Ik moest nog naar Winschoten om een spreekbeurt bij te wonen en in Nijmegen was een gymleraar die echt heel erg zou zijn

Het is zover: ik ga van school. Dit is de laatste aflevering van de Schoolkrant, de rubriek die ik drie schooljaren lang heb geschreven en waarvan ik achteraf pas heb begrepen waarom.

Toen de Schoolkrant voor het eerst verscheen, was het de bedoeling dat leerlingen hun opstellen, gedichten en verhalen zouden insturen. Daar kwam niets van terecht. De verhalen die ingezonden werden, waren veel te eng, ze dropen van het bloed. Daarom ben ik begonnen leerlingen te interviewen over zaken waar ze verstand van hebben: cijfers, leraren, strafwerk, verveling, keetschoppen. Allengs mochten ook leraren meepraten en zo ontstond, in de loop van drie jaar een portret van de Nederlandse middelbare school, opgebouwd uit alledaagse zaken als schoolreisjes, spreekbeurten, strafmiddagen, schoolgym, lesroosters, lerarenkamers, brutale leerlingen, eigenwijze leraren. Iedere week ging ik op reis in Nederland, naar een van de talloze scholengemeenschappen, colleges, mavo's, lycea en gymnasia en tot mijn verrassing ging ik voor mijn plezier naar school. Dat is niet altijd zo geweest. Een hekel aan de school, een hekel aan de school zong mijn vader iedere ochtend in de badkamer. Hij was leraar Engels op dezelfde school waar ik me dagelijks doodverveelde en ik zong uit volle borst met hem mee. Het maakte natuurlijk veel uit dat ik de afgelopen drie jaar alleen maar op bezoek was op school. Ik hoefde niet opnieuw zes jaar. 'En er is veel veranderd', veronderstelden de mensen, maar dat is niet zo. In de drieTREMA NA AFBREKING ONDERDRUKT entwintig jaar die liggen tussen mijn eindexamen en dat van dit jaar, is de hele wereld veranderd, maar de scholen niet. Het lijkt een beetje op kamperen. Als je op een camping komt, staan daar dezelfde bungalowtenten en caravans als in 1965, alleen de voorzieningen zijn iets luxueuzer. Leerlingen van Nederlandse middelbare scholen weten beter dan die uit de jaren zestig wat er in de rest van de wereld gebeurt, maar dat heeft niet veel invloed op hun eigen leven. Ze gaan naar de disco en dat deden mijn leeftijdgenoten nog niet, ze hebben iets meer geld en meer te vertellen. Maar in de schoolkrant worden nog dezelfde grappen van leraren genoteerd, de leerlingen spieken net zo als vroeger, een woensdagmiddag is nog steeds een strafmiddag en dan moeten de boosdoeners propjes prikken, het schoolplein aanvegen en ik zat hier van de tafels boenen. Een leraar die het op je zelfvertrouwen gemunt heeft, is een onwijze rotvent, aardrijkskundeleraren kunnen geen orde houden, die van Duits juist wel en een leraar die aftershave gebruikt stinkt. Een leraar die haar in zijn oren heeft groeien, kan rekenen op peilloze minachting, een lerares die het schooljaar begint met: 'Ik hoop dat we het goed met elkaar kunnen vinden.' mag blij zijn als ze zichzelf aan het eind van het schooljaar nog terug kan vinden in de chaos van haar bestaan. Er is niets veranderd. Een leerling die meedoet aan het schooltoneel heeft een heerlijke tijd, iemand die het schoolreisje verziekt, verliest alle aanzien. Er zijn 8000 middelbare scholen in Nederland en ik heb ze lang niet allemaal gezien, maar wel een heleboel. Dat lag aan de brieven. Iedere week kreeg ik een grote stapel brieven uit het hele land met suggesties voor nieuwe onderwerpen, reacties op de stukjes die al verschenen waren en uitnodigingen om langs te komen. Dan stapte ik in de trein en ging erheen. Ik heb het altijd erg jammer gevonden dat ik niet op alle ideeen kon ingaan en ik heb me geschaamd dat ik niet op de brieven kon antwoorden, maar het waren er teveel en ik had haast. Ik moest nog naar Winschoten om een spreekbeurt bij te wonen en in Nijmegen was een gymleraar die echt heel erg zou zijn en zijn leerlingen de gekste dingen liet doen. Nu ga ik van school en heb ik de gelegenheid de briefschrijvers te bedanken voor hun onmisbare hulp, de scholen te bedanken voor hun gastvrijheid, die lang niet altijd een positief stukje opleverde, de leraren en de leerlingen te bedanken voor hun tijd en hun geduld. Ik heb het, bijna dertig jaar te laat, erg leuk gehad op school.