Belgie stopt Silco-affaire voorgoed in de doofpot

BRUSSEL, 26 JUNI. De wat slordige afhandeling van de zogeheten Silco-affaire door de Belgische minister van buitenlandse zaken Mark Eyskens is gisteren voorgoed in de peilloos diepe doofpot van de Brusselse politiek gestopt. Het feit dat de Palestijnse terrorist Walid Khaled, medewerker van Abu Nidal, in verband met de vrijlating van vier Belgische gijzelaars een visum kreeg en half januari doodgemoedereerd in het centrum van Brussel werd aangetroffen, heeft voor de Belgische minister geen gevolgen.

In verband met die zaak hadden eerder dit jaar twee topdiplomaten ontslag genomen uit hun functie. De juiste toedracht van de zaak zal wel nooit aan het licht komen want ook een administratief onderzoek dat is ingesteld naar de manier waarop de beslissingen zijn genomen laat zeer veel vragen onbeantwoord. Een meerderheid van de Belgische Kamer meende gisteren echter dat de boeken nu voorgoed gesloten kunnen worden. Voor PVV-leider Guy Verhofstadt was het duidelijk dat Eyskens van alles, dus inclusief het verstrekken van een visum aan een Palestijnse terrorist, op de hoogte is geweest, behalve misschien het moment waarop dat zou gebeuren. Verhofstadt noemde het “laf” van Eyskens om zijn ambtenaren de schuld te geven. Eyskens ontkende gisteren dat hij bij de visumverlening “impliciete toestemming door passieve toestemming” had gegeven. “Ik was niet op de hoogte van de komst van Khaled. Niemand dacht dat hij zou komen. Khaled was afgeschreven, wij namen die zaak niet ernstig op.” Premier Martens, die zijn minister van buitenlandse zaken zo nu en dan te hulp snelde, hield echter staande dat er bij de diplomaten sprake was geweest van “een beoordelingsfout met verzachtende omstandigheden”. Hij voerde de gespannen situatie tijdens de Golfcrisis en de afwikkeling van de zaak van de 'Silco'-gijzelaars aan als verzachtende omstandigheden.