationale bank miljarden dinars in omloop en tegelijkertijd voldeed zij niet meer aan haar betalingsverplichtingen aan de federatie. De andere republieken volgden al snel het voorbeeld van Servie. De federatie werd al snel straatarm en Markovic machteloos. Tot nu toe is hij er bij voorbeeld niet in geslaagd zijn begroting voor dit jaar door het parlement te krijgen. Wordt de kritiek op Markovic in Joegoslavie steeds sterker, bij het Internationale Monetaire Fonds en Westerse regeringen heeft hij nog steeds het vertrouwen. Het is niet duidelijk waarom. Het IMF heeft vorig jaar namelijk slechts een derde van het 'stand-by krediet' dat voor Joegoslavie gereserveerd was, naar Belgrado overgemaakt. Het stopte met de betalingen omdat Markovic zich niet aan het hervormingsplan zou houden. Door de steun van het Westen aan Markovic was men in Joegoslavie gedwongen te kiezen tussen de vier miljard dollar aan Westerse steun en Markovic of een weliswaar voor de Joegoslavische republieken wenselijkere premier maar zonder de vier miljard. Omdat men het geld nu eenmaal nodig heeft, was men gedwongen om Markovic erbij te nemen, zodat hij ondanks alle kritiek op zijn post bleef. Zijn grootste fout lijkt te zijn dat hij de afgelopen maanden het voornemen van Slovenie en Kroatie om zich zelfstandig te verklaren, niet serieus heeft genomen. Een paar weken geleden nog verklaarde hij dat Slovenie niet uit de federatie zou stappen. Hij heeft steeds geweigerd serieus met deze republieken te praten over een mogelijke overeenkomst betreffende hun afscheiding. Daarom zit hij nu in de problemen. Omdat hij in het Joegoslavische politieke leven volledig gesoleerd raakte, is Markovic de afgelopen maanden steeds meer steun gaan zoeken bij de legertop. Die ging op zijn beurt Markovic steeds meer gebruiken als een politieke dekmantel voor zijn optreden. Hij stemde in met het ingrijpen van het leger in Kroatie toen de Kroatische regering probeerde orde op zaken te stellen in de gebieden waar voornamelijk Serviers wonen. De premier dreigt ook voortdurend dat wanneer hij tot aftreden wordt gedwongen, het leger de macht zal overnemen. Dat het leger gisteren rustig doorging met het bombarderen van civiele objecten in Slovenie op het moment dat Markovic op een persconferentie in Belgrado verzekerde dat hij het leger het bevel had gegeven naar de kazernes terug te keren, wijst erop dat hij niet veel invloed heeft op het doen en laten van de legerleiding. Wanneer hij niet in staat is het leger uit Slovenie terug te roepen, is de kans groot dat hij ook zijn internationale steun zal verliezen. Dat zou het definitieve einde kunnen betekenen van Markovic' politieke carriere.