VS blokkeren ondertekening verdrag Zuidpool

MADRID, 24 JUNI. De Verenigde Staten hebben dit weekeinde op het laatste moment een internationaal akkoord geblokkeerd voor de bescherming van het zuidpoolgebied. Zaterdagochtend, minder dan vierentwintig uur voor het protocol van het 'Verdrag van Madrid' door vertegenwoordigers van 39 landen plechtig zou worden ondertekend, liet Washington weten meer tijd nodig te hebben voor de bestudering van de overeengekomen tekst. Deze diplomatieke klap in het gezicht van de overige partners in het Antarctica-verdrag wordt in Madrid uitgelegd als een manier om te laten zien dat de Vrenigde Staten zich in de praktijk beschouwen als een partij die veto-recht heeft over beslissingen inzake de Zuidpool.

In april werden delegaties uit de 39 landen die het huidige, uit 1961 stammende Antarctica-verdrag hebben ondertekend het na langdurige onderhandelingen eens over een moratorium van vijftig jaar op de winning van delfstoffen in het zuidpoolgebied en een aantal andere afspraken ter bescherming van het milieu. Het akkoord werd gevierd als een grote overwinning voor de milieubeweging, die zich jarenlang heeft ingezet vor het vrijwel ongerepte werelddeel.

Tijdens de laatste onderhandelingsronde te Madrid kwamen de partijen overeen dat de afspraak niet naar olie of andere mineralen te zoeken ook na een halve eeuw in stand zou blijven, behalve wanneer de 26 'consultatieve partners' - landen met stemrecht - in het verdrag unaniem een ander besluit zouden nemen. Consultatieve partners zijn de landen die op dit moment zelfstandig wetenschappelijk onderzoek doen in het zuidpoolgebied. De afspraak kwam in de praktijk neer op een volledig verbod voor een onbepaalde tijd van alle mijnbouw, aangezien een land dit zou kunnen blokkeren.

Twee weken geleden kwamen de delegaties opnieuw in Madrid bijeen om het protocol, de precieze tekst voor het verdrag, op te stellen. Bij het begin van deze bijeenkomst maakte de Amerikaanse afvaardiging duidelijk, dat men alsnog bezwaren had gekregen tegen artikel 24 van het verdrag, waarin de unaniemegoedkeuring van de consultatieve partijen voor opheffing van het moratorium was voorzien. Ondanks het late tijdstip waarop deze bezwaren werden geuit, besloot de vergadering om in een reeks marathonsessies een nieuwe versie van dit artikel op te stellen.

Het resultaat komt neer op een concessie aan de Amerikanen: na vijftig jaar zou tot wijziging kunnen worden overgegaan wanneer driekwart van de consultatieve partijen daarmee instemt. Nadat woensdagnacht dit compromis werd bereikt, moesten de delegaties op korte termijn de goedkeuring van hun regeringen hiervoor verwerven. Vrijdag bleek dit in 38 gevallen te zijn gelukt. Alleen de Amerikanen vroegen nog tot twee uur 's nachts de tijd om op antwoord uit Washington te kunnen wachten. Zaterdagochtend moesten zij meedelen dat men zich in hun hoofdstad nog geen oordeel over de nieuwe tekst had kunnen of willen vormen.

De kater in Madrid was groot. Juist op aandringen van de Amerikaanse delegatie had men immers de ondertekening van het protocol voor zondag 23 juni op de agenda gezet, precies dertig jaar nadat het eerste Antarctica-verdrag in werking trad. De Amerikaanse vertegenwoordigers toonden zich duidelijk gegeneerd over de gang van zaken, maar verwezen voor commentaar naar Washington. Een woordvoerder van het State Department kon vanochtend geen nadere toelichting geven.

In de wandelgang van de bijeenkomst viel echter te beluisteren dat de instructies aan de Amerikaanse delegatie niet van het ministerie van buitenlandse zaken, maar rechtstreeks van het Witte Huis afkomstig waren. Chef-staf John Sununu zou persoonlijk voor het uitstel verantwoordelijk zijn. Als mogelijke motief werd het onderstrepen van de leidende rol van de Verenigde Staten genoemd. De Amerikanen zouden duidelijk willen maken dat zij meer zijn dan slechts een van de negendertig partners in het verdrag. Daarnaast is het niet ondenkbaar, dat het Witte Huis onder druk staat van de grote oliemaatschappijen om zich niet al te zeer vast te leggen op natuurbeschermingsmaatregelen voor de verre toekomst.

Wellicht speelt bij de Amerikanen ook ongenoegen mee over het ontmantelen van het in 1988 gesloten Antarctische Mineralen-verdrag.

Dit minder vergaande verdrag, waarover zeven jaar was onderhandeld, is nog voor het in werking kon treden opengebroken op initiatief van Frankrijk en Australie, onder druk van milieu-organisaties zoals Greenpeace en tot woede van onder andere de Verenigde Staten en Japan.

Het zou nu door het Verdrag van Madrid vervangen moeten worden.

Volgens de Amerikanen dient het uitstel van ondertekening niet zondermeer als afstel te worden opgevat. Afgesproken is, dat getracht zal worden binnen afzienbare tijd opnieuw in Madrid bijeen te komen om alsnog een protocol op te stellen. Dit zou moeten gebeuren voordat op 7 oktober in Bonn de volgende reguliere bijeenkomst begint van de landen van het Antarctica-verdrag.