Hoe het bestel de Buchmesse kan redden

Zouden de bestierders van onze cultuur er vaak bij stilstaan dat er behalve hun organisaties ook mensen zijn die met hun talent, geschraagd door geld, hun best moeten doen om die cultuur dagelijks voort te brengen, op die manier dat ze hun 'product' zo genietbaar mogelijk kunnen maken? Cultuur: het is op zichzelf al een met zoveel pretenties bezwangerd, en tegelijkertijd een leeg woord, dat het me moeite kost het nog te gebruiken voor het verschijnsel dat er in oorsprong mee bedoeld wordt - maar er is geen ander.

Cultuur bestaat uit de makers, de ontvangers en hoe langer hoe meer tussenpersonen, de bestierders, die zich georganiseerd hebben in concurrerende organisaties. In Nederland, waar men grote waarde hecht aan officiele rechtvaardigheid en perfectie, dreigen de makers en de ontvangers het onderspit te delven tegen de bestierders. Daarvan zijn weer twee krasse voorbeelden in ontwikkeling: de Frankfurter Buchmesse en het Omroepbestel waarvan de problemen ons bezoeken als een zeer frequente komeet van Halley. In beide gevallen, hoe verschillend ook, wordt de cultuur het slachtoffer. De Nederlandse kijkers en luisteraars worden bezocht door twaalf of dertien organisaties die, met elkaar wedijverend om de 'gunst van het publiek', goede programma's op alle gebieden willen maken. Deze eerzucht is gekanaliseerd in het omroepbestel. Het is een soort Deltawerk van de ether, met dit verschil dat we wel een overvloed aan water hebben, maar dat vijftien miljoen Nederlanders geen onuitputtelijke bron van talent vormen. De omroeppolitiek strekt er nu toe dat het schaarse talent onophoudelijk wordt herverkaveld. Nadat kleinere specialisten in dit vak het loodje hadden gelegd, geloofde men een ogenlik dat in de persoon van drs. Max de Jong de definitieve verkavelaar zich had aangediend. Drie netten zouden er komen, waardoor - men heeft het zo niet uitgelegd - ons volk zich via de ether tot een soort kastemaatschappij zou transformeren: de lol- en kwiskaste van de Tros en Veronica, de kaste der massa's die op een of andere manier nog in iets geloofden, en de kaste der moeilijk begrijpelijke agnosten die zichzelf voor de ware cultuurdragers hielden. Theoretisch zag het er misschien nog niet zo gek uit, maar het ware probleem was er niet mee opgelost. Hoe men het beschikbare talent ook verkavelt, het wordt er niet groter door. Met talent bedoel ik dan niet de kwismasters, de zangeresjes en die vele anderen die de jofele kant van onze beschaving handhaven, maar talrijken van het artistieke middenkader -een beetje vakbondstaal valt niet te vermijden - de tekstschrijvers, aanvaardbare presentators, makers van nieuwsprogramma's, de spelers in televisiedrama's, regisseurs en wat je verder hebt om al die uren televisie en radio, vermenigvuldigd met drie, op een redelijk niveau te handhaven. Want dat is de wet waarmee de bestierders van het bestel nooit rekening houden: het gaat niet om de schaarse topprestaties, niet om het optreden van enkele gerenommeerde buitenlandse krachten, maar om de handhaving van een hoog binnenlands gemiddelde dat op elk gebied creatief is. En iedere verkavelingspolitiek is strijdig met het kweken, laat staan het handhaven van zo'n gemiddelde. Tegenover de verkaveling van de heer De Jong hebben de Tros en Veronica hun eigen versie gesteld. Ook daardoor wordt het hierboven aangeduide kernprobleem dat de oorzaak is van de Nederlandse omroepmisere, niet opgelost. Ook als die twee organisaties 'commercieel' worden, blijft de beschikbare hoeveelheid talent gelijk aan wat ze was. Het publiek krijgt er geen televisieseries van Nederlandse oorsprong door, de onbeholpen treurigheid van de nieuwsvoorziening wordt er niet mee opgeknapt, het beeldscherm en de luidspreker zullen het publiek blijven bedienen met de vertrouwde variaties op alles tussen platheid en gekeutel. Dat komt doordat de wijze van organisatie niets verandert aan het gebruik van het schaarse talent. Je kunt er wel weer buitenlandse voorbeelden tegenover stellen: je afvragen hoe het komt dat - wat ik toevallig voor het ideale voorbeeld houd - in New York twee radiostations het hele etmaal zogenoemd serieuze muziek uitzenden, dat er op dezelfde manier een station is dat het met jazz doet, nog een omroep het nieuws voor haar rekenig neemt, er een is voor de public service en dat je daarnaast nog een stuk of wat organisaties met het gebruikelijke divertissement hebt. Dat raadsel zal in Nederland wel nooit worden opgelost. Want zolang de bestierders, geleid door perfectionisme en een opvatting van rechtvaardigheid die niets met creativiteit te maken heeft, het voor het zeggen hebben, zolang zullen verkaveling en herverkaveling van de Nederlandse ether leiden tot niets anders dan datgene wat we al hebben gehad. De omroepen houden zich bezig met de productie van de cultuur. Bij de Frankfurter Buchmesse gaat het erom, de cultuur die hier al geproduceerd is, in het buitenland aan de man te brengen. Bij de oplossing van dit vraagstuk dreigt zelfs ons perfectionisme het te laten afweten. Dr A.Pais doet op het ogenblik een bewonderenswaardige poging, het geld te verzamelen dat de Nederlandse beschaving in 1993 op haar schitterendst in Frankfurt voor de dag zal doen komen. Zes miljoen is genoeg, heeft de directeur van de Messe gezegd, na het gekerm uit Nederland te hebben aangehoord. De overheid wil 2,5 miljoen bijdragen, de Belgen leggen hetzelfde bedrag in, de heer Pais heeft nu vijf ton bij elkaar. Ik heb gehoord dat het omroepbestel in zijn kwissen aanzienlijke bedragen verloot aan mensen die bijvoorbeeld de naam van het Drielandenpunt weten. Als de ambtenaren van minister d'Ancona eens in een paar van die programma's infiltreren, misschien is er dan een kans dat ons Bestel in ieder geval de Nederlandse aanwezigheid op de Buchmesse redt.