Scriptie-databank staat open voor bedrijfsleven

DEN HAAG, 27 JUNI. Het resultaat van onderzoek dat jonge juristen, accountants en economen ter verkrijging van hun titel hebben verricht, hoeft niet meer aan de aandacht van het bedrijfsleven te ontsnappen. Bedrijven kunnen een 'scriptie-databank' raadplegen waarin de scripties van studenten worden opgeslagen.

De databank functioneert sinds 1987 en is een initiatief van de Stichting Wetenschappelijk Onderzoek van Noort Gassler & Co uit Den Haag. De stichting, verbonden aan het accountants- en belastingconsulentenbureau Van Noort Gassler, besloot in 1985 tot het instellen van de jaarlijkse J.B. Gasslerprijs van tienduizend gulden voor de beste scriptie op het gebied van economie of recht. De stichting, aangenaam getroffen door het niveau van de ingezonden scripties, wilde het verrichte werk niet verloren laten gaan en besloot de scripties in een databank op te slaan. De databank telt “enkele honderden” scripties met titels zoals: 'Arbeidsmarkt en loonflexibiliteit', 'De relatieve posities van de EMS-valuta's', 'Herziening van het ontslagrecht' en de prijswinner 'Integratie van nationale kapitaalmarkten'. In 1990 zijn er 250 aanvragen geweest voor gegevens over scripties uit de databank. J.C. Hoksbergen van de stichting kan niet vertellen welke titels het meest in trek zijn. De scriptiebank staat nu nog slechts open voor titels uit de bedrijfseconomische of bedrijfsjuridische hoek. In de toekomst moeten ook scripties van andere afstudeerrichtingen worden opgenomen. Ook daar dreigt immers een potentieel aan intellectueel kapitaal in het niets te verdwijnen. “In principe willen wij elke scriptie opnemen, mits de kwaliteit hoog is.” Het belang voor het bedrijfsleven bij het project is duidelijk: vrijwel kosteloos kunnen ze toegang krijgen tot actuele en goed onderbouwde informatie. Maar wat heeft een student eraan om met zijn scriptie in de databank te staan? Hoksbergen: “De scriptiebank is niet in eerste instantie voor de studenten bedoeld. Toch melden ze zich vrijwillig aan. Studenten vinden het prettig dat hun werk nog ergens voor wordt gebruikt. Voor hen is het ook een manier om zichzelf aan te prijzen. Hun naam en telefoonnummer staan natuurlijk in de scriptie.”