Op en neer

De lift is haar leven, de hotelgasten zijn haar passagiers. De bejaarde vrouw die in Slovan werkt, een hotel met 200 kamers in het Oostslowaakse Kosice, laat er geen twijfel over bestaan dat zij bepaalt wanneer hij komt en vertrekt.

Het interieur is met rood plastic bekleed, en zij werkt er sinds het hotel in 1971 werd gebouwd. Al twintig jaar gaat zij met het rode gevaarte op en neer, acht uur per dag, 300 dagen per jaar. In de lift staat haar stoel, zij heeft de sleutel die het ding in beweging zet, en zij komt er pas aan nadat een gast haar heeft gebeld. “Ik werk al 46 jaar”, zegt ze, “26 jaar als verpleegster en 20 jaar als liftbestuurster.” Soms is het druk en gaat ze met de lift uren op en neer. “In de ochtend ruiken de gasten naar parfum, in de avond naar alcohol. Als het druk is, wordt het erg benauwd, dan moet ik even naar buiten om adem te halen.” De ventilator is al jaren kapot en monteurs hebben gewoon een stuk uit het houten dak van de lift gehaald. “Je kunt zo in de schacht van de lift kijken, een ventilatie op natuurlijke wijze”, zegt ze lachend. Soms is er weinig te doen, dan leest ze een krant of loopt ze naar de receptie om wat te praten met de andere personeelsleden. De gast op de 12de verdieping moet maar wachten tot ze is uitgepraat, weer naar de lift loopt en deze met de sleutel in beweging zet. “Als er weinig gasten zijn, wacht ik tot er een volle lading is. Wie haast heeft moet de trap maar nemen.” Er zijn hotelgasten die minutenlang op de bel bij de liftdeur drukken zonder dat de vrouw het hoort. En omdat ze nogal eens staat te kletsen met de portier, de barman of de baliebediende gebeurt dat meer dan eens. Er is echter voor de gast-met-haast een vluchtweg: de lift van de schoonmaaksters. Weliswaar een oude, versleten lift in de hoek van het hotel - en van binnen helemaal bekleed met vloertapijt - maar hij komt na een gewone druk op de knop. Via een paar zijdeuren kom je dan uit bij de receptie, waar de bestuurster van de enige echte lift je natuurlijk meteen opmerkt. Woedend wordt ze, zodra ze ziet dat een gast via de sluipweg naar beneden is gekomen. “Wilt u onmiddellijk teruggaan”, roept ze verontwaardigd. “U moet met mijn lift naar beneden, met de gastenlift!” Als ze in een slechte stemming is maakt ze een klopjacht op de hotelgast. Die probeert haar te omzeilen, maar ze achtervolgt hem tot bij de uitgang. Zodra de liftontduiker berouw heeft getoond en daarna weer keurig via de gastenlift naar boven gaat is ze tevreden en trots. “Ik heb alles in de gaten, ik zie wie er naar boven gaat, ik smijt gespuis uit de lift.” Toen de communisten nog aan de macht waren lichtte ze de receptie in zodra verdachte personen op de hoteletages probeerden te komen. Nu moet ze vooral oppassen dat inbrekers, oplichters en souteneurs - die in groten getale de bar bevolken - op de begane grond achter hun glas bier blijven zitten. De liftbestuurster uit Kosice heeft de afgelopen twintig jaar per lift heel wat kilometers aflegd. “Per dag ga ik tientallen keren, soms ruim honderd keer van de begane grond naar de 12de verdieping en terug.” En ze werkt hele dagen omdat haar pensioen te weinig is om van rond te komen. Geld om te reizen heeft zij nooit gehad. “Ik ben nooit buiten Kosice geweest, maar ik heb toch duizenden kilometers gereisd en ik heb duizenden mensen ontmoet.”