Stoelendans voorbij in informatica

ROTTERDAM, 26 JUNI. De stoelendans die de Nederlandse automatiseringsector jarenlang heeft gekenmerkt is voorbij. Verloop en aantal vacatures in de branche zijn op het laagste peil sinds jaren, zo blijkt uit onderzoek van het adviesbureau Berenschot Informatica te Utrecht.

De snel groeiende automatiseringssector werd het voorbije decennium gekenmerkt door een roerige arbeidsmarkt. Door een aanhoudend gebrek aan gekwalificeerd personeel konden automatiseerders snel hun lonen verbeteren door van de ene baan naar de andere te springen. De laatste jaren is sprake van minder groei van specifieke automatiseringsbedrijven en van teruglopende resultaten. Het onderzoek van Berenschot bevestigt dit beeld. Het verloop van automatiseringspersoneel ligt net als in 1990 op 5,7 procent op jaarbasis, tegenover 7,9 procent in 1989. Het aantal vacatures daalde ten opzichte van vorig jaar van 8,2 procent tot 6,4 procent. “We moeten terug naar het recessiejaar 1983 om een even laag percentage vacatures te vinden.” De rust op de arbeidsmarkt heeft direct gevolgen voor de salarisontwikkeling van automatiseerders. Berenschot meent dat, nu vanuit de automatiseringsmarkt geen autonome prikkels meer uitgaan tot verhoging van het salarispeil, eerder de algemene tendens in de diverse bedrijfstakken wordt gevolgd. Automatiseringspersoneel verdient het meest bij banken en verzekeringsmaatschappijen. Het gemiddelde salaris lag per 1 maart 1991 op 71.400 gulden. De laagste salarissen voor automatiseerders gelden in de non-profitsector, waar het gemiddelde ligt op 63.400 gulden. Ook de salarisstijging was vorig jaar bij banken en verzekeringsbedrijven met 4,7 procent het hoogst. De minste groei vertoonde de computerdienstverlening (leveranciers, servicebureaus, softwarehuizen, adviseurs).