Waldheim

HET IS Kurt Waldheim ten langen leste dan tochnog gelukt een heldhaftige daad te verrichten voor het vaderland: zijn ontslag. In een larmoyante televisietoespraak, afgelopen vrijdagavond in prime-time, liet hij zijn landgenoten weten dat ampel beraad en nuchtere afweging van belangen hem tot het besluit hadden gebracht niet meer voor een volgende ambtstermijn beschikbaar te zijn. Nog maar enkele weken tevoren had Waldheim de Weense pers bijeengeroepen omweer eens in grote streken de wereldpolitiek te behandelen en had het geleken alsof de ijdelheid van het staatshoofd nog steeds als een muur tussen hem en de werkelijkheid overeind stond.

Een zucht van verlichting is na vrijdagavond tot ver buiten Oostenrijk te horen. Kurt Waldheim was al lang iedereen tot last geworden, behalve een koppige meerderheid van de Oostenrijkse bevolking zelf, die hem in gekwetste eigenzinnigheid meer had gesteund dan voor iedereen goed was geweest.

Oostenrijk had een staatshoofd dat praktisch persona non grata was en pijnlijkheid op pijnlijkheid stapelde. Buitenlandse gasten verzonnen ingewikkelde listen om Waldheim te vermijden en de Oostenrijkse bondskanselier zag zelfs het EG-lidmaatschap voor zijn land bedreigd indien Waldheim straks als president zou worden herkozen.

Kurt Waldheim verlaat nu de Buhne van de Hofburg. Na het isolement in zijn paleis zal de verbitterde eenzaamheid in zijn prive-kwartier volgen, waar de vroegere secretaris-generaal van de Verenigde Naties zal terugblikken op een wereld die hem niet begreep of, erger nog, tegen hem samenzweerde. Als het allemaal niet zo pijnlijk was, zou het bijna tragisch kunnen heten: felix Austria.